• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Samenvatting door mgr. Jean-Pierre Deville, bisschop van Luik

(kerknet.be) - Paus Franciscus - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Amoris Laetitia
Over vreugde van de liefde
(19 maart 2016)
– De vreugde van de liefde
Postsynodale exhortatie van Paus Franciscus over het gezin 
Samenvatting door mgr. Jean-Pierre Deville, bisschop van Luik

De apostolische postsynodale exhortatie is het resultaat van de twee bisschoppensynodes over huwelijk en gezin, in oktober 2014 en oktober 2015. Het document is door Franciscus gedateerd op 19 maart 2016, het feest van Sint-Jozef. 
De exhortatie brengt op een getrouwe en gestructureerde manier de elementen samen van de beide synodes, waarvan eerder al de officiële besluiten werden gepubliceerd. Maar Paus Franciscus voegt er nog twee belangrijke en persoonlijke elementen aan toe: hij brengt eerst in een synthese de hele problematiek van het gezin en de liefde samen; daarvoor maakt hij toevoegingen, waarvan vooral zijn commentaar op het loflied op de liefde van Paulus (1 Ko 13, 4-7) in hoofdstuk 4 en heel hoofdstuk 8, waarin het begrip ‘situatiemoraal’ ontwikkeld wordt, opvalt. De Paus antwoordt op die manier ook onrechtstreeks op heel wat netelige kwesties zoals de communie voor hertrouwde echtgescheidenen of de plaats van homoseksuelen in de Kerk. Hij staat daarbij geen theoretische houding voor, maar kadert die elementen in een fundamentele moraal, gebaseerd op de barmhartigheid, begrip voor de breekbaarheid en het afwijzen van een definitief oordeel of veroordeling. Het is de titel die ontegensprekelijk de toon zet: Amor laetitia, de vreugde van de liefde. Een toon van vertrouwen en liefde. 

1.    Het gezin in de Bijbel: Man en vrouw, beeld van God
Het eerste hoofdstuk (8-30) is gewijd aan het gezin en het koppel in de Bijbel en als plaats van geloofsopvoeding- en overdracht. “Op een verrassende manier heeft het beeld van God juist het koppel man-vrouw als verklarende parallel” (10). Het gezin is ook een plaats van lijden en werken, en van de zelfgave.

2.    Het gezin dag in dag uit: stress!  
De titel van hoofdstuk 2 (31-57) luidt: De werkelijkheid en de uitdagingen van het gezin. Het is helemaal gewijd aan de actualiteit. En een van die actuele problemen waarmee het gezin af te rekenen heeft, is de stress (33). De Paus laat zich hier behoorlijk kritisch uit over de vaak (te) idealiserende manier waarop de Kerk het gezin heeft voorgesteld (36). Hij onderstreept de geloofwaardigheid van het gezin in de samenleving (38), ook al leven we in een cultuur van de voorlopigheid: “We moeten er erkentelijk voor zijn dat het merendeel van de mensen vindt dat de gezinsrelaties moeten standhouden in de tijd en het respect voor de andere verzekeren” (38). De Paus herinnert eraan dat de Kerk zich keert tegen staten die verplichte contraceptiva, sterilisatie en abortus voorstaan (42). Hij hamert op de problemen rond huisvesting (44), migratie (46), buitenechtelijke kinderen en mensen met een handicap (47). Hij pleit voor respect voor de senioren (48). En wat betreft de grote uitdagingen vermeldt de Paus de geloofsoverdracht (50), drugsverslaving (51), polygamie (53), geweld tegen vrouwen (54) en het misbruiken van de gendertheorie (56).

3.    Het gezin en de leer van de Kerk: de genade van het sacrament en kiemen van het Woord
Het 3de hoofdstuk is getiteld: De blik gericht op Jezus: de roeping van het gezin. Het vormt een synthese van de kerkelijke leer over het gezin. De klemtoon ligt op de bijdrage van Jezus, zijn gezinsleven en zijn woord (61-66). De Paus onderstreept de waarde van het huwelijk als sacrament (71), maar houdt ook rekening met vormen van ongehuwd samenleven, die hij “kiemen van het Woord” noemt (76-79). Hij spreekt ook over het doorgeven van het leven en de opvoeding van de kinderen (80-85). 

4.    Het gezin en de liefde: Mijn man ziet me niet staan
Hoofdstuk 4 (89-164) – De liefde in het huwelijk – gaat over de zin van de liefde. Het begint met een compacte analyse van het loflied op de liefde van Paulus ( 1 Kor 13, 4-7), die wordt toegepast op het huwelijk: “Het huwelijk is een vriendschapsband die de kenmerken van de passionele liefde integreert, maar die ook altijd gericht is op een meer stabiele en intense eenheid” (125). De Paus wijdt enkele heel concrete zinnen aan de menselijke blik: “Mijn man ziet mij niet staan, het lijkt wel alsof ik onzichtbaar voor hem ben. Kijk me toch aan als je tegen me praat!” (128). De meest intense vreugde ontstaat daar waar men de anderen gelukkig kan maken, zoals in de film Le festin de Babette (129). Het is, bij mijn weten, de eerste keer dat een Paus een film citeert in een apostolische exhortatie! Hij herinnert aan wat hij de drie sleutelwoorden in het leven van een koppel noemt: “Alstublieft, dank u wel en vergeef me” (133). Hij spreekt over dialoog, passionele liefde en de seksuele dimensie: “Seksualiteit is een intermenselijke taal waarin de ander wordt gerespecteerd, met zijn/haar heilige en onschendbare waarde (151). “De meest heilzame erotiek, ook al is ze verbonden aan het zoeken naar genot, veronderstelt een zekere ontsteltenis en kan op die manier de impulsen vermenselijken” (151). De Paus weet ook dat seksualiteit bron van lijden en manipulatie kan worden (154). We moeten ons blijven verzetten tegen elke vorm van seksuele onderwerping (156). Ook kiezen voor maagdelijkheid is een vorm van liefde. “Maagdelijkheid heeft immers de symbolische waarde van de liefde die niet de behoefte voelt om de andere te bezitten” (161).

5.    Gezin en vruchtbaarheid: Het mysterie van de schepping
Centraal in het 5de hoofdstuk, met als titel: Liefde die vruchtbaar wordt (166-198) staat de gave van het leven en het verwelkomen van kinderen. De Paus heeft het over de ervaring van zwangerschap voor een vrouw (168). Hij heeft ook oog voor de waarde van het vaderschap. Maar hij bekijkt vruchtbaarheid vanuit een breder perspectief als hij het heeft over adoptie en de opvang van armen (183). Hij schrijft over het lot van kinderen en senioren (191). Hij onderstreept het belang van het historische geheugen van oudere mensen (193). Hij heeft het over de ervaring van broederlijkheid (194). En hij verliest situaties zoals die van eenoudergezinnen, tienermoeders, mensen met een handicap en zieken niet uit het oog.

6.    Het gezin in de pastorale begeleiding: Niet ophouden met dansen
Hoofdstuk 6 heeft als titel: Enkele pastorale perspectieven (199-258). Het begint met de pastorale begeleiding van gezinnen in de parochie en de Kerk. Maar de Paus brengt ook de affectieve vorming van seminaristen ter sprake (203). Hij schetst de begeleiding van verloofden en de voorbereiding op het huwelijk (205), die op de huwelijksviering inbegrepen. Maar ook de pastorale begeleiding van de jonggehuwden komt ter sprake (217). Hij haalt af en toe persoonlijke herinneringen op: “Ik herinner me een refrein waarin gezongen werd dat stilstaand water gaat stinken en bederft. Dat is wat er gebeurt als het liefdesleven uit de eerste jaren van het huwelijk stagneert, ophoudt in beweging te zijn, de onrust mist die het koppel vooruit duwt. De dans, die de jonge liefde vooruit stuwt, de dans met die verrukte blik vol hoop mag nooit ophouden” (219). Maar ook crises tekenen het leven van een koppel (232), “zij maken deel uit van zijn dramatische schoonheid” (232). Die breuken en scheidingen moeten begeleid kunnen worden (241). “Het is belangrijk aan gescheiden mensen die een nieuwe verbintenis gesloten hebben, te laten voelen dat ze wel degelijk deel uitmaken van de Kerk, dat ze niet uit de gemeenschap gestoten worden (243). Voor hen moeten de procedures voor de nietigverklaring van het huwelijk toegankelijker worden gemaakt (244). Partners moeten zich ervoor hoeden de kinderen niet als gijzelaars te gebruiken als het tot een scheiding komt, schrijft de Paus (245). In verband met mensen met een homoseksuele geaardheid herneemt hij de verklaring van de synodevaders: “Wij wensen eraan te herinneren dat elke menselijke persoon in zijn/haar waardigheid gerespecteerd moet worden en met respect onthaald dient te worden, wat ook zijn of haar seksuele geaardheid is” (250).  Hij herinnert eraan dat verbintenissen tussen homoseksuele mensen niet op gelijke voet kunnen worden geplaatst met het huwelijk (251). Hij leeft mee met gezinnen die in rouw leven en wijst erop hoe belangrijk het is om zich voor te bereiden op de dood, wetende dat “het geloof ons verzekert dat de Verrezene ons nooit in de steek zal laten” (256).
 
7.    Het gezin en de opvoeding van de kinderen: met zelfs een woordje over computerspelletjes
In hoofdstuk 7 – De opvoeding van de kinderen versterken (259-290) – onderstreept de Paus het belang van “die momenten die we met onze kinderen doorbrengen, op een eenvoudige en liefdevolle manier pratend over de belangrijke dingen van het leven” (260). De school is noodzakelijk, maar kan het gezin nooit vervangen (263). Het gezin is de eerste school als het gaat over menselijke waarden (274). Over elektronische spelletjes schrijft de Paus “dat het er niet op aan komt kinderen te beletten om met hun elektronische spullen te spelen, maar om een manier te vinden in hen het vermogen op te wekken om het onderscheid te maken tussen de verschillende logica’s en de digitale snelheid niet toe te passen op alle terreinen van het leven” (275). Kinderen moeten seksuele opvoeding krijgen (280-286). En opvoeding moet ook geloofsoverdracht mogelijk maken (287-290).

8.    Complexe situaties: De breekbaarheid begeleiden
Hoofdstuk 8 met als titel De broosheid begeleiden, onderscheiden en integreren (291-312), is het meest originele hoofdstuk van de exhortatie. De Paus gebruikt er regelmatig de jij-vorm. Het gaat er in dit hoofdstuk om een volwaardige situatiemoraal uit te bouwen, op het concrete terrein; een moraal die verankerd is in de menselijke geschiedenis. Die capaciteit om de gewetenskwesties af te bakenen, die men ook de casuïstiek noemt, is een specialiteit van de jezuïeten en overduidelijk een van de favoriete terreinen van Paus Franciscus. Hij dringt aan op een “gradualiteit in de pastoraal”, een begrip dat al door Paus Joannes Paulus II is ontwikkeld (295). Hij wijst erop dat veel situaties in de praktijk ver af staan van het ideaal. Daarom dringt hij aan op het onderscheidingsvermogen in situaties die “onregelmatig worden genoemd”. Het is het terrein van de goddelijke pedagogie waarover de synode sprak (297). “Echtgescheidenen die een nieuwe verbintenis aangaan bijvoorbeeld, kunnen zich in heel uiteenlopende situaties bevinden, die daarom niet moeten gecatalogiseerd of weggezet worden in al te rigide uitspraken” (298). “De logica van de integratie is de sleutel van hun pastorale begeleiding” (299).

Een dubbele moraal?
Dankzij de concrete pastorale ontmoeting tussen een persoon en een pastor “vermijden we het risico dat een bepaalde vorm van onderscheiding(svermogen) ertoe aanzet te denken dat de Kerk een dubbele moraal erop na zou houden” (300): de Paus introduceert hier het antwoord op een bezwaar en herwaardeert een element dat hem dierbaar is: het gesprek en de dialoog als basis van gedrag. 

Verzachtende omstandigheden
“De Kerk beschikt over een gedegen reflectie over beïnvloedende en verzachtende omstandigheden” (301). “Iemand kan, ook al kent hij de norm, zich in bepaalde concrete omstandigheden bevinden die het hem niet toelaten anders te handelen of andere beslissingen te nemen zonder een nieuwe fout te begaan” (301). “Het is daarom dat een negatief oordeel over een objectieve situatie geen oordeel inhoudt over de toerekenbaarheid of over de schuld van de betrokken persoon (302). De Paus baseert zich op Sint-Thomas van Aquino, die aantoonde dat als men van het algemene overgaat naar het bijzondere er altijd een zekere onbestemdheid heerst (304). “Het is mogelijk dat in een objectieve situatie van zonde, die subjectief niet of toch niet helemaal schuldig is, men toch in Gods genade kan leven, liefhebben en groeien in een leven van genade en naastenliefde” (305).

Wit et zwart of niet oordelen
De Paus dringt aan op de noodzaak om een dualistische analyse te overstijgen. “Door te geloven dat alles wit of zwart is, sluiten we soms de weg van de genade en de groei af en ontmoedigen we mensen op hun tocht naar heiliging (305). “In om het even welke omstandigheden moet tegenover mensen die moeite hebben om ten volle volgens de goddelijke wet te leven altijd de uitnodiging blijven doorklinken om de via caritatis te gaan. De broederlijke liefde is de eerste wet van de christenen” (306). 

Rekening houden met de broosheid
De Paus staat lang stil bij het begrip breekbaarheid: “Ik geloof eerlijk gezegd dat Jezus een Kerk wil die aandacht heeft voor het goede dat de Geest uitstort over de wereld van de menselijke breekbaarheid” (308). “Pastores die gelovigen het ideaal van het Evangelie en de kerkelijke leer voorhouden, moeten hen ook helpen om zich de logica van het medelijden met breekbare mensen eigen te maken en vervolging of al te harde en ongeduldige oordelen vermijden. Het Evangelie zelf vraagt ons niet te oordelen noch te veroordelen (cf. Mt 7,1)” (308). “Wij worden geroepen om de barmhartigheid te beleven (…) Het is geen romantische voorstelling van zaken of een zwak antwoord op de liefde van God, die mensen altijd wil bevorderen, omdat de balk waarop het leven van de Kerk steunt de barmhartigheid is” (310). 

Geen salonreflectie, maar een moraal in dialoog
De Paus levert de hermeneutische sleutel van zijn benadering als hij schrijft: “Dit levert een kader en een klimaat die ons moeten behoeden voor een kille kantoormoraal als wij de meest delicate thema’s behandelen; het is een kader dat ons eerder in een context plaatst van pastoraal onderscheidingsvermogen vervuld van barmhartige liefde, altijd bereid te begrijpen, te vergeven, te begeleiden, te hopen en vooral te integreren” (312). “Ik nodig de gelovigen die in een complexe situatie verkeren uit met vertrouwen het gesprek op te zoeken met hun pastores of met leken die een leven leiden dat toegewijd is aan de Heer (…) En ik nodig de pastores uit te luisteren met aandacht en sereniteit, met het eerlijke verlangen zich in te leven in het hart van het drama van mensen en hun standpunt te begrijpen, om hen te helpen beter te leven en hun plaats in de Kerken te herkennen” (312). 

9.    Gezin en spiritualiteit: Sommigen hebben engelen onthaald
Hoofdstuk 9 is gewijd aan De spiritualiteit van het huwelijk en het gezin (313-325). De Paus schrijft: “De tegenwoordigheid van de Heer woont in het echte en concrete gezin, met al zijn lijden, strijd, vreugde en alledaagsheid” (351). “De momenten van vreugde, rust of feest, maar ook de seksualiteit worden er beleefd als een deelname aan het volle leven van de verrijzenis van Christus” (317). Het is belangrijk momenten te hebben van eenvoudig gebed in gezinsverband. We moeten een spiritualiteit van de zorg, de troost en de stimulans ontwikkelen (321). Dat houdt ook gastvrijheid in: “Door haar hebben sommigen zonder het te weten engelen onthaald” (Heb 13,2) (324).

“Geen enkel gezin is volmaakt  en voor eens en altijd kant en klaar gemaakt, maar het vereist een geleidelijke ontwikkeling van haar eigen vermogen om lief te hebben” (325).
Laat het de slotzin zijn, een zin om over na te denken.

+ Jean-Pierre Delville, bisschop van Luik

Publicatiedatum: 8 april 2016
Laatst bewerkt: 8 april 2016


 

Uw bijdrage

RK Documenten wordt volledig beheerd door vrijwilligers. Om deze site te bekostigen zijn we afhankelijk van uw hulp.

Algemeen nut beogende instellingen

Help ons en doneer!

Uw donatie zal worden verwerkt door Stg. Mollie Payments.
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2017, Stg. InterKerk, Schiedam