• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
   Dit is een werkvertaling

Het leergezag van de Kerk herinnert eraan dat, wanneer men het einde van het aardse bestaan nadert, de waardigheid van de menselijke persoon het recht inhoudt om met de grootst mogelijke sereniteit en met de juiste menselijke en christelijke waardigheid te sterven. Vgl. Congregatie voor de Geloofsleer, Verklaring over euthanasie, Iura et Bona (5 mei 1980), 4 Het verhaasten van de dood of het uitstellen ervan door ‘therapeutische koppigheid’ Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 2278 Vgl. Pauselijke Raad voor het Pastoraat in de Gezondheidszorg, Handvest van de werkers in de gezondheidszorg (1 okt 1995), 119 Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Over de waarde en de onaantastbaarheid van het menselijk leven, Evangelium Vitae (25 mrt 1995), 65 Vgl. Paus Franciscus, Boodschap, aan de Voorzitter van de Pauselijke Academie voor het Leven, aartsbisschop Vincenzo Paglia, en aan de deelnemers aan de Europese Regionale Bijeenkomst van de World Medical Association, Over kwesties rond het levenseinde (7 nov 2017), 6. ” En zelfs als we weten dat we niet altijd heling of genezing kunnen garanderen, kunnen en moeten we altijd zorg dragen voor de levenden, zonder dat we zelf hun leven verkorten, maar ook zonder nutteloos hun dood tegen te gaan.” Vgl. Dicasterie ter Bevordering van de Gehele Menselijke Ontwikkeling, Nieuw Handvest voor de werkers in de gezondheidszorg (6 feb 2017), 149 berooft de dood van zijn juiste waardigheid. De geneeskunde kan vandaag de dag de dood kunstmatig uitstellen, vaak zonder dat de patiënt er echt baat bij heeft. Wanneer de dood op handen is, en zonder onderbreking van de normale zorg die de patiënt in dergelijke gevallen nodig heeft, is het volgens de wetenschap en het geweten geoorloofd om af te zien van behandelingen die slechts een onzekere of pijnlijke verlenging van het leven bieden. Het is niet geoorloofd om behandelingen op te schorten die nodig zijn om essentiële fysiologische functies te behouden, zolang het lichaam er voordeel uit kan halen (zoals hydratatie, voeding, thermoregulatie, evenredige ondersteuning van de ademhaling, en de andere soorten hulp die nodig is om de lichamelijke homeostase te behouden en de systemische en organische pijn te beheersen). De opschorting van nutteloze behandelingen mag niet gepaard gaan met het intrekken van therapeutische zorg. Deze opheldering is nu onontbeerlijk in het licht van de talrijke rechtszaken van de afgelopen jaren die hebben geleid tot de terugtrekking van de zorg bij – en tot het vroegtijdig overlijden van kritisch maar niet terminaal zieke patiënten, voor wie is besloten de levensondersteunende zorg op te schorten, hetgeen de kwaliteit van het leven niet ten goede komt.

In het specifieke geval van therapeutische koppigheid moet worden herhaald dat het afzien van buitengewone en/of onevenredige middelen “niet het equivalent is van zelfmoord of euthanasie; het drukt eerder de aanvaarding uit van de menselijke conditie in het aangezicht van de dood” H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Over de waarde en de onaantastbaarheid van het menselijk leven, Evangelium Vitae (25 mrt 1995), 65 of een bewuste beslissing om af te zien van onevenredige medische behandelingen die weinig hoop op een positief resultaat hebben. Het afzien van behandelingen die slechts een onzekere en pijnlijke verlenging van het leven zouden opleveren, kan ook betekenen dat de wil van de stervende wordt gerespecteerd, zoals uitgedrukt in geavanceerde richtlijnen voor behandeling, waarbij echter elke daad van euthanistische of suïcidale aard wordt uitgesloten. Dicasterie ter Bevordering van de Gehele Menselijke Ontwikkeling, Nieuw Handvest voor de werkers in de gezondheidszorg (6 feb 2017), 150

Het beginsel van proportionaliteit heeft betrekking op het algemene welzijn van de zieke. De keuze tussen waarden (bijvoorbeeld leven versus levenskwaliteit) brengt een verkeerd zedelijk oordeel met zich mee, wanneer het de bescherming van de persoonlijke integriteit, het goede leven en het werkelijke zedelijke doel van de ondernomen handeling van de beschouwing uitsluit. Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Toespraak, Centrum voor studie en onderzoek naar natuurlijke regeling van de vruchtbaarheid van de Faculteit voor medicijnen van de Heilig Hart Universiteit, Rome, Tot de deelnemers van een vergadering over de studie van verantwoord ouderschap (5 juni 1987), 1. ”Praten over het "conflict van waarden en goederen" en de daaruit voortvloeiende noodzaak om deze "in evenwicht te brengen" door de ene te kiezen en de andere af te wijzen is niet moreel correct.” Elke medische handeling moet altijd het door de moreel handelende persoon beoogde doel hebben – de bevordering van het leven en nooit het streven naar de dood. De arts is nooit slechts een uitvoerder van de wil van de patiënten of hun wettelijke vertegenwoordigers, maar behoudt het recht en de plicht om zich naar believen terug te trekken uit elke handeling die in strijd is met het door het geweten onderscheiden morele goed. Dicasterie ter Bevordering van de Gehele Menselijke Ontwikkeling, Nieuw Handvest voor de werkers in de gezondheidszorg (6 feb 2017), 150

Document

Naam: SAMARITANUS BONUS
De barmhartige Samaritaan - over de zorg voor mensen in kritieke en terminale levensfasen
Soort: Congregatie voor de Geloofsleer
Auteur: Luis F. Kard. Ladaria S.J.
Datum: 14 juli 2020
Copyrights: © 2020, Liberia Editrice Vaticana / Stg. InterKerk / Nederlandse Bisschoppenconferentie
Voorlopige werkvert., alineaverdeling en nummering: redactie
Bewerkt: 22 oktober 2021

Opties

Internetadres
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2022, Stg. InterKerk, Schiedam