• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Samenvatting Encycliek "Caritas in Veritate"

De encycliek Paus Benedictus XVI - Encycliek
Caritas in Veritate
Liefde in Waarheid - Over de integrale ontwikkeling van de mens in liefde en waarheid
(29 juni 2009)
die vandaag, 7 juli, is gepubliceerd, bestaat uit een inleiding, zes hoofdstukken en een conclusie. Hij is gedateerd op 29 juni 2009, het Hoogfeest van de HH Petrus en Paulus. Een samenvatting van de Paus Benedictus XVI - Encycliek
Caritas in Veritate
Liefde in Waarheid - Over de integrale ontwikkeling van de mens in liefde en waarheid
(29 juni 2009)
is door het Persbureau van de Heilige Stoel vrijgegeven.

Inleiding (nrs. 1-9)

In de inleiding roept de Paus in herinnering dat "liefde de kern van de sociale leer van de Kerk is". Maar, gegeven het risico dat dit "verkeerd begrepen wordt en losgemaakt van leven volgens de moraal", waarschuwt hij dat "een christendom van liefde zonder waarheid gemakkelijk verwisseld kan worden met een hoeveelheid goede, voor het sociale leven nuttige, maar toch bijkomstige gevoelens".

De Heilige Vader maakt duidelijk dat ontwikkeling behoefte heeft aan waarheid. In deze context staat hij stil bij twee "criteria voor het morele handelen": gerechtigheid en het algemeen welzijn. Alle christenen zijn geroepen tot liefde, ook op een "institutionele wijze" die van invloed is op het leven van de ‘polis’, de stad, dat wil zeggen de sociale samenleving.

Hoofdstuk 1 - De boodschap van Z. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
(nrs. 10-20)

In het eerste hoofdstuk ligt de nadruk op de boodschap van Z. Paus Paulus VI - Encycliek
Populorum Progressio
Over de ontwikkeling van de volken
(26 maart 1967)
, van Paus Paulus VI, die "de nadruk legde op de absoluut noodzakelijke rol van het Evangelie voor de opbouw van een samenleving in vrijheid en gerechtigheid … Het christelijk geloof rekent niet op voorrechten of machtsposities … maar alleen op Christus". Paulus VI "wees erop dat de oorzaken van onderontwikkeldheid niet primair van materiële aard zijn". Ze liggen vooral aan de wil, het denken, en meer nog aan het "gebrek aan broederschap tussen mensen en volken".

Hoofdstuk 2 - De menselijke ontwikkeling in onze tijd (nrs. 21-33)

"Menselijke Ontwikkeling in Onze Tijd" is het thema van het tweede hoofdstuk. "Als winst", zo schrijft de Paus, "het enige streven wordt, dat wordt gerealiseerd door ongepaste middelen en zonder het algemeen welzijn als uiteindelijk doel, lopen we het risico de rijkdom te vernietigen en armoede te scheppen". In deze context noemt hij een aantal "defecten" van de ontwikkeling op: financiële handelingen die hoofdzakelijk speculatief zijn, stromen van migranten dikwijls uitgelokt door bepaalde omstandigheden en daarna slecht begeleid, en de ongeregelde exploitatie van de hulpbronnen van de aarde". Met het oog op deze onderling verbonden problemen doet de Paus een beroep op een "nieuwe humanistische synthese", waarbij hij opmerkt dat "ontwikkeling vandaag de dag uit vele elkaar overlappende lagen bestaat: … In absolute getallen groeit de rijkdom van de wereld, maar de verschillen vermeerderen zich" en er ontstaan nieuwe vormen van armoede.

Op cultureel niveau, zo gaat de encycliek verder, openen de mogelijkheden van interactie nieuwe perspectieven voor de dialoog, maar hierin schuilt wel een dubbel gevaar: een "cultureel eclecticisme", waarbij alle culturen "in essentie als gelijkwaardig" worden beschouwd, en het tegenovergestelde gevaar van "culturele vervlakking en de kritiekloze aanvaarding van soorten gedrag en levensstijlen". In deze context noemt Paus Benedictus ook het schandaal van de honger en spreekt hij zijn hoop uit voor een "rechtvaardige landbouwhervorming in ontwikkelingslanden".

De Paus staat tevens stil bij de kwestie van eerbied voor het leven, "die op geen enkele manier gescheiden kan worden van kwesties met betrekking tot de ontwikkeling van volken", waarbij hij bevestigt dat "als een samenleving zich beweegt in de richting van de ontkenning of de onderdrukking van het leven, die uiteindelijk niet meer de noodzakelijke motivering en energie vindt om te streven naar het ware goede voor de mens".

Nog een kwestie die verband houdt met ontwikkeling is het recht op godsdienstvrijheid. "Geweld", zo schrijft de Paus, "remt de authentieke ontwikkeling af", en dit "geldt vooral voor terrorisme dat gemotiveerd is door fundamentalisme".

Hoofdstuk 3 - Broederschap, economische ontwikkeling en burgerlijke samenleving (nrs. 34-42)

Hoofdstuk drie van de Paus Benedictus XVI - Encycliek
Caritas in Veritate
Liefde in Waarheid - Over de integrale ontwikkeling van de mens in liefde en waarheid
(29 juni 2009)
– Broederschap, Economische Ontwikkeling en Burgerlijke Samenleving – opent met de passage waarin de "ervaring van de gave" wordt geprezen, die dikwijls onvoldoende wordt herkend, "op grond van een zuiver productiegerichte en utilitaristische kijk op het bestaan". Toch moet ontwikkeling, "als die werkelijk menselijk is, plaats maken voor het principe van de gave". Wat betreft de logica van de markt, die "moet gericht zijn op het nastreven van het algemeen goed, waarvoor in het bijzonder ook de politieke gemeenschap verantwoordelijkheid moet nemen".

Met verwijzing naar H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Centesimus Annus
Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de encycliek Rerum Novarum
(1 mei 1991)
, legt deze encycliek nadruk op de "behoefte aan een systeem met drie onderwerpen: de markt, de staat en de burgerlijke samenleving" en moedigt het "beschaven van de economie" aan. De nadruk wordt gelegd op "economische vormen gebaseerd op solidariteit" en er wordt aangegeven hoe "zowel de markt als de politiek mensen nodig heeft die openstaan voor wederzijdse gave".

Het hoofdstuk besluit met een nieuwe evaluatie van het verschijnsel globalisering, dat niet gezien moet worden als enkel een "socio-economisch proces". Globalisering moet "een op de mens gebaseerd en op de gemeenschap gericht cultureel proces van wereldwijde integratie bevorderen, dat openstaat voor transcendentie" en in staat is de eigen defecten te corrigeren.

Hoofdstuk 4 - De ontwikkeling van de volken, rechten en plichten, milieu (nrs. 43-52)

Het vierde hoofdstuk van de Paus Benedictus XVI - Encycliek
Caritas in Veritate
Liefde in Waarheid - Over de integrale ontwikkeling van de mens in liefde en waarheid
(29 juni 2009)
concentreert zich op het thema: "De Ontwikkeling van de Volken, Rechten en Plichten, Milieu". Regeringen en internationale organisaties, zo zegt de Paus, kunnen "de objectiviteit en de ‘onschendbaarheid’ van rechten niet uit het oog verliezen". In deze context besteedt hij ook aandacht aan "de problemen op het terrein van de bevolkingsgroei".

Hij bevestigt opnieuw dat seksualiteit "niet gereduceerd kan worden tot niet meer dan genot of vermaak". Staten, zo zegt hij, "zijn geroepen om beleid te maken dat de centrale positie en de integriteit van het gezin bevordert."

"De economie heeft de ethiek nodig om goed te functioneren", zo gaat de Heilige Vader verder, en "niet zo maar een ethiek maar een ethiek die mensgericht is". Deze centrale positie van de menselijke persoon moet ook het leidende principe zijn bij "ontwikkelingsprogramma’s" en bij internationale samenwerking. "Internationale organisaties", zo stelt hij voor, "zouden de werkelijke doeltreffendheid van hun bureaucratische en administratieve apparaat weleens kunnen bevragen, dat dikwijls buitensporig veel geld kost".

De Heilige Vader richt zijn aandacht ook op het energieprobleem, waarbij hij opmerkt hoe "het feit dat sommige staten, machtsgroepen en ondernemingen natuurlijke hulpbronnen – en met name energie – hamsteren, een ernstig obstakel vormt voor de ontwikkeling in arme landen … Technologisch geavanceerde samenlevingen kunnen en moeten hun eigen energieverbruik verminderen", zegt hij, terwijl hij tevens "onderzoek naar alternatieve vormen van energie" aanmoedigt.

Hoofdstuk 5 - De samenwerking van de familie van de mensheid (nrs. 53-67)

"De Samenwerking van de Familie van de Mensheid" is de titel en het aandachtspunt van hoofdstuk vijf, waarin Paus Benedictus benadrukt hoe "de ontwikkeling van volken vooral afhangt van de erkenning dat het menselijk ras één enkele familie vormt". Daarom kunnen het christendom en andere godsdiensten "alleen hun bijdrage leveren aan ontwikkeling als God een plaats heeft in het openbare leven".

De Paus refereert ook aan het subsidiariteitsprincipe, dat de mens helpt "middels de autonomie van organisaties op tussenniveau". Subsidiariteit, zo legt hij uit, "is het meest effectieve tegengif voor iedere vorm van alomvattende welvaartsstaten" en is "heel erg geschikt om globalisering in de hand te houden en te richten op authentieke menselijke ontwikkeling".

Benedictus roept de rijke staten op "grotere delen van hun bruto nationaal inkomen aan ontwikkelingshulp toe te wijzen", en daarmee hun verplichtingen nakomen. Hij drukt ook de hoop uit dat er meer toegang tot onderwijs zal komen, en nog meer tot "de volledige vorming van de persoon", waarbij hij benadrukt dat relativisme iedereen armer maakt. Een voorbeeld hiervan, zo schrijft hij, is het perverse verschijnsel van sekstoerisme. "Het is verdrietig te constateren dat deze activiteit dikwijls plaats vindt met de steun van plaatselijke regeringen", zegt hij.

Dan overweegt de Paus de "historische" kwestie van de migratie. "Iedere migrant", zo zegt hij, "is een menselijk persoon die als zodanig fundamentele, onvervreemdbare rechten bezit die door iedereen onder alle omstandigheden geëerbiedigd moeten worden".

De Paus besteedt de laatste alinea van dit hoofdstuk aan de "sterk gevoelde noodzaak" voor een hervorming van de Verenigde Naties en van "economische instellingen en de internationale financiën … Er is", zo zegt hij, "dringend behoefte aan een echt politiek wereldgezag" met "daadwerkelijke macht".

Hoofdstuk 6 - De ontwikkeling van volken en technologie (nrs. 68-77)

Het zesde en laatste hoofdstuk heet "De Ontwikkeling van Volken en Technologie". Daarin waarschuwt de Heilige Vader tegen de "prometheïsche aanmatiging" van de mensheid die denkt "zichzelf te kunnen herscheppen door de ‘wonderen’ van de techniek". Technologie, zo zegt hij, kan geen "absolute vrijheid" hebben.

"Een zeer belangrijk slagveld in de huidige culturele strijd tussen de aanspraak op oppermacht van de technologie en de morele verantwoordelijkheid van de mens is het gebied van de bio-ethiek", zegt Benedictus XVI, en hij voegt daaraan toe: "Rede zonder geloof is gedoemd vast te lopen in een illusie van eigen almacht". De sociale kwestie, zo stelt hij, is een antropologische kwestie geworden. Experimenteren met embryo’s en klonen wordt "aangemoedigd in de zwaar teleurgestelde cultuur van vandaag, die gelooft ieder mysterie onder de knie te hebben". De Paus uit ook zijn bezorgdheid over een mogelijk "systematisch eugenetisch programmeren van geboorten".

Conclusie (nrs. 78-79)

In de conclusie van zijn Paus Benedictus XVI - Encycliek
Caritas in Veritate
Liefde in Waarheid - Over de integrale ontwikkeling van de mens in liefde en waarheid
(29 juni 2009)
benadrukt Benedictus XVI hoe "ontwikkeling behoefte heeft aan mensen die hun armen in gebed opheffen tot God", evenals aan "liefde en vergeving, zelfverloochening, aanvaarding van anderen, rechtvaardigheid en vrede".

© 2009 Vatican Information Service / Secretariaat RK Kerk

Vertaling: dr. N. Stienstra

Zie ook dossier Encycliek "Caritas in Veritate"

Publicatiedatum: 7 juli 2009
Laatst bewerkt: 31 augustus 2013


 

Uw bijdrage

RK Documenten wordt volledig beheerd door vrijwilligers. Om deze site te bekostigen zijn we afhankelijk van uw hulp.

Algemeen nut beogende instellingen

Help ons en doneer!

Uw donatie zal worden verwerkt door Stg. Mollie Payments.
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2018, Stg. InterKerk, Schiedam