• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Inhoudstafel

IMMORTALE DEI
Het onvergankelijk werk van den barmhartigen God - Over de christelijke staatsinrichting

(Soort document: Paus Leo XIII - Encycliek)

Paus Leo XIII - 1 november 1885

INLEIDING
1 Het eigen doel van de Kerk is het bevorderen van het geestelijk geluk van den mensch; toch draagt de Kerk ook zeer veel bij tot het tijdelijk welzijn der volken
2 Vanaf de eerste eeuwen werd de Kerk er van beschuldigd, vijandig te staan tegenover den staat en niet te kunnen bijdragen tot het tijdelijk welzijn der volken; een beschuldiging, door den H. Augustinus afdoende weerlegd
3 In den laatsten tijd kwamen deze beschuldigingen weer op; een "nieuw recht" ging de principes voor de staatsinrichting elders zoeken dan in de katholieke leer
4 De paus wil daarom deze nieuwe staatsleer toetsen aan de katholieke leer
I DE INRICHTING VAN DEN STAAT OP CHRISTELIJKEN GRONDSLAG
1 Wezen van den staat
A Staat en staatsgezag vinden hun oorsprong in God
B Zij zijn niet aan een bepaalden regeeringsvorm gebonden, maar moeten zich van God afhankelijk weten
C Hun naaste doel is het algemeen welzijn van de burgers
D Eerbied en gehoorzaamheid tegenover hen is voor de burgers een plicht; opstandigheid een overtreding van Gods wet
2 De staat moet den door God geopenbaarden godsdienst erkennen en belijden
A Hiertoe is de staat verplicht op grond van zijn verhouding tot God
B De staat is dat ook aan zijn onderdanen verplicht
3 De door God geopenbaarde godsdienst is de katholieke Kerk
A De door God geopenbaarde godsdienst is door vele bewijzen duidelijk kenbaar
B Aan dien godsdienst heeft Jesus Christus de taak toevertrouwd Zijn werk voort te zetten voor alle menschen van alle tijden
C Jezus Christus zelf heeft in Zijn Kerk de gezagsdragers aangewezen
D De Kerk is krachtens haar aard een bovennatuurlijke, geestelijke maatschappij, naar wezen en recht volmaakt, onderscheiden en verschillend van den staat en er volkomen onafhankelijk van
1 Jezus Christus heeft aan Zijn Kerk de volledige overheidsmacht in het geestelijke gegeven
2 Jezus Christus heeft uitsluitend aan Zijn Kerk de leiding van de menschen in het geestelijke opgedragen
3 De Kerk heeft deze volledige en onbeperkte macht steeds voor zich opgeischt; de kerkvaders hebben haar verdedigd; de pausen gehandhaafd
4 In beginsel en feitelijk werd zij door de wereldlijke overheden erkend
5 Gods voorzienigheid schonk haar een wereldlijk gebied als garantie voor haar onafhankelijkheid
4 Betrekkingen tusschen de Kerk en den christelijken staat
A Kerk en staat zijn op eigen terrein volkomen souverein
B Beide kunnen en moeten in onderlinge harmonie hun macht uitoefenen
C De overeenstemming tusschen beide wordt bepaald:
1 Door beider wezen en doel: wat krachtens aard of doel geestelijk is, valt onder de rechtsmacht van de Kerk; burgerlijke en tijdelijke zaken vallen onder die van de burgerlijke overheid
2 In bepaalde omstandigheden door overeenrede, verhoogt de waardigheid van het burgerlijke overheden
5 Voortreffelijkheid van de katholieke leer omtrent de inrichting van den staat
A Zij is gegrond op de openbaring en de natuurlijke rede, verhoogt de waardigheid van het burgerlijk gezag en versterkt het
B Zij verzekert aan de burgers een juiste leiding bij het streven naar hun geestelijk en tijdelijk welzijn
C De waardigheid van het gezin en zijn leden wordt veilig gesteld
D Het welzijn der geheele maatschappij wordt uitmuntend bevorderd
E Dit wordt bevestigd door een uitspraak van den H. Augustinus
F Dit wordt bevestigd door de· geschiedenis van het christelijk Europa
II DE INRICHTING VAN DEN MODERNEN STAAT
1 Oorsprong van de moderne theorieën omtrent den staat
2 Beginselen waarop de moderne theorieën steunen
3 Verhouding van den modernen staat tot de Kerk
A Het karakter van volmaakte maatschappij wordt aan de Kerk ontnomen
B De staat eischt voor zich het gezag in gemengde zaken op
C Het gevolg van dit alles zijn voor beide machten noodlottige conflicten
D Een verder gevolg is, dat de Kerk uit het openbare leven wordt teruggedrongen en onderworpen wordt aan den staat
III BEOORDEELING VAN DE MODERNE THEORIEëN OMTRENT DE INRICHTING VAN DEN STAAT
1 De natuurlijke rede toont de onhoudbaarheid er van aan
A De bron van alle gezag is God
B Het godsdienstig indifferentisme komt praktisch neer op atheïsme
C Onbeperkte vrijheid van denken en meeningsuiting is geen goed voor den mensch, maar een bron van veel rampen
D De zg. burgerlijke moraal berust op een dwaling en is noodlottig in haar gevolgen
E De Kerk ondergeschikt maken aan den staat is onrechtvaardig en vermetel
2 De katholieke Kerk verwerpt de moderne staatsleer
A Uitspraken der pausen
B Gevolgtrekkingen hieruit en verdere toepassingen
1 Volkssouvereiniteit, godsdienstig indifferentisme, onbeperkte vrijheid van denken en meeningsuiting zijn te verwerpen
2 De Kerk, als volmaakte maatschappij, is aan niemand onderworpen in het behartigen van haar eigen zaken
3 In zaken van gemengden aard moet er samenwerking zijn tusschen Kerk en staat
4 De Kerk keurt geen enkelen regeeringsvorm op zich af
5 De Kerk keurt het niet af, dat het volk in meerdere of mindere mate aan het staatsbestuur deelneemt
6 De Kerk keurt het niet af, dat de staat in de praktijk verdraagzaam is tegenover andere godsdiensten
7 De Kerk erkent geen onbeperkte vrijheid
8 De Kerk staat niet vijandig tegenover de nieuwere staatkundige ontwikkeling en den vooruitgang der wetenschap
IV OVER DE HOUDING, DIE DE KATHOLIEKEN MOETEN AANNEMEN TEGENOVER DEN MODERNEN STAAT
Praenota. De paus meent opnieuw zijn stem te moeten doen hooren
1 Wat hun meeningen betreft, moeten de katholieken zich houden aan de leiding van den H. Stoel
2 Wat hun praktisch optreden aangaat, moeten de katholieken het volgende voor oogen houden
A De katholieken moeten hun leven inrichten volgens het Evangelie en de Kerk liefhebben
B Zij moeten ijveren voor een godsdienstige opvoeding van de jeugd
C Zij moeten zich over het algemeen niet afzijdig houden van het bestuur van den staat
D Het bezielend voorbeeld van de christenen uit de eerste tijden moet de katholieken van onzen tijd voor oogen staan
E Enkele plichten der katholieken worden in het bijzonder aangestipt
1 Zij moeten trouwe zonen zijn van de Kerk
2 Zij moeten de eendracht bewaren door de leiding van den H. Stoel en der bisschoppen te volgen
3 Zij moeten één zijn in de traditioneele katholieke leer en in vrije kwesties met gematigdheid van gedachten wisselen
4 Zij moeten zich ver houden van naturalisme of rationalisme
5 Zij moeten het gezag van de Kerk erkennen zoowel voor hun particulier als voor hun openbaar leven
6 Zij mogen de rechtzinnigheid van hen, die in zuiver politieke kwesties met hen van meening verschillen, niet in twijfel trekken
7 Speciaal wordt dit allen publicisten onder het oog gebracht
8 Voordeelen die dit gedrag van de katholieken zal afwerpen
V SLOT
Opwekking tot gebed en betuiging van vaderlijke welwillendheid

 
 
 

Document

Naam: IMMORTALE DEI
Het onvergankelijk werk van den barmhartigen God - Over de christelijke staatsinrichting
Soort: Paus Leo XIII - Encycliek
Auteur: Paus Leo XIII
Datum: 1 november 1885
Copyrights: © 1941, Ecclesia Docens (Gooi & Sticht), nr. 0138
Vert.: L.H.H.D. Schils C.ss.R.
Bewerkt: 24 februari 2021

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam