• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Bisschoppensynodes

De bisschoppensynode is een vergadering van Bisschoppen die, uitgekozen uit de verschillende gebieden van de wereld, op vastgestelde tijden bijeenkomen om een nauwe verbondenheid tussen de Paus en de Bisschoppen te bevorderen en om de Paus tot het behoud en de groei van geloof en zeden en tot het onderhouden en versterken van de kerkelijke discipline met hun raad behulpzaam te zijn, alsook om overleg te plegen over vraagstukken die het handelen van de Kerk in de wereld betreffen. (Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
)

Er zijn drie vormen van vergadering:

  • algemene gewone vergadering
  • algemene buitengewone vergadering
  • bijzondere vergadering

Geschiedenis

De Bisschoppensynode, waarvan de Belgische kardinaal Jan Pieter Schotte ruim achttien jaar lang secretaris-generaal was, is een permanente instelling die door Paus Paulus VI op 15 september 1965 in het leven werd geroepen. Hij gaf daarmee gehoor aan de vraag van de concilievaders, die zo hoopten de geest van Vaticanum II levendig te houden.

Het woord synode is Grieks; 'syn' betekent 'samen', 'hodos' is 'baan' of 'weg'. Het slaat dus op een samenkomst: een religieuze bijeenkomst waarin de bisschoppen rond en met de Heilige Vader verzameld zijn en de kans krijgen om met elkaar te overleggen en ervaringen en informatie uit te wisselen. Zo kunnen ze samen zoeken naar pastorale oplossingen met een universele geldigheid en toepassing. In het algemeen kan men zo'n synode omschrijven als een bijeenkomst van bisschoppen, die het katholieke episcopaat vertegenwoordigen en die de taak hebben om de Paus bij het bestuur van de universele kerk als raadgever bij te staan. Deze Paus noemde die synode al "een bijzonder vruchtbare uitdrukking en instrument van de collegialiteit van de bisschoppen".

Miniconcilie

Hoewel de Bisschoppensynode pas na het Tweede Vaticaans Concilie werd opgericht, bestond ook daarvoor al het idee van een structuur die de bisschoppen in staat zou stellen om de Paus bij het bestuur van de universele Kerk bij te staan. Kardinaal Silvio Oddi, die toen aartsbisschop en pro-nuntius was in de Verenigde Arabische Republiek (Egypte), formuleerde op 5 november 1959 het voorstel om een centraal bestuursorgaan voor de katholieke Kerk op te richten. Zelf omschreef hij dit als een 'raadgevend orgaan'. Daarmee reageerde hij op klachten uit de hele wereld dat zo'n permanent raadgevend orgaan niet bestond, met uitzondering van de Romeinse Congregaties. Hij pleitte voor een soort miniconcilie, bestaande uit mensen uit de hele wereld die zich sporadisch - bv. een keer per jaar - zouden buigen over belangrijke problemen en nieuwe wegen zouden aangeven voor de werking van de Kerk.

Kardinaal Alfrink

Op 22 december 1959 betoogde de Nederlandse kardinaal Alfrink dat het bestuur van de universele Kerk van rechtswege wordt uitgeoefend door het college van bisschoppen, waarvan de Paus het hoofd is. "Daaruit volgt dat de zorg om de universele Kerk de verantwoordelijkheid is van elke bisschop, individueel, maar in een andere betekenis ook door alle bisschoppen die participeren aan het bestuur van de Kerk wereldwijd." Volgens kardinaal Alfrink kon dit niet alleen gestalte krijgen door het samenroepen van een oecumenisch concilie, maar ook door het in het leven roepen van een nieuwe instelling, "mogelijk een permanente raad van gespecialiseerde bisschoppen, die door de Kerk verkozen zijn" en "die verenigd zijn met de Heilige Vader en de kardinalen van de Romeinse Curie". In concreto zou dit betekenen dat de Romeinse Congregaties enkel nog een raadgevende en uitvoerende macht zouden behouden.

Bisschoppensynode

Een beslissende stap werd gezet dankzij Paus Paulus VI, toen nog aartsbisschop van Milaan. Bij een herdenking van het overlijden van Paus Johannes XXIII verwees hij naar de bestaande samenwerking van het episcopaat, dat de verantwoordelijkheid zou krijgen om de hele katholieke Kerk te besturen. Na zijn Pausverkiezing keerde hij terug naar het concept van samenwerking van de bisschoppen, verenigd met de opvolger van de Heilige Petrus. Hij verdedigde dit concept onder meer tijdens een Z. Paus Paulus VI - Toespraak
Tot de Romeinse Curie
(21 september 1963)
(op 21 september 1963), en tijdens de Z. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
(op 29 september 1963) en opnieuw bij Z. Paus Paulus VI - Toespraak
Tempus Iam Advenit
Plechtige sluiting van de 2e Zittingsperiode van het Tweede Vaticaans Concilie
(4 december 1963)
(op 4 december 1963).
Op het Z. Paus Paulus VI - Toespraak
In hoc laetemur
Bij de opening van de 4e Zittingsperiode van het Tweede Vaticaans Concilie
(14 september 1965)
de laatste sessie van Vaticanum II (op 14 september 1965), maakte Paus Paulus VI zijn intentie bekend om een Bisschoppensynode op te richten. Die zou grotendeels zijn samengesteld door bisschoppen die worden voorgedragen door de bisschoppenconferenties, met toestemming en geroepen door de Paus, overeenkomstig de noden van de Kerk. Zij zouden hem raad geven en met hem samenwerken op ogenblikken waarop dat opportuun is voor de Kerk. De volgende dag, op 15 september 1965, bij het begin van de 128ste algemene vergadering, kondigde bisschop Pericle Felici, de secretaris-generaal van het Concilie, het motu proprio Z. Paus Paulus VI - Motu Proprio
Apostolica Sollicitudo
Oprichting van de Synode van Bisschoppen voor de universele Kerk
(15 september 1965)
af waarmee de Bisschoppensynode officieel werd ingesteld.

Bisschoppensynode verloopt in drie fases

Een Bisschoppensynode mag niet verengd worden tot een maand vergaderen. Aan de bijeenkomst ging een heel proces van voorbereiding en overleg vooraf. Tijdens de eerste fase geven de synodeleden een korte voorstelling van de situatie in hun kerkgemeenschap. Op basis van deze presentaties selecteert de rapporteur een reeks discussiepunten voor de tweede fase, waarin de synodeleden in kleine taalgroepen (circuli minores) verdeeld worden. In de derde fase gaat men in de kleine groepjes een aantal suggesties doen en voorstellen formuleren in een meer precieze en definitieve vorm, zodat men tijdens de slotdagen kan stemmen over concrete voorstellen. Het werk van de synodevaders in deze kleine groepjes bestaat er aanvankelijk vooral in een aantal voorstellen uit te werken op basis van de discussies in de synodehal en de verslagen van de kleine groepjes. In deze circuli minores kan over de voorstellen gestemd worden met 'placet' (ja) en 'non placet' (neen). De proposities van de kleinere groepen worden doorgespeeld aan de rapporteur en de bijzondere secretaris en opgenomen in een gecombineerde en geïntegreerde lijst van voorstellen, die door de rapporteur tijdens de plenaire vergadering worden voorgesteld. Daarna gaat men opnieuw in de groepen vergaderen om over deze voorstellen te overleggen. In deze fase kunnen de synodevaders amendementen bij deze voorstellen formuleren. Ook nu weer verzameld de rapporteur en de bijzondere secretaris deze amendementen, die al of niet in de uiteindelijke lijst van voorstellen kunnen opgenomen worden.

Aan het einde van de synode tracht de algemene secretaris van de Bisschoppensynode zicht te krijgen op het archiveren van het materiaal en het uitwerken van een rapport van het werk van de synode, dat later aan de Paus ter goedkeuring wordt voorgelegd.

Regelingen, over hoe een Synode gehouden moet worden, zijn meerdere keren vastgelegd:


Laatste wijziging: 18 oktober 2017

Overzicht van de Bisschoppensynodes

    gewone buitengewone speciale
Pontificaat van Paus Paulus VI
1 29.9-29.10

1967

1.

Behoud en versterking van het Katholiek Geloof

   
2 11.9-28.10

1969

  1.

Collegialiteit van Bisschoppen en Paus en over de relatie van Bisschoppenconferenties met de Paus en met de individuele Bisschoppen

 
3 30.9-6.11

1971

2.

Het ministeriƫle priesterschap en de rechtvaardigheid in de wereld

   
4 27.9-26.10

1974

3.

Evangelisatie van de hedendaagse wereld

   
5 30.9-29.10

1977

4.

Catechese in onze tijd

   
Pontificaat van Paus Johannes Paulus II
6 14.1-31.1

1980

    1.

Voor Nederland:

Over de pastorale situatie in Nederland

  24.3-27.3

1980

  Ukraïnse Bisschoppen  
7 26.9-25.10

1980

5.

Het Christelijk Gezin

   
8 29.9-23.10

1983

6.

Boete en verzoening in de missie van de Kerk

   
9 24.11.-8.12

1985

  2.

De twintigste verjaardag van de sluiting van het Tweede Vaticaans Concilie

 
10 1.10-30.10

1987

7.

De roeping en de missie van de leken in de Kerk en in de wereld

   
11 30.9-28.10

1990

8.

De voming van priesters onder de huidige omstandigheden

   
12 28.11-14.12

1991

    2.

Eerste voor Europa:

"Opdat we getuigen mogen zijn van Christus die ons vrij heeft gemaakt"

13 10.4-8.5

1994

    3.

Eerste voor Afrika:

De Kerk in Afrika en haar missie in de evangelisatie naar het jaar 2000 "Gij zult mijn getuigen zijn" (Hand. 1, 8)

14 2.10-29.10

1994

9.

Het religieuze leven en haar rol in de Kerk en de wereld

   
15 26.11-14.12

1995

    4.

Voor Libanon:
Christus onze hoop: vernieuwd door Zijn geest, in solidariteit getuigenis geven van Zijn liefde
Paus Johannes Paulus II - Ap. Postsyn. Exhortatie: Z. Paus Paulus VI - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Een nieuwe hoop voor Libanon
N.a.v. de Bijzondere Bisschoppensynode voor Libanon (10 mei 1997)

16 16.11-12.12

1997

    5.

Voor Amerika:

Ontmoeting met de levende Jezus Christus: de weg van omkeer, gemeenschap en solidariteit met Amerika

17 19.4-14.5

1998

    6.

Voor Azië:

Jezus Christus de Redder en Zijn missie van liefde en dienst in Azië: " Opdat zij leven mogen hebben en dat ze het in overvloed hebben" (Joh. 10, 10)

18 22.11-12.12

1998

    7.

Voor Oceanië:

Jezus Christus en de volkeren van Oceanië: Zijn weg gaan, de Waarheid vertellen, Zijn leven leiden

19 1.10-23.10

1999

    8.

Tweede voor Europa:

Jezus Christus, levend in Zijn Kerk, bron van hoop voor Europa

20 30.9-27.10

2001

10.

De Bisschop: Dienaar van het Evangelie van Jezus Christus als hoop voor de wereld

   
Pontificaat van Paus Benedictus XVI
21 2.10-29.10

2005

11.

Eucharistie: Bron en hoogtepunt van het Leven en de Missie van de Kerk

   
22 4.10-25.10
2009
    9.

Tweede voor Afrika

De Kerk in Afrika in dienst van de verzoening, rechtvaardigheid en vrede

23 5.10-26.10

2008

12.

Het Woord van God in het leven en de zending van de Kerk

   
24 10.10-24.10
2010
    10.
Bisschoppen uit het Midden Oosten: "De Kerk in het Midden Oosten: gemeenschap en getuigenis: "De grote groep gelovigen was één van hart en ziel." (Hand. 4, 32)
25

7.10-28.10
2012

13.
Nieuwe evangelisatie voor het overdragen van het christelijk geloof

   
Pontificaat van Paus Franciscus
26 5.10-19.10
2014
  3.
Familiesynode
 
27 2015 14.
Familiesynode (2015) (doorwerking "Familiesynode"
   
28 2018 15. Jongeren, geloof en onderscheiding van roeping    
29 2019     11.
"Amazone-synode"


Zie ook:

Referenties naar dit dossier

RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2018, Stg. InterKerk, Schiedam