• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

In de bergrede die de Magna Charta is van de moraal van het evangelie, Vgl. H. Augustinus, Sermones. in Monte, I, 1, 1: CCL 35, 1-2 Vgl. H. Augustinus, Sermones. in Monte, I, 1, 1: CCL 35, 1-2. zegt Jezus: 'Denk niet dat ik gekomen ben om de wet en de profeten af te schaffen. Ik ben niet gekomen om af te schaffen maar om tot vervulling te brengen' (Mt. 5, 17). Christus is de sleutelfiguur van de Heilige Schrift: 'Jullie onderzoeken de Schriften: juist zij leggen getuigenis over Mij af' Vgl. Joh. 5, 39 ; Hij is het middelpunt van het heilsplan, de samenvatting van het Oude en het Nieuwe Testament, van de belofte van de wet en van hun vervulling in het evangelie; Hij is de levende en eeuwige verbinding tussen het Oude en het Nieuwe Verbond. In zijn commentaar op de vaststelling van Paulus 'Christus is het einde van de wet' (Rom. 10, 4), schrijft de H. Ambrosius: 'Einde niet als wegvallen, maar als volheid van de wet: deze vervult zich in Christus (plenitudo legis in Christo est) vanaf het moment waarop Hij gekomen is, niet om de wet op te heffen maar om haar ten einde te voeren, haar te vervullen. Juist zoals er een Oude Testament is, maar alle waarheid in het Nieuwe Testament is, zo gaat het ook met de wet: die wet die door Mozes is gegeven is zinnebeeld van de wet. Die wet is waarlijk een afschrift van de waarheid'. H. Ambrosius van Milaan, Enarrat in Psal.. CXVIII Expositio, sermo 18, 37: PL 15, 1541 Vgl. H. Chromatius van Aquileia, Tractatus. in Mathaeum, XX, I, 1-4: CCL 9/A, 291-292.

Jezus brengt de geboden van God, in het bijzonder het gebod van de naastenliefde tot hun vervulling doordat Hij hun eisen verinnerlijkt en er grotere radicaliteit aan verleent: de liefde tot de naaste komt uit een hart dat bemint en dat juist daarom, omdat het liefheeft, bereid is aan de hoogste eisen te voldoen. Jezus laat zien, dat de geboden niet als een niet te overschrijden minimumgrens verstaan mogen worden, maar veeleer als een pad, dat openligt voor een zedelijke en geestelijke weg van volmaaktheid waarvan de ziel de liefde is Vgl. Kol. 3, 14 . Zo wordt het gebod 'Gij zult niet doden' tot een oproep tot zorgzame liefde, die het leven van de naaste beschermt en bevordert; het gebod dat de echtbreuk verbiedt wordt tot een uitdaging tot een reine blik die in staat is de bruidsbetekenis van het lichaam te respecteren: 'Ge hebt gehoord dat er tot de ouden gezegd is: Gij zult niet doden; wie echter iemand doodt is schuldig voor het gerecht. Maar Ik zeg u: ieder die alleen maar boos is op zijn broeder, is schuldig voor het gerecht.. U hebt gehoord dat er gezegd is: Gij zult niet echtbreken. Ik echter zeg u: wie alleen maar begerig naar een vrouw kijkt, heeft in zijn hart reeds echtbreuk met haar gepleegd' (Mt. 5, 21-22.27-28). Jezus zelf is de levende 'vervulling' van de wet, omdat Hij de betekenis van de wet met het totale wegschenken van zichzelf in praktijk brengt: Hijzelf wordt in zijn Geest tot levende en persoonlijke wet die tot navolging uitnodigt, die de genade schenkt, om zijn leven en zijn liefde te delen, en die de kracht biedt, om in beslissingen en daden van Hem getuigenis af te leggen Vgl. Joh. 13, 34-35 .

Document

Naam: VERITATIS SPLENDOR
Over kerkelijke moraalleer
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 6 augustus 1993
Copyrights: © 1995, Katholiek Nieuwsblad
Bewerkt: 29 oktober 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam