• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Priesterschap

In Christus, het Hoofd van de Kerk, die zijn lichaam is, zijn alle christenen samen “een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilige natie, een volk dat zijn bijzonder eigendom werd om de roemruchte daden te verkondigen” (1 Pt. 2, 9). De Kerk is heilig, ook wanneer haar leden een loutering nodig hebben, opdat de door God geschonken heiligheid in hun kan oplichten, totdat ze in haar volle glorie straalt. Het Tweede Vaticaans Concilie noemt de algemene roeping tot heiligheid, wanneer het zegt: "Christus volgelingen, door God geroepen en in de Heer Jezus gerechtvaardigd niet op grond van werken maar volgens Gods raadsbesluit en genade, zijn door het doopsel van het geloof waarlijk kinderen Gods geworden en deelachtig aan de goddelijke natuur, en daarom werkelijk heilig. Bijgelovig moeten zij de ontvangst heiligheid met Gods hulp in de praktijk van hun leven bewaren en vervolmaken." 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 40. In Zijn bezorgdheid voor de Kerk roept de Hogepriester Christus binnen het kader van deze algemene roeping in iedere generatie mensen, die zorg zullen dragen voor Zijn volk: speciaal tot de priesterlijke dienst roept hij mannen, een vaderlijke functie te vervullen, waaraan de bron van Gods eigen vaderschap ten grondslag ligt Vgl. Ef. 3, 14 . De zending van de priester in de Kerk is onvervangbaar. Daarom mag het, zelfs wanneer in bepaalde gebieden er sprake is van een priestertekort, nooit eraan getwijfeld worden dat Christus ook nu nog steeds mannen roept, die zoals de Apostelen iedere andere taak opgeven en zich geheel aan de viering van de heilige geheimen, de verkondiging van het Evangelie en de pastorale dienst wijden. In het Apostolische schrijven H. Paus Johannes Paulus II - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Pastores Dabo Vobis
N.a.v. de Bisschoppensynode over de priesteropleidingen
(25 maart 1992)
heeft mijn vereerde voorganger Johannes Paulus II hieromtrent vastgesteld:

"De relatie van de priester met Jezus Christus en in Hem met de Kerk is in het zijn zelf van de priester gelegen, krachtens zijn sacramentele wijding/zalving, en in zijn handelen ofwel in zijn zending of ambt. In het bijzonder “is de priesterbedienaar dienaar van Christus, die aanwezig is in de Kerk, mysterie, gemeenschap en zending. Door het feit van de deelname aan de “zalving” en de “zending” van Christus kan hij in de Kerk diens gebed, woord, offer en heilswerk voortzetten. Hij is dus dienaar van de Kerk als mysterie, omdat hij de kerkelijke en sacramentele tekens van de verrezen Christus verwerkelijkt." H. Paus Johannes Paulus II, Postsynodale Apostolische Exhortatie, N.a.v. de Bisschoppensynode over de priesteropleidingen, Pastores Dabo Vobis (25 mrt 1992), 16

Document

Naam: GEROEPEN ZIJN TOT HET MYSTERIE VAN DE KERK
Boodschap voor Wereldgebedsdag voor roepingen 2006
Soort: Paus Benedictus XVI - Boodschap
Auteur: Paus Benedictus XVI
Datum: 5 maart 2006
Copyrights: © 2006, Libreria Editrice Vaticana
Stg. InterKerk, Wassenaar
Bewerkt: 30 april 2020

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam