• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De rozenkrans, de weg om het geheim op te nemen
Het rozenkransgebed stelt de meditatie over de geheimen van Christus voor door een kenmerkende methode die ontworpen is om de geheimen het best op te nemen. De methode is gebaseerd op herhaling. Dit is met name het geval met het Wees gegroet, dat na elk geheim tien maal wordt gebeden. Wie oppervlakkig naar deze herhaling kijkt, komt in de verleiding het rozenkransgebed op te vatten als een droge en saaie bezigheid. Maar het is heel anders als men het rozenkransgebed ziet als een uitstorting van de liefde die zich onvermoeibaar tot de geliefde persoon wendt met gelijke uitdrukkingen naar inhoud maar steeds nieuw, in de zin van het gevoel waar ze uit voortkomen.

In Christus heeft God waarlijk een 'hart van vlees' aangenomen. Niet alleen heeft God een goddelijk hart, rijk in genade en vergeving, maar ook een menselijk hart, bekwaam voor alle gevoelsuitingen. Wie bewijs nodig heeft uit het Evangelie, kan het eenvoudig vinden in de aangrijpende dialoog tussen Christus en Petrus na de Verrijzenis. "Simon, zoon van Johannes, heb je Me lief?" Drie keer stelt Jezus deze vraag en drie keer antwoordt Petrus: "Heer, U weet dat ik van U houd" Vgl. Joh. 21, 15-17 . Uitstijgend boven de bijzondere betekenis van deze passage, zo belangrijk voor de zending van Petrus, kan niemand de schoonheid van deze drievoudige herhaling ontgaan. Het vasthoudend vragen en antwoorden komt overeen in bewoordingen die de algemene ervaringen van menselijke liefde weergeven. Om het rozenkransgebed te doorgronden moet men nader ingaan op de psychologische dynamiek die eigen is aan de liefde.

Een ding is duidelijk: hoewel het herhaalde Wees gegroet direct tot Maria gericht is, is de daad van liefde uiteindelijk voor Jezus bestemd, met en door Maria. De herhaling wordt gevoed door het verlangen om nog vollediger gelijkvormig aan Christus te worden, het ware doel van christelijk leven. De heilige Paulus drukte zich over dit doel met vurige woorden uit: "Want voor mij is leven Christus en sterven winst" (Fil. 1, 21). En nog eens: "Ikzelf leef niet meer, Christus leeft in mij" (Gal. 2, 20). Het rozenkransgebed helpt ons nog gelijkvormiger te worden totdat we de ware heiligheid verwerven.

Een werkzame methode ...
We moeten niet verbaasd staan dat onze verhouding met Christus gebruik maakt van een methode. God zelf communiceert met ons door onze menselijke natuur en zijn vitale ritmen te respecteren. De christelijke spiritualiteit weet ook de subliemste vormen van mystieke stilte in zich, waarbij beelden, woorden en gebaren worden vervangen door de intensiteit van een verheven godsrelatie met de mens, die normaal gesproken de gehele persoon in zijn psychologische, fysieke en relationele werkelijkheid erbij betrekt.

Dit wordt duidelijk in de liturgie. Sacramenten en sacramentalia zijn opgebouwd als een reeks van riten waarin alle dimensies van de persoon betrokken worden. Hetzelfde geldt voor het niet-liturgisch gebed. Dit bewijst het feit dat, in het Oosten, het meest kenmerkende gebed van de christologische meditatie samengebald is in de woorden "Jezus, Christus, Zoon van God, Heer, wees mij, zondaar, genadig!" Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 2616, worden die traditioneel verbonden zijn met het ritme van de ademhaling. Hoewel dit ten goede komt aan de volharding in gebed, belichaamt het in zekere zin ook het verlangen dat Christus de adem, de ziel en het 'alles' van iemands leven wordt.

...die niettemin kan worden verbeterd
Ik schreef in mijn apostolische Brief H. Paus Johannes Paulus II - Apostolische Brief
Novo millennio ineunte
Een nieuw millennium
(6 januari 2001)
dat er in het Westen momenteel een nieuwe vraag naar meditatie is, die soms leidt tot enthousiaste belangstelling voor aspecten van andere religies. H. Paus Johannes Paulus II, Apostolische Brief, Een nieuw millennium, Novo millennio ineunte (6 jan 2001), 33 Sommige christenen, beperkt in hun kennis van de christelijk contemplatieve traditie, worden aangetrokken door die gebedsvormen. Deze gebeden bevatten veel elementen die positief zijn en hier en daar toepasbaar zijn in de christelijke ervaring, maar verbergen onacceptabele ideologische vooronderstellingen. Er zijn methoden in zwang die zich richten op het bereiken van een hogere spirituele concentratie door het gebruik van technieken van psychofysische, symbolische en repeterende aard. De rozenkrans wordt geplaatst in het kader van deze religieuze fenomenen, maar onderscheidt zich door zijn kenmerken die overeenkomen met specifiek christelijke behoeften.

Feitelijk is het rozenkransgebed gewoonweg een methode van contemplatie. Als methode helpt het gebed als een middel naar een doel en kan niet een doel op zich worden. Niettemin moet deze methode, als de vrucht van eeuwenlange ervaring, niet worden ondergewaardeerd. In haar voordeel zou de ervaring van talloze heiligen kunnen worden genoemd. Daarmee is niet gezegd dat de methode niet kan worden verbeterd. Dat is de bedoeling van de toevoeging van een nieuwe reeks van mysteria lucis aan de volledige cyclus van geheimen en van een paar suggesties die ik in deze Brief voorstel wat betreft de manier van reciteren. Deze suggesties, met eerbied voor de gewaardeerde structuur van dit gebed, zijn bedoeld om de gelovigen te helpen om het gebed, in al zijn rijkdom van het symbool en in overeenstemming met de vragen van het dagelijks leven, te begrijpen. Anders bestaat het risico dat het rozenkransgebed niet alleen geen geestelijke vruchten zou voortbrengen, maar ook dat de kralen, aan de hand waarvan het rozenkransgebed normaal gesproken wordt gebeden, zouden kunnen worden opgevat als een soort amulet of een magisch voorwerp. Daarmee zou de betekenis en de functie van het kralensnoer geheel en al verloren gaan.

De bekendmaking van elk geheim
Het bekendmaken van elk geheim, en daaraan wellicht een bruikbaar icoon vastkoppelen als afbeelding van elk geheim, is als het openen van het toneel waarop we onze aandacht vestigen. De woorden richten de verbeelding en het verstand naar een bepaalde episode uit het leven van Christus. De verering van iconen en andere devoties waarbij de zintuigen in beroering worden gebracht alsook de gebedsmethode van de heilige Ignatius van Loyola in de Geestelijke Oefeningen maken binnen de traditionele spiritualiteit van de Kerk gebruik van visuele en beeldende elementen (de compositio loci). Ze worden geacht van grote hulp te zijn bij het concentreren van de geest op de afzonderlijke geheimen. Dit is een methodologie die beantwoordt aan de logica zelf van de Menswording: In Jezus wilde God menselijke kenmerken aannemen. Het is door Zijn lichaam dat we in contact zijn getreden met het mysterie van Zijn goddelijkheid.

Deze noodzaak voor concreetheid vindt voorts uitdrukking in de bekendmaking van de verschillende geheimen van de rozenkrans. Het moge duidelijk zijn dat deze geheimen noch in de plaats komen van het Evangelie noch dat ze diens inhoud in zijn geheel overnemen. Het rozenkransgebed is daarom geen vervanging voor de lectio divina. In tegendeel, het veronderstelt deze en zet er toe aan. Ondanks dat de geheimen van de rozenkrans, ook met de toevoeging van de mysteria lucis, zich beperken tot de belangrijkste episoden uit Christus' leven, wordt het eenvoudiger gemaakt om uitgebreid te reflecteren op de rest van het Evangelie, zeker als het rozenkransgebed gebeden wordt in voortdurende herhaling.

Luisteren naar Gods woord
Om een bijbelse basis en grotere diepgang aan onze meditatie te geven, is het nuttig om na de aankondiging van een geheim te vervolgen met een bijbeltekst, die afhankelijk van de omstandigheden kort of lang kan zijn, maar altijd betrekking moet hebben op het betreffende geheim. Andere teksten kunnen niet op tegen de werkzaamheid van Gods Woord. Wie luistert is zeker dat dit het woord van God is, gesproken voor vandaag en 'voor mij'.

Op deze manier kan Gods woord onderdeel worden van de methodologie van de rozenkrans, die bestaat uit herhaling zonder dat het verveelt omdat het al bekend is. Het is geen kwestie van het terughalen van informatie maar God toestaan te spreken. In sommige plechtige vieringen binnen de gemeenschap kan dit toepasselijk worden geïllustreerd met een kort commentaar.

Stilte
Luisteren en mediteren worden gevoed door stilzwijgen. Na de aankondiging van het geheim en het lezen van het woord, is het gepast om een pauze in te lassen en de aandacht voor een passende periode te vestigen op het betreffende geheim alvorens over te gaan op hardop bidden. Het belang van stilte ontdekken is een van de sleutels van de praktijk van contemplatie en meditatie. Een van de beperkingen van een samenleving die door technologie en massamedia wordt overheerst is dat het moeilijk is tot stilte te komen. Zoals stilte in de liturgie wordt aanbevolen, zo is het ook tijdens het rozenkransgebed passend om kort te pauzeren na het woord van God te hebben gehoord. Het verstand kan zich dan concentreren op de inhoud van een bepaald geheim.
Het 'Onze Vader'
Na het luisteren naar het woord en aandacht voor het geheim is het vanzelfsprekend voor het verstand om naar de Vader verheven te worden. In elk van zijn geheimen leidt Jezus ons altijd naar God, zoals Hij rust aan het 'hart' van de Vader Vgl. Joh. 1, 18 . Hij is voortdurend naar Hem gericht. Hij wil ons in Zijn nabijheid met de Vader laten delen, zodat we met hem kunnen zeggen: "Abba, Vader" (Rom. 8, 15)(Gal. 4, 6). In de verbintenis tussen Christus en Zijn Vader maakt Hij ons broeders en zusters van Hemzelf en van elkaar terwijl Hij ons de heilige Geest zendt, die zowel van Hem als van de Vader is. Werkend als een soort fundament voor de christologische en mariale meditatie - welke zich ontvouwt in de herhaling van het Wees gegroet - maakt het Onze Vader de meditatie over het mysterie, zelfs wanneer het in eenzaamheid wordt gedaan, een kerkelijke ervaring.
De tien 'Wees gegroeten'
Dit is het meest uitgebreide element van het rozenkransgebed en het zorgt ervoor dat het een Maria-gebed bij uitstek is. Maar wie het Wees gegroet juist begrijpt kan duidelijk zien dat het mariale karakter niet tegengesteld is aan het christologische karakter. Het Wees gegroet benadrukt en vergroot de rol van Christus. Het eerste deel van het Wees gegroet, afgeleid van de woorden die de aartsengel Gabriël en de heilige Elisabet spraken tot Maria, is een contemplatie uit eerbied voor het geheim dat door de Maagd van Nazaret is volbracht. Die woorden geven - om zo te zeggen - het wonder van hemel en aarde weer. Ze zouden gezegd kunnen zijn om ons een glimp te doen opvangen van Gods eigen verwondering als hij zijn eigen 'meesterwerk' aanschouwt - de menswording van de Zoon in de schoot van de Maagd Maria. Als we ons herinneren hoe, in het boek Genesis, God "alles bekeek wat Hij gemaakt had" (Gen. 1, 31) kunnen we hierin een echo horen van die "pathos waarmee God, bij de dageraad van de schepping, naar het werk van zijn handen keek". H. Paus Johannes Paulus II, Brief, Brief aan de kunstenaars, Hoevelen zoeken met hartstochtelijke toewijding naar nieuwe ‘Epifaniën / verschijningen’ van schoonheid om ze met hun artistieke schepping aan de wereld als geschenk te geven (4 apr 1999), 1 De herhaling van het Wees gegroet in het rozenkransgebed maakt ons deelgenoot van Gods eigen verwondering en genoegen. In uitbundige verwondering worden we ons gewaar van het grootste wonder uit de geschiedenis. De profetie van Maria vindt hierin zijn vervulling: "Voortaan prijzen alle generaties mij gelukkig" (Lc. 1, 48).

Het zwaartepunt in het Wees gegroet, bijna een scharnier tussen het eerste en tweede deel, is de naam van Jezus. Soms kan dit zwaartepunt, als we het gebed snel reciteren, over het hoofd worden gezien en daarmee ook de verbinding met de contemplatie van het mysterie van Christus. Het is precies die nadruk, gegeven aan de naam van Jezus en Zijn geheim, dat het teken is van een betekenisvol en vruchtbaar bidden van het rozenkransgebed. Paus Paulus VI wijst in zijn apostolische Exhortatie H. Paus Paulus VI - Apostolische Exhortatie
Marialis Cultus
Over de vernieuwing van de Maria-verering in liturgie en persoonlijke beleving
(2 februari 1974)
op het gebruik in bepaalde regio's om de naam van Jezus te benadrukken door het toevoegen van een bijzin die betrekking heeft op het geheim dat men mediteert. H. Paus Paulus VI, Apostolische Exhortatie, Over de vernieuwing van de Maria-verering in liturgie en persoonlijke beleving, Marialis Cultus (2 feb 1974), 46 Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten, Directorium over volksvroomheid en liturgie. Principes en richtlijnen (9 apr 2002), 201. Dit gebruik werd recent geprezen door de Congregatie voor de goddelijke Eredienst en de Regeling van de Sacramenten in haar Direttorio su pietà popolare e liturgia. Principi e orientamenti (17 december 2001), 201 (Vaticaanstad 2002), 165. Dit is een lovenswaardig gebruik, met name als de rozenkrans gezamenlijk wordt gebeden. Het geeft krachtige uitdrukking van ons geloof in Christus en is gericht op de verschillende momenten uit het leven van de Verlosser. Het is zowel een belijdenis van geloof als een hulpmiddel voor de concentratie van onze meditatie omdat het het proces van aanpassing aan het mysterie vanChristus, dat inherent is aan de herhaling in het Wees gegroet, mogelijk maakt. Wanneer we de naam van Jezus herhalen - de enige naam waarbij we mogen hopen op verlossing Vgl. Hand. 4, 12 - in nauwe verbinding met de naam van de gezegende moeder, alsof we het doen op haar aangeven, slaan we een weg van aanpassing in die bedoeld is om ons te helpen ons te verdiepen in het leven van Christus.

Uit Maria's unieke en bevoorrechte verbintenis met Christus, hetgeen haar de moeder van God maakt, Theotòkos, ontlenen we de kracht voor het verzoek dat we in het tweede deel van het gebed maken, als we ons overgeven aan haar moederlijke voorspraak tijdens ons leven en in het uur van onze dood.

Het 'Gloria'
De lofprijzing van de Drievuldigheid is het doel van alle christelijke contemplatie. Christus is immers de weg die ons leidt naar de Vader en de heilige Geest. Als we op deze weg tot het eind volharden, komen we herhaaldelijk het geheim van de drie goddelijke personen tegen, aan wie alle lof, eerbied en dankbaarheid toekomen. Het is belangrijk dat het Gloria, het hoogtepunt van contemplatie, een belangrijke plaats wordt gegeven in het rozenkransgebed. In geval van gemeenschappelijk gebed kan het Gloria gezongen worden als manier om passende nadruk te geven aan de trinitaire structuur van alle christelijke gebeden.

De mate waarin de meditatie over het mysterie diepgaand en aandachtig is, en in de mate waarin de meditatie - van het ene Wees gegroet naar het andere - door liefde voor Christus en Maria levendig is, neemt de verheerlijking van de Drievuldigheid na tien keer Wees gegroet, dat verre van gehaast mag gebeuren, zijn juiste contemplatieve toon op, die de ziel als het ware verheft naar hemelse hoogten en ons in staat stelt om de ervaring van Tabor te herbeleven, een voorproefje van de contemplatie die ons nog staat te wachten: "Het is maar goed dat wij hier zijn" (Lc. 9, 33).

Het afsluitende, korte gebed
In het tegenwoordige gebruik wordt het Gloria gevolgd door een kort afsluitend gebed dat van streek tot streek verschilt. Zonder ook maar iets van de waarde van zo'n gebed af te doen, is het goed op te merken dat de contemplatie zijn volledige spirituele vruchten afwerpt als een poging zou worden gedaan om elk geheim af te sluiten met een gebed voor de specifieke vruchten van dat bepaalde geheim. Op deze manier zal het rozenkransgebed beter zijn verbinding met het christelijk leven uitdrukken. Een mooi liturgisch gebed stelt evenveel voor en het nodigt ons uit om te bidden dat we, door de geheimen van de rozenkrans te beschouwen, "nadoen wat ze inhouden en krijgen wat ze beloven". "... concede, quaesumus, ut haec mysteria sacratissimo beatae Mariae Virginis Rosario recolentes, et imitemur quod continent, et quod promittunt assequamur", in: Missale Romanum (1960), In festo B.M. Virginis a Rosario.

Zo'n afsluitend gebed kan, zoals nu al het geval is, op rechtmatige wijze allerlei vormen aannemen. Op deze manier kan het rozenkransgebed een karakter aannemen dat beter aansluit op verschillende spirituele tradities en verschillende christelijke gemeenschappen. Het is dan ook te hopen dat geschikte formules ruim zullen worden verspreid naar gepast pastoraal inzicht en na ervaringen in centra en heiligdommen die in het bijzonder zijn toegewijd aan het rozenkransgebed opdat Gods volk kan profiteren van een overvloed van authentieke spirituele rijkdom en een voedingsbodem vindt voor zijn persoonlijke contemplatie.

Het kralensnoer van de rozenkrans
De traditionele hulp om de rozenkrans te reciteren is de kralenketting. Oppervlakkig gezien zijn de kralen slechts een eenvoudige ondersteuning om de opeenvolging van de Wees gegroeten te tellen en de voortgang te markeren. Maar ze kunnen ook symbolische waarde hebben, die van toegevoegde waarde is voor de contemplatie.

Als eerste dient te worden opgemerkt dat de kralen samenkomen in de Crucifix, waarmee het zich ontvouwende gebed begint en eindigt. Christus is het centrum van het leven en het centrum van het gebed van de gelovigen. Alles gaat van Hem uit, alles neigt naar Hem, alles komt in Hem en in de heilige Geest samen in de Vader.

Als een hulpmiddel om te tellen en de voortgang van het gebed te markeren, herinneren de kralen ons aan de oneindige weg van christelijke contemplatie en vervolmaking. De zalige Bartolo Longo beschouwde ze als een 'keten' die ons met God verbindt. Een keten, maar wel een zoete keten omdat de betrekking met God, die ook onze Vader is, inderdaad zoet is. Het is een 'kinderlijke' ketting die ons in eenstemmigheid brengt met Maria, "de dienares van de Heer" (Lc. 1, 38) en, bovenal, met Christus zelf, die hoewel hij gelijk was aan God, zichzelf 'slaaf' maakte uit liefde voor ons Vgl. Fil. 2, 7 .

Het is mooi om de symbolische betekenis van het kralensnoer uit te breiden naar onze relaties met anderen en daarin de gemeenschapsband en broederschap te zien die ons allen verbinden in Christus.

Het begin en het eind
In verschillende delen van de Kerk zijn heden ten dage vele manieren om het rozenkransgebed te beginnen. In sommige plaatsen is het gewoonte om te beginnen met de openingswoorden uit Psalm 70: "God, kom mij te hulp, Heer haast U mij te helpen", om in hen die bidden een nederige bewustzijn aan te wakkeren van hun eigen onvolkomendheid. Op andere plaatsen begint de rozenkrans met het Credo, als om de geloofsbelijdenis de basis te maken van de contemplatieve reis die op het punt staat te beginnen. Deze en vergelijkbare gebruiken, in zoverre ze de ziel voorbereiden op de contemplatie, zijn alle in gelijke mate toegestaan. Het rozenkransgebed wordt vervolgens beëindigd met een gebed voor de intenties van de paus, als om de gelovigen de weidsheid van de noden van de Kerk te laten zien. Het is precies om deze kerkelijke dimensie van het rozenkransgebed te bevorderen dat de Kerk het passend heeft geacht om aflaten te verlenen aan hen die het bidden met de juiste instelling.

Als op deze manier wordt gebeden, wordt het rozenkransgebed werkelijk een spirituele weg waarop Maria voorgaat als moeder, leraar en gids en de gelovige ondersteunt met haar krachtige voorspraak. Is het daarom een wonder als de ziel zich, na dit gebed waarin hij zo diepgaand het moederschap van Maria voelde, geroepen voelt uit te barsten in lof voor de gezegende Maagd, met ofwel dat schitterende gebed Salve Regina of de Litanie van Loreto? Dit is het moment van de bekroning van de innerlijke reis, die de gelovige in levend contact heeft gebracht met het mysterie van Christus en zijn heilige Moeder.

Verdeling over de tijd
De rozenkrans in zijn geheel kan dagelijks worden gereciteerd, en het is te prjizen dat er mensen zijn die dat zo doen. Op deze wijze vult het gebed de dagen van contemplatief ingestelde mensen of het houdt de zieken gezelschap en ouderen die over voldoende tijd beschikken. Maar het moge duidelijk zijn - en dit is zelfs meer van toepassing nu de nieuwe reeks van mysteria lucis deel van het gebed uitmaakt - dat veel mensen slechts de mogelijkheid zullen hebben maar een deel van de rozenkrans te bidden volgens een zeker wekelijks patroon. Deze verdeling van het rozenkransgebed over een week heeft het effect dat de verschillende dagen van de week een zekere spirituele kleur krijgen, analoog aan de liturgie die de verschillende tijden van het liturgisch jaar kleur geeft.

Naar hedendaags gebruik zijn maandag en donderdag toegewijd aan de 'blijde geheimen', dinsdag en vrijdag aan de 'droevige geheimen' en woensdag, zaterdag en zondag aan de 'glorievolle geheimen'. Waar zouden de 'geheimen van het licht' kunnen worden ingelast? Als we er rekening mee houden dat de 'glorievolle geheimen' zowel op zaterdag als zondag worden overwogen en dat zaterdag altijd al een speciaal mariaal karakter had, kan de tweede wekelijkse meditatie van de 'blijde geheimen', geheimen waarin Maria in het bijzonder aanwezig is, verplaatst worden naar zaterdag. De donderdag komt dan vrij voor meditatie van de 'geheimen van het licht'.

Deze aanwijzing is niet bedoeld om de rechtmatige vrijheid in persoonlijk en gemeenschappelijk gebed in te perken, en ook moet rekening gehouden worden met spirituele en pastorale noden en de gebeurtenis van een bijzondere liturgische viering die zouden kunnen vragen om geschikte aanpassingen. Wat echt belangrijk is dat het rozenkransgebed altijd gezien en ervaren moet worden als een weg van contemplatie. In het gebed, dat op zekere hoogte gelijk is aan wat gebeurt tijdens de liturgie, wordt de christelijke week, met als middelpunt de zondag, de dag van de Verrijzenis, een reis door de geheimen uit het leven van Christus, die zich in het leven van Zijn leerlingen laat zien als de Heer van tijd en geschiedenis.

Document

Naam: ROSARIUM VIRGINIS MARIAE
Over de allerheiligste Rozenkrans
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Apostolische Brief
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 16 oktober 2002
Copyrights: © 2002, Katholiek Nieuwsblad, 's Hertogenbosch
Bewerkt: 22 mei 2018

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam