• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

In de boven aangehaalde woorden van Jezus vinden we ook de oproep om het geweten te vormen, het tot voorwerp van voortdurende bekering tot het ware en goede te maken. Daarmee analoog moet men de oproep van de apostel verstaan, om ons gedrag niet af te stemmen op deze wereld, maar 'om ons te veranderen en ons denken te vernieuwen' Vgl. Rom. 12, 2 . In werkelijkheid is het tot de Heer en tot de liefde bekeerde 'hart' de bron van de ware oordelen van het geweten. Want 'opdat ge in staat zijt om uit te maken wat God van u wil en wat goed is: wat Hem bevalt, wat goed en volmaakt is' (Rom. 12, 2), is weliswaar de kennis van de wet Gods in het algemeen nodig, maar zij volstaat niet: een soort van 'connaturaliteit' tussen de mens en het waarlijk goede is absoluut noodzakelijk. Vgl. H. Thomas van Aquino, Summa Theologiae. I-II, q. 45, a. 2. Zo'n connaturaliteit schiet wortel en ontplooit zich in de deugdzame houdingen van de mens zelf: in de wijsheid en de andere kardinale deugden en, nog fundamenteler, in de goddelijke deugden van het geloof, de hoop en de liefde. in deze zin heeft Jezus gezegd: 'Wie echter de waarheid doet, komt tot het licht' (Joh. 3, 21).

Een grote hulp voor de gewetensvorming hebben de christenen in de Kerk en haar leergezag, zoals het Concilie uitlegt: 'De christenen moeten bij de vorming van hun geweten de heilige en zekere leer van de Kerk nauwlettend in acht nemen. Volgens de wil van Christus immers is de Kerk lerares van de waarheid. Haar taak bestaat erin de waarheid die Christus is te verkondigen en getrouw uiteen te zetten en tevens de beginselen van de zedelijke orde die uit de natuur zelf van de mens voortvloeien met haar gezag te verkondigen en te bevestigen'. 2e Vaticaans Concilie, Verklaring, Over de godsdienstvrijheid - Het recht van de persoon en van de gemeenschappen op sociale en burgerlijke vrijheid in godsdienstige aangelegenheden, Dignitatis Humanae (7 dec 1965), 14

De autoriteit van de Kerk, die zich over morele vraagstukken uitspreekt, doet dus aan de gewetensvrijheid van de christenen generlei afbreuk: niet alleen, omdat de vrijheid van het geweten nooit vrijheid (los) van' de waarheid, maar altijd en alleen vrijheid 'in' de waarheid is; maar ook omdat het leergezag het christelijke geweten geen waarheden aandraagt die het vreemd zijn, maar het wel wijst op de waarheden, die het al moest bezitten, terwijl het die, uitgaande van de oorspronkelijke geloofsdaad, tot ontplooiïng brengt. De Kerk stelt zich altijd alleen in dienst van het geweten en helpt het om niet heen en weer gedreven te worden door 'iedere windstoot van leerstellige meningen, uitgeleverd aan het bedrog van de mensen' Vgl. Ef. 4, 14 , en niet weg te raken van de waarheid over het goede van de mens maar, speciaal in de moeilijke vraagstukken, met zekerheid de waarheid te bereiken en in haar te blijven.

Document

Naam: VERITATIS SPLENDOR
Over kerkelijke moraalleer
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 6 augustus 1993
Copyrights: © 1995, Katholiek Nieuwsblad
Bewerkt: 29 oktober 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam