• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Tot herstel van deze kritieke toestand geeft de Paus als voornaamste middelen aan: het opnieuw inschakelen van het economist leven in de zedelijke orde en het verbinden van de belangen van individuen en groepen met het algemeen belang. Hiervoor wordt volgens de leer van onze voorganger op de eerste plaats vereist een nieuwe ordening van de menselijke samenleving door het oprichten van kleinere economische en professionele gemeenschappen, die geen staatsinstellingen zijn, maar autonoom; vervolgens, dat de overheid opnieuw haar gezag gaat uitoefenen tot behartiging van het algemeen welzijn; tenslotte, dat op internationaal vlak de staten gaan samenwerken aan het economisch welzijn van de volken.
Maar de meest kenmerkende punten uit de leer van de Paus Pius XI - Encycliek
Quadragesimo Anno
Over de aanpassing van de sociale orde
(15 mei 1931)
van Pius XI zijn de twee volgende.

Vooreerst mag in de economie niet als hoogste wet gelden het belang van individuen en groepen, de onbeperkte concurrentie, de economische dictatuur, het prestige of het machtsstreven van de staat en dergelijke.

Integendeel, iedere economische activiteit moet zich laten leiden door rechtvaardigheid en liefde als hoogste sociale wetten.
Het tweede kenmerkende punt van de Paus Pius XI - Encycliek
Quadragesimo Anno
Over de aanpassing van de sociale orde
(15 mei 1931)
van Pius XI is dit: door openbare of vrije instellingen moet er, op nationaal en internationaal niveau, in de geest van de sociale rechtvaardigheid een rechtsorde worden geschapen, waarin allen, die betrokken zijn bij het economisch leven, hun eigen belang gemakkelijker in overeenstemming kunnen brengen met het algemeen belang.
Op wetenschappelijk, technisch en economisch gebied constateren wij op het ogenblik vooral de volgende vernieuwingen: de ontdekking van de atoomenergie en de steeds bredere toepassing ervan voor militaire en later ook voor vreedzame doeleinden; de bijna onbegrensde mogelijkheden van de mens tot allerlei chemische synthesen; de steeds groeiende automatisering in de industrie en in de dienstverlening; de modernisering van de landbouw; vooral het bijna wegvallen van de afstanden tussen de volken door radio en televisie; de steeds grotere snelheid in het verkeer; de ontsluiting eindelijk van de kosmische ruimten.
Op sociaal terrein zien wij de volgende veranderingen: de uitbreiding van het sociale verzekeringswezen; in sommige economisch beter gesitueerde landen voorzieningen voor alle mogelijke omstandigheden; een groeiend verantwoordelijkheidsbesef bij de leden van de vakverenigingen tegenover de belangrijke economische en sociale problemen; het stijgend peil van de doorsnee ontwikkeling; een steeds toenemende welstand; het gemakkelijker overgaan van arbeiders uit de ene industriële sector naar de andere en, als gevolg hiervan, een vermindering van het klassenverschil; een toenemende interesse bij de gewoon ontwikkelde man voor het wereldgebeuren. Tegelijk echter constateert men bij de sterke uitgroei van de economische en sociale instellingen in een steeds groter aantal landen ook duidelijk toenemende spanningen: vooreerst tussen de landbouw enerzijds en de industrie en de dienstverlenende sector anderzijds; vervolgens tussen de meer en de minder welvarende zones van eenzelfde land en, op internationaal niveau, tussen economisch sterkere en zwakkere staten.
In de politieke sector vallen de volgende vernieuwingen aan te wijzen: in vele landen een grotere deelname van mensen van bijna iedere stand aan het publieke leven; een steeds bredere overheidsbemoeiing op economisch en sociaal gebied; de onafhankelijkheid van de volken van Azië en Afrika na het afschudden van het koloniaal regiem; de steeds nauwere betrekkingen tussen de volkeren en hun steeds grotere onderlinge afhankelijkheid; het ontstaan en de ontwikkeling van allerlei supranationale organen, die de internationale vooruitgang beogen op economisch, sociaal, cultureel, wetenschappelijk en politiek terrein.
Wij moeten hier opmerken, dat tegenwoordig in vele landen de economische situatie van die aard is, dat de grote en middelgrote ondernemingen zich zeer snel ontwikkelen, doordat ze uit hun winsten kapitaal vormen om hun productieapparaat te moderniseren en te vervolmaken. Vert.: De Italiaanse tekst spreekt van "zelffinanciering" In dergelijke gevallen menen wij te mogen zeggen, dat deze ondernemingen op grond hiervan aan hun arbeiders bepaalde financiële vorderingen moeten toekennen, vooral als het loon, dat ze hun uitbetalen, niet reikt boven het minimumloon.
In deze materie moet men het beginsel voor ogen houden, dat onze voorganger Pius XI z.g. in zijn Encycliek Paus Pius XI - Encycliek
Quadragesimo Anno
Over de aanpassing van de sociale orde
(15 mei 1931)
aldus formuleerde: "daarom is het volstrekt onjuist, aan het kapitaal alleen of aan de arbeid alleen toe te schrijven, wat het resultaat is van beider samenwerking; en absoluut onrechtvaardig is het, wanneer een van beide de gehele opbrengst voor zich opeist, alsof de andere daartoe niet heeft bijgedragen". Paus Pius XI, Encycliek, Over de aanpassing van de sociale orde, Quadragesimo Anno (15 mei 1931), 53
Aan deze eis van rechtvaardigheid kan, gelijk de ervaring leert, op verschillende manieren worden voldaan. Om er slechts één te noemen: in onze tijd is het zeer gewenst dat de arbeiders in de een of andere geschikte vorm geleidelijk aandeel krijgen in de eigendom van hun onderneming. Want tegenwoordig, meer nog dan ten tijde van onze voorganger, ,moet met alle kracht en inspanning er naar gestreefd worden, dat tenminste in de toekomst de voortgebrachte goederenovervloed slechts in billijke verhouding zich ophope bij hen, die kapitaal bezitten, maar in voldoende ruime mate toestrome aan hen, die arbeid presteren". Paus Pius XI, Encycliek, Over de aanpassing van de sociale orde, Quadragesimo Anno (15 mei 1931), 61

Document

Naam: MATER ET MAGISTRA
Moderne ontwikkeling van het sociale leven en de christelijke beginselen
Soort: H. Paus Johannes XXIII - Encycliek
Auteur: H. Paus Johannes XXIII
Datum: 15 mei 1961
Copyrights: © 1969, Ecclesia Docens nr. 0733, uitg. Gooi & Sticht, Hilversum
Vert.: Dr. M.H. Mulders C.ss.R. en Dr. J. Kahmann C.ss.R.
Bewerkt: 6 november 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam