• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Alleen God, het hoogste goed, vormt het onvervreemdbare fundament en de onvervangbare voorwaarde van de zedelijkheid, dus de geboden, in het bijzonder die negatieve geboden, die steeds en in elk geval de met de waardigheid van elke menselijke persoon onverenigbare gedragspatronen en handelingen verbieden. Zo ontmoeten het hoogste goed en het zedelijke goed elkaar in de waarheid; de waarheid over God, de Schepper en Verlosser en de waarheid over de door Hem geschapen en verloste mens. Slechts op het fundament van deze waarheid is het mogelijk, een vernieuwde maatschappij op te bouwen en de gecompliceerde en drukkende problemen, die deze doen beven, op te lossen: in de eerste plaats dat van het overwinnen van verschillende vormen van totalitarisme, om de weg te banen voor de authentieke vrijheid van de persoon. "Het totalitarisme komt voort uit de ontkenning van de waarheid in de objectieve zin: Als er geen transcendente waarheid bestaat, in gehoorzaamheid waaraan de mens tot zijn volledige identiteit komt, dan bestaat er geen zeker principe dat rechtvaardige betrekkingen tussen mensen garandeert. Hun klassebelang, groepsbelang en nationaal belang brengt hen onverzoenlijk tegen over elkaar. Als de transcendente waarheid niet erkend wordt dan triomfeert het geweld van de macht en probeert iedereen, tot het uiterste van de hem ter beschikking staande middelen gebruik te maken om zonder naar rechten van de anderen te kijken zijn belangen en zijn mening door te zetten. Dan wordt de mens alleen gespaard voorzover hij kan worden gebruik als middel tot profijt van de heersenden. De wortel van het moderne totalitarisme ligt daarom in de ontkenning van de transcendente waardigheid van de mens, het zichtbare beeld van de onzichtbare God. Juist daarom, vanwege deze natuur, is hij drager van rechten, die niemand mag schenden: noch het individu, noch de groep, de klasse, de natie of de staat. Ook de meerderheid in de maatschappij mag dit niet doen: tegen de minderheid optreden, haar buitensluiten, onderdrukken, uitbuiten of proberen haar te vernietigen". H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de encycliek Rerum Novarum, Centesimus Annus (1 mei 1991), 44 Vgl. Paus Leo XIII, Encycliek, Over de menselijke vrijheid, Libertas praestantissimum (20 juni 1888). Leonis XIII P.M. Acta, VIII, Romae 1889, 224-226.

Daarom heeft de niet te scheiden samenhang tussen waarheid en vrijheid - uitdrukking van de wezenlijke band tussen wijsheid en wil van God - een uiterst belangrijke betekenis voor het leven van de mens op het sociaal-economische en socio-politieke vlak. Dat blijkt uit de sociale leer van de Kerk - die "op het gebied van de theologie en vooral van de moraaltheologie" H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De ontwikkeling van de mens en de samenleving
Twintig jaar na Populorum Progressio van Paus Paulus VI, Sollicitudo Rei Socialis (30 dec 1987), 41
- en de uitleg van de geboden, die het maatschappelijke, economische en politieke leven niet alleen met betrekking tot algemene houdingen, maar ook met betrekking tot precies bepaalde gedragswijzen en concrete handelingen regelen.

Document

Naam: VERITATIS SPLENDOR
Over kerkelijke moraalleer
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 6 augustus 1993
Copyrights: © 1995, Katholiek Nieuwsblad
Bewerkt: 29 oktober 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam