• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Toelichting bij Salvete


Laatste wijziging: 29 augustus 2016

VOORWOORD

De zeer belangrijke toespraak, waarmee Paus Pau­lus VI op 29 september 1963 de tweede zittingsperiode van het Tweede Vaticaans Oecumenisch Concilie open­de, is volgens de woorden van de paus zelf bedoeld als een dubbele inleiding, nl. op het Concilie - te­vens op zijn pontificaat. Ze neemt voorlopig de plaats in van de eerste encycliek, waarmee een paus zich gewoonlijk tot Kerk en wereld richt om zijn program bekend te maken. "Waarom zouden wij", zo zegt de paus, "schriftelijk meedelen, wat wij, door een uiterst gelukkige omstandigheid - dit oecumenisch concilie -, u rechtstreeks en mondeling kunnen zeggen... Wij menen, dat op dit ogenblik onze toespraak als inlei­ding kan dienen zowel op dit concilie als op ons pon­tificaat... Moge daarom ons woord de encycliek ver­vangen" H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
.

Wij kunnen in de toespraak H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
drie delen on­derscheiden:

  • deel I handelt over de betekenis van paus Johannes XXIII;
  • deel II over de centrale bete­kenis van Christus van het concilie;
  • deel III bespreekt scherp en zonder omwegen de doeleinden van het concilie en van het pontificaat van de nieuwe paus.

Deel I

Deel I huldigt Paus Johannes als de grote initiatief­nemer van het concilie. Hij was de paus met zijn intense pastorale instelling en de paus met zijn innig verlangen naar eenheid onder de christenen. Heel bijzonder gaat Paulus VI in op de H. Paus Johannes XXIII - Toespraak
Gaudet Mater Ecclesia
Openingstoespraak Tweede Vaticaans Concilie
(11 oktober 1962)
: deze toespraak was een profetisch woord voor onze tijd. Paus Johannes in de tweede persoon aansprekend, verklaart de H. Vader: Door het bij­eenroepen van dit concilie hebt "gij (paus Johannes) vanzelf het wantrouwen verdreven, dat sommigen ten onrechte uit het eerste Vaticaans concilie hadden opgedaan, alsof de hoogste macht, door Christus aan de paus verleend en door dat concilie erkend, zou vol­staan om de Kerk te besturen zonder hulp van oecu­menische concilies" H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
.

Als men nog zou kunnen twijfelen over de koers, die Paulus VI zou inslaan, dan maakt dit gedeelte, gelijk trouwens heel deze toespraak, het wel overdui­delijk, dat hij vastberaden de lijn van Johannes XXIII wil opnemen en verder wil doortrekken. Ook de typische, sterk pastorale oriënteIing van Paus Johannes wordt door Paulus VI voortgezet. De grote pastorale bewogenheid van de nieuwe paus is in elk van de onderdelen van deze toespraak goed te bespeuren. En al vertoont ze een ander accent dan bij Paus Jo­annes, ze is toch even sterk. De Kerk moet er zich niet toe bepalen, dwalingen te veroordelen, maar zij moet de positieve en levenskrachtige leer verkondi­gen, want de taak van de Kerk is niet louter theore­tisch en negatief, maar praktisch; zij moet de leven­brengende kracht tonen van Christus' leer H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
.

Deel II

Deel II, dat handelt over de centrale betekenis van Christus voor het concilie en de Kerk H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
, is wellicht het mooiste en meest persoonlijke gedeelte en de eigenlijke kern van deze toespraak. Hier spreekt de paus als het ware in een mystieke vervoering zijn persoonlijke, diep doorleefde geloofsbelijdenis uit in het mysterie van de Kerk. Hier geeft hij zijn visie op de realiteit van de Kerk. Als hij de vraag stelt, wat het uitgangspunt van onze weg moet zijn, welke weg wij te volgen hebben en wat het doel van die weg dient te zijn, dan is telkens zijn antwoord: Christus, Christus het uitgangspunt, Hij de weg, Hij het doel, Hij ons vertrouwen, Hij ons licht. De Kerk is niets anders dan leven van Christus, in Christus en door Christus. Christus is het centrale punt van Kerk en Concilie. Dit sterk Christocentrische, dat wij wel iets nieuws mogen noemen van deze paus in vergelijking met Johannes XXIII, komt ook verderop terug, als Paulus spreekt over de vernieuwing van de Kerk. Men kan volgens de paus niet spreken over de Kerk zonder over Christus te spreken: Wij vormen met Hem de hele Christus H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
. En als wij overtuigd zijn, dat wij met Hem de hele Christus vormen, dan zullen ook vanzelf de doelstellingen van dit concilie voor ons begrijpelijk worden.

Deel III

Deel III geeft kort en duidelijk deze doelstellingen aan: het zichzelf-kennen van de Kerk; de vernieu­wing van de Kerk; de eenheid onder de christenen; het gesprek met de moderne wereld H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
.

Het zichzelf-kennen van de Kerk H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
.
De encycliek Paus Pius XII - Encycliek
Mystici Corporis Christi
Over het mystieke lichaam van Christus en over de vereniging die wij daarin bezitten met Christus
(29 juni 1943)
van Pius XII heeft wel een vollediger kennis van de Kerk gebracht, maar daardoor ook juist het verlangen levendiger gemaakt naar een juiste en volledige definitie van de Kerk. Het is niet te verwonderen, dat na de grote territo­riale uitbreiding van de katholieke Kerk en van an­dere christelijke gemeenschappen, die Kerken heten, de notie van de Kerk, zoals die door Christus is gesticht, om een meer nauwkeurige definitie vraagt. De Kerk van Christus is nu eenmaal een mysterie, een heilige realiteit, geheel doordrongen van Gods tegenwoordigheid, en daarom alleen reeds kan men haar altijd opnieuw en steeds dieper bestuderen. Het bewustzijn van de Kerk omtrent zichzelf is groeiend en zal steeds groeiend blijven. Hierdoor erkent de paus minstens impliciet, dat de Kerk niet slechts een statische, maar een dynamische realiteit is met een steeds voortschrijdende progressie. Drs. F. Haarsma, De Tijd-De Maasbode van 4 oktober 1963 De paus acht thans de tijd gekomen om deze grotere zelfkennis van de Kerk, die zij door haar eigen ontwikkeling en die van de andere christelijke gemeenschappen heeft verworven, uit te drukken in klare formuleringen, misschien niet in plechtige uitspraken, die men dog­matische definities noemt, maar wel in verklaringen, waarin de Kerk door een duidelijker en gezagvoller uitspraak aan zichzelf zegt, wat zij van zichzelf denkt H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
. Wil de Kerk echter een steeds grotere kennis omtrent zichzelf blijven verkrijgen, dan moet zij trouw zijn aan Christus, zich spiegelen in Chris­tus, als Bruid van Christus in Hem haar beeld zoeken H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
. Terloops zij hier erop gewezen, dat voor het eerst in een pauselijk document met betrek­king tot de afgescheiden christengemeenschappen wordt gesproken van Kerken H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
.

Het hoofdthema van deze tweede zittingsperiode van het concilie zal dus zijn: een juiste en zo volledig mogelijke definitie geven van de Kerk, waardoor het voor onze afgescheiden broeders gemakkelijker zal worden, de weg naar de algehele eenheid van opvat­tingen te vinden H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
. Bij de behandeling van de Kerk is een van de eerste kwesties die van het episcopaat. Het Eerste Vaticaans Concilie heeft dogmatische uitspraken gedaan omtrent de paus, maar thans moet de leer uitgediept worden omtrent het episcopaat, omtrent zijn functies en zijn betrekkingen tot Petrus. De paus is zich ten volle bewust van het moeilijke van deze taak van het concilie. En het is alsof hij toch minstens rekent op praktische oplossingen voor het geval de tijd nog niet rijp zou zijn voor doctrinaire verklaringen over deze punten, zoals schijnt te blijken uit deze woorden: "ofschoon het universeel ambt van de paus de volheid en toereikend. heid van macht bezit, kan het toch grotere hulp en steun ontvangen, als de bisschoppen een krachtiger en meer verantwoordelijke medewerking zullen bie­den overeenkomstig op te stellen normen" H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
.

De vernieuwing van de Kerk H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
.
Deze ver­nieuwing moet ook haar uitgangspunt hebben in Christus, in een sterk besef van de Kerk omtrent haar band met Christus. Gelijk gezegd, heeft de paus een diepgelovige visie op het goddelijk karakter van de Kerk, maar hij blijft toch zeer reëel en is niet blind voor het aardse leven van de Kerk, voor haar gebreken en tekortkomingen. Als de Kerk nu bij een nauwkeurig gewetensonderzoek een vlek of schaduw op haar gelaat bespeurt, dan moet zij onherroepelijk terug naar Christus, zich in Christus vernieuwen, zich aan Christus gelijkvormig maken en Zijn heiligheid navolgen. Dan alleen kan zij aan heel de wereld haar gelaat tonen met de woorden: Wie Mij ziet, ziet ook de Vader H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
. Een vernieuwing van de Kerk vereist allereerst, dat de Kerk een innerlijke en uiter­lijke vitaliteit van leven heeft. En aangezien de twee grote beginselen van het leven van de Kerk zijn: ge­loof en liefde, moet de Kerk vooral het geloof ver­levendigen en de liefde intensiveren. De Kerk moet een Kerk van liefde zijn, wil zij zich volmaakt ver­nieuwen H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
.
De eenheid onder de christenen H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
.
De paus begint met te constateren, dat de bewegingen, die binnen de afgescheiden christelijke gemeenschap­pen bestaan en die zich, vooral in de laatste tijd, steeds meer ontwikkelen, twee dingen duidelijk ge­maakt hebben, nl. dat de Kerk één moet zijn, en dat deze eenheid slechts gerealiseerd kan worden door eenheid van geloof, eenheid van Sacramenten en door een organische harmonie van één kerkelijke leiding, waarbij echter de paus direct en uitdrukkelijk ver­klaart, dat verscheidenheid in de eenheid mogelijk is, bijv. verscheidenheid van riten, taal, gebruiken enz. H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
. In de verhouding tot de afgescheiden broeders heeft dit concilie een geheel eigen karakter. Het wil een eenheidsconcilie zijn, niet in de zin, dat het nu reeds de eenheid tot stand zal brengen, maar in de zin, dat het de weg baant voor die eenheid, een eenheidsconcilie op weg naar de eenheid H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
.

Via de waarnemers richt de paus dan een groet van liefde tot de eerbiedwaardige christengemeenschap­pen, die door deze waarnemers op het concilie ver­tegenwoordigd zijn, en dan volgt vrij onverwacht het grote moment van deze toespraak, nl. het Confiteor van de katholieke Kerk, waarop door velen reeds zo­lang gewacht werd, en dat na het Confiteor van paus Adrianus VI op de rijksdag van Regensburg in 1522 nooit meer zo nadrukkelijk door een paus werd geformuleerd: "Indien wij enige schuld hebben aan deze scheiding, dan vragen wij God nederig om ver­giffenis, en ook onze broeders zelf vragen wij om vergiffenis, indien zij zich door ons beledigd voelen. Wij van onze kant zijn van harte bereid, het onrecht en het leed te vergeten, dat de katholieke Kerk verduurd heeft tengevolge van de jarenlange scheiding" H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
. Ook hier echter blijft de paus de situatie reëel zien. Uiteraard hoopt hij van harte op een spoedige eenheid; toch is hij niet blind voor de vele problemen die er nog bestaan en die nog niet rijp genoeg zijn voor een directe oplossing, maar "vandaag straalt de hoop, morgen wellicht de wer­kelijkheid" H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
. Tenslotte geeft de paus de beginselen aan, die volgens hem leidinggevend moe­ten zijn bij het streven naar de eenheid: eerlijkheid en oprechtheid, trouw aan het geloof, eerbied voor het aloude godsdienstig erfgoed en een nog grotere toeleg op een volmaakt christelijk leven.

Het gesprek met de moderne wereld H. Paus Paulus VI - Toespraak
Salvete
Bij de opening van de tweede zitting van het Tweede Vaticaans Concilie
(29 september 1963)
.
Het concilie heeft ook uitdrukkelijk ten doel, een brug te slaan naar de moderne wereld en tot een dia­loog met haar te komen. Hoe meer de Kerk zich be­wust wordt van haar innerlijke vitaliteit, des te meer zal zij ook haar missionaire taak inzien en vervullen. De Kerk beschouwt de moderne wereld met liefde en bewondering, en zij heeft de eerlijke wil, niet over haar te heersen, maar haar te dienen, niet haar te veroordelen, maar haar aan te moedigen; en er is geen enkele stand in de moderne wereld en geen en­kel terrein van het moderne leven, waarvoor de Kerk geen liefde of interesse heeft, gelijk trouwens haar waardering eveneens uitgaat naar het ware en goede en menselijke, dat in de niet-christelijke godsdien­sten opgesloten ligt, want de Kerk is liefde en zij is de voorvechtster van de ware beschaving.

Tenslotte

Als wij nu na deze ontleding vragen naar de meest markante punten van deze toespraak, dan geloven wij vooral op het volgende te mogen wijzen: de vast­beraden wil van de paus om de lijn van Johannes XXIII door te trekken; de duidelijke en scherpe for­mulering en uitwerking van de doeleinden van het concilie; de persoonlijke geloofsbelijdenis van de paus in het mysterie van de Kerk, zijn Christocentrische opvatting van Kerk en concilie, maar ook de open­hartige en eerlijke visie op de Kerk in haar aardse omlijsting, op haar fouten en tekortkomingen; ten­slotte de nederige, liefdevolle en menselijke toon van deze toespraak zowel ten opzichte van de concilie­vaders als tegenover de christelijke gemeenschappen en tegenover de moderne wereld.

Voorwoord: Dr. M.H. Mulders CssR

Bron: Ecclesia Docens 0704

Referenties naar dit dossier

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen dossiers gevonden!
 
Geen berichten gevonden!
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam