• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De rozenkrans, 'een samenvatting van het Evangelie'

De enige wijze om de contemplatie van het gelaat van Christus te benaderen is door te luisteren naar de stem van de Vader in de heilige Geest, omdat "niemand de Zoon kent behalve de Vader" (Mt. 11, 27). Op de geloofsbelijdenis van Petrus antwoordde Jezus in de buurt van Ceasarea Philippi door de bron aan te geven van dit duidelijk aanvoelen van Zijn identiteit: "Niet vlees en bloed hebben jou dat onthuld, maar mijn Vader in de hemel" (Mt. 16, 17). Wat dus nodig is, is een openbaring van boven. Om die openbaring te ontvangen is aandachtig luisteren onontbeerlijk: "Alleen de ervaring van stilte en gebed biedt het geëigende kader waarbinnen een waarachtige, getrouwe en samenhangende kennis kan groeien en rijpen van dat mysterie." H. Paus Johannes Paulus II - Apostolische Brief
Novo millennio ineunte
Een nieuw millennium
(6 januari 2001)
.

Het rozenkransgebed is een van de traditionele wegen van christelijk gebed gericht op de contemplatie van het gelaat van Christus. Paus Paulus VI beschreef het met de volgende woorden: "Daar dus het rozenkransgebed op het Evangelie steunt en naar het mysterie van de menswording en verlossing leidt als naar zijn kern, moet het als een gebed worden beschouwd dat geheel en al naar het christologische gebeuren wordt gericht. Wat hem immers eigen en bijzonder is, zijn litanievormige herhaling van de begroeting van de engel Wees gegroet namelijk, wordt ook een onophoudelijke lofprijzing van Christus, op wie de boodschap van de engel en de groet van de moeder van de doper, "Gezegend is de vrucht van uw schoot" (Lc. 1, 42), als uiteindelijk voorwerp wijst. De herhaling van de woorden Wees gegroet is daarentegen als het weefsel waarin de beschouwing van de mysteries verder gaat. De Christus die in elke groet van de engel wordt aangeduid, is dezelfde die op de rij af uitgesproken mysteries als de Zoon van God voorstellen en als de Zoon van de maagd." H. Paus Paulus VI, Apostolische Exhortatie, Over de vernieuwing van de Maria-verering in liturgie en persoonlijke beleving, Marialis Cultus (2 feb 1974), 46

Een passende aanvulling

Van de vele geheimen uit het leven van Christus zijn maar een paar aangewezen voor het rozenkransgebed die nu algemeen gebruikt worden en die door de Kerk zijn goedgekeurd. De selectie was bepaald door de oorsprong van het gebed dat was gebaseerd op het getal 150, het aantal psalmen in het boek der Psalmen.

Ik geloof echter dat, om de christologische diepte van het rozenkransgebed duidelijk te laten uitkomen, het passend zou zijn om een aanvulling op het klassieke patroon aan te brengen bestaande uit de geheimen van het openbare optreden van Christus tussen Doop en Lijden, de invulling echter overlatend aan de vrijheid van de individuele gelovigen en van de geloofsgemeenschappen. In de opeenvolging van de geheimen overdenken we belangrijke aspecten uit het leven van de persoon van Christus als de definitieve openbaring van God. Tijdens de doop in de Jordaan aangekondigd als de geliefde Zoon van de Vader, is Christus degene die de komst van het Koninkrijk aankondigt, Hij legt daarvan getuigenis af door Zijn werken en kondigt af wat gedaan moet worden. Het is gedurende de jaren van zijn openbare optreden dat het geheim van Christus het duidelijkst een geheim van licht is: "Zolang Ik in de wereld ben, ben Ik het licht van de wereld" (Joh. 9, 5).

Opdat het rozenkransgebed meer een 'samenvatting van het Evangelie' wordt is het passend om na de overweging van de Menswording en het verborgen leven van Christus (de blijde geheimen) en voorafgaand aan de overweging van de pijn en Zijn Lijden (de droevige geheimen) en de overwinning van zijn Verrijzenis (de glorievolle geheimen) de geheimen van het licht toe te voegen. Deze geheimen vormen een meditatie van bepaalde belangrijke momenten van Zijn openbare optreden. De aanvulling, zonder dat het de traditionele vorm van de rozenkrans schaadt, is bedoeld om het gebed nieuw leven in te blazen en om nieuwe belangstelling voor de plaats van het rozenkransgebed in de christelijke spiritualiteit op te wekken. Het gebed is een ware doorgang naar de diepten van het hart van Christus, oceaan van blijdschap en van licht, van lijden en glorie.

De blijde geheimen

De eerste vijf series van tien, de 'blijde geheimen', worden gekenmerkt door de vreugde die uitstraalt van de Menswording. Dit is duidelijk vanaf het eerste geheim, de Aankondiging, waar de begroeting van Gabriël aan de Maagd van Nazaret gepaard gaat met een uitnodiging van Messiaanse vreugde: "Verheugt U, Maria". De gehele heilsgeschiedenis en in zekere zin de volledige wereldgeschiedenis loopt uit op deze begroeting. Als het de wil van de Vader is om alles in Christus samen te brengen Vgl. Ef. 1, 10 , dan is het gehele universum op een bepaalde manier geraakt door de goddelijke goedkeuring waarmee de Vader naar Maria kijkt en haar tot de moeder van Zijn zoon maakt. De gehele mensheid wordt op zijn beurt omvat in het fiat waarmee zij bereidwillig instemt met Gods wil.

Verrukking is het kenmerk van de ontmoeting met Elizabet, waar het geluid van Maria's stem en de aanwezigheid van Christus in haar ertoe leidde dat Johannes van "vreugde opsprong in de schoot" van Elizabet. Vgl. Lc. 1, 44 Ook de scène in Betlehem wordt gekenmerkt door blijdschap als de geboorte van het goddelijke Kind - de Verlosser van de wereld - wordt aangekondigd door engelengezang en verkondigd aan de herders als "een vreugdevolle boodschap" (Lc. 2, 10).

De laatste twee geheimen, nog steeds deze vreugde uitstralend, wijzen al naar het drama dat gaat komen. De Opdracht in de Tempel drukt niet alleen de vreugde uit vanwege de toewijding van het Kind en de verrukking van de bejaarde Simeon. Het geeft de profetie weer over Christus als een "teken van tegenspraak" in Israël en over een zwaard dat Zijn moeders hart doorboort. Vgl. Lc. 2, 34-35 Vreugde en verdriet gaan hand in hand bij het vijfde geheim als Maria haar twaalfjarige Zoon terugvindt in de tempel. Hier verschijnt Christus in zijn goddelijke wijsheid als Hij luistert en, in feite reeds als iemand die onderricht, vragen stelt. De openbaring van Zijn mysterie als de Zoon die geheel toegewijd is aan Zijn Vader, verkondigt de radicale natuur van het Evangelie, waarin zelfs de meest intieme van de menselijke relaties worden uitgedaagd door de absolute eisen van het Koninkrijk. Maria en Jozef, bevreesd en ongerust, "begrepen" zijn woorden niet. Vgl. Lc. 2, 50

Te mediteren over de blijde geheimen is als binnen te treden in de ultieme oorzaken en de diepste betekenis van christelijke vreugde. Het is zich concentreren op de werkelijkheidswaarde van het mysterie van de Menswording en op de duistere voorbode van het mysterie van het verlossend lijden. Maria leidt ons naar de ontdekking van het geheim van de christelijke gelukzaligheid en herinnert ons dat het christendom boven alles euangelion, 'goed nieuws' is, dat als het hart en als gehele inhoud de persoon van Jezus Christus heeft, het vleesgeworden Woord, de enige Verlosser van de wereld.

De geheimen van het licht

Als we overgaan van de kindertijd en de periode in Nazaret naar het openbare leven van Jezus brengt de contemplatie ons naar de geheimen die op een bijzondere manier 'geheimen van het licht' kunnen worden genoemd. Het gehele Christusgeheim is in werkelijkheid een geheim van licht. Hij is het "licht van de wereld" (Joh. 8, 12). Deze waarheid wordt op bijzondere wijze tot uitdrukking gebracht tijdens Zijn openbare leven als Hij het Evangelie van het Koninkrijk Gods verkondigt.
Ik wil voor de christelijke gemeenschap vijf belangrijke momenten - 'lichtgevende' geheimen - tijdens deze fase van Christus' leven aanreiken. Ik denk dat de volgende op passende wijze kunnen worden uitgekozen:

  1. Zijn doop in de Jordaan
  2. Zijn openbaring tijdens de Bruiloft te Kana
  3. Zijn verkondiging van het Koninkrijk Gods en Zijn oproep tot bekering
  4. Zijn transfiguratie
  5. Zijn instelling van de eucharistie als sacramentele uitdrukking van het paasmysterie.

Elke geheim is een openbaring van het Koninkrijk Gods dat reeds in de persoon van Jezus aanwezig is. De doop in de Jordaan is voor alles een geheim van het licht. Als Christus afdaalt in het water, de Onschuldige die de zondelast voor onze redding op zich nam Vgl. 2 Kor. 5, 21 , de hemelen zich wijd openen en de stem van de Vader Hem bekend maakt als zijn beminde Zoon Vgl. Mt. 3, 17 , terwijl de heilige Geest over Hem nederdaalt en Hem bekleedt met de opdracht die Hij zal gaan uitvoeren. Een ander geheim van het licht is het eerste van de wonderen dat plaatsvindt in Kana Vgl. Joh. 2, 1-12 als Christus water in wijn verandert en het hart van de discipelen opent voor het geloof, dankzij de tussenkomst van Maria, de eerste onder de gelovigen. Weer een ander geheim is Jezus' prediking van de komst van het Koninkrijk van God, Zijn oproep tot bekering Vgl. Mc. 1, 15 en de vergeving van zonden van iedereen die in nederig vertrouwen tot Hem komt Vgl. Mc. 2, 3-13 Vgl. Lc. 7, 47-48 . De instelling van dat geheim van genade dat hij uitvoert tot aan het einde van de wereld, met name door het sacrament van verzoening dat Hij aan Zijn Kerk heeft toevertrouwd Vgl. Joh. 20, 22-23 . Het geheim van het licht bij uitstek is de transfiguratie van Christus, die volgens de traditie op de berg Tabor heeft plaatsgevonden. De luister van de goddelijkheid straalt van het gelaat van Christus als de Vader de verbijsterde apostelen opdraagt "naar Hem te luisteren" Vgl. Lc. 9, 35 en zich voor te bereiden om met Hem het lijden van de Passie mee te maken, maar ook om samen met Hem tot de vreugde van de Verrijzenis en het leven in de heilige Geest te komen. Het vijfde en laatste geheim van het licht is de instelling van de eucharistie, waarin Christus Zijn lichaam en bloed aanbiedt als voedsel onder de tekenen van brood en wijn en getuigenis aflegt van zijn liefde voor de mensheid "tot het uiterste toe" (Joh. 13, 1), voor wiens heil Hij zichzelf zal aanbieden als offer.

In deze geheimen, op dat van het wonder van Kana na, blijft de aanwezigheid van Maria op de achtergrond. De Evangeliën maken de kortst mogelijke verwijzingen naar haar toevallige aanwezigheid op een een of ander moment van predikatie van Jezus Vgl. Mc. 3, 31-35 Vgl. Joh. 2, 12 en uit het Evangelie kan niet worden opgemaakt of ze bij het Laatste Avondmaal en bij de instelling van de eucharistie aanwezig was. Maar de rol die ze op zich neemt in Kana vergezelt Christus in zekere zin gedurende zijn gehele weg. De Openbaring van Christus, door de Vader tijdens de doop in de Jordaan en herhaald door Johannes de Doper, wordt door Maria verwoord in Kana en het wordt de grote moederlijke aansporing die Maria aan de Kerk van alle tijden geeft: "Wat Hij u ook beveelt, doe het maar" (Joh. 2, 5). Deze raad is een passende inleiding tot de woorden en de tekenen tijdens het publieke leven van Christus en het vormt het mariale fundament van alle 'geheimen van het licht'.

De droevige geheimen
De Evangeliën besteden veel aandacht aan de droevige geheimen van Christus. Vanaf het begin heeft de christelijke vroomheid, met name bij de overweging van de Kruisweg tijdens de Veertigdagentijd, zich gericht op de afzonderlijke momenten van de Passie. Men besefte dat daarin het hoogtepunt van de openbaring van Gods liefde en de bron van onze redding wordt gevonden. Het rozenkransgebed neemt bepaalde momenten uit het passieverhaal om de gelovigen uit te nodigen tot contemplatie en die momenten in hun hart te herbeleven. De reeks van meditaties begint met Getsemane, waar Christus een moment van grote doodsangst ondergaat voor de wil van de Vader en waartegen de zwakheid van het vlees in verzoeking zou worden gebracht om in opstand te komen. Jezus confronteert zich met alle beproevingen van de mensheid en alle menselijke zonden met de bedoeling tegen de Vader te zeggen: "Laat niet mijn wil gebeuren, maar die van U" (Lc. 22, 42). Dit 'ja' van Christus draait het 'nee' van onze stamvaderen in het Hof van Eden terug. De prijs van Zijn gelovigheid aan de wil van de Vader wordt duidelijk gemaakt in de volgende geheimen. Door Zijn geseling, de doornenkroon, het dragen van het Kruis en de dood aan het Kruis wordt de Heer overgeleverd aan het meest miserabele lijden: Ecce homo!

Dit ellendige lijden onthult niet alleen Gods liefde, maar ook de zin van de mensheid zelf. Ecce homo: de betekenis, het begin en de vervulling van de mensheid is te vinden in Christus, de God die zichzelf vernederde uit liefde "tot de dood, de dood aan een kruis" (Fil. 2, 8). De droevige geheimen helpen de gelovige de dood van Jezus te herbeleven, te staan aan de voet van het Kruis naast Maria om met Haar binnen te treden in Gods liefde voor de mens en zijn levengevende kracht te ervaren.

De glorievolle geheimen
"De beschouwing van Christus' gelaat mag niet halt houden bij het beeld van de gekruisigde. Hij is de Verrezene!" H. Paus Johannes Paulus II, Apostolische Brief, Een nieuw millennium, Novo millennio ineunte (6 jan 2001), 28 Het rozenkransgebed heeft altijd dit bewustzijn onder woorden gebracht en nodigde de gelovige uit om voorbij te gaan aan het duister van de Passie en op te zien naar de glorie van Christus in de Verrijzenis en de Hemelvaart. In de beschouwing van de Verrezene herontdekken christenen de reden voor hun eigen geloof Vgl. 1 Kor. 15, 14 en zij herbeleven niet alleen de vreugde van hen aan wie Christus is verschenen - de apostelen, Maria Magdalena en de Emmaüsgangers - maar ook de vreugde van Maria, die een gelijksoortige intense ervaring moet hebben gehad toen haar verheerlijkte Zoon het nieuwe leven begon. In de Hemelvaart werd Christus in glorie opgenomen aan de rechterhand van de Vader, terwijl Maria zelf tot dezelfde glorie zou worden verheven bij haar Tenhemelopneming. Zij had op voorhand dit unieke privilege, het doel dat voor alle rechtvaardigen is bestemd bij de Verrijzenis der doden. Gekroond in glorie - zoals ze tevoorschijn komt in het laatste glorievolle geheim - straalt Maria als koningin van engelen en heiligen als een vooruitblik op de hoogste eschatologische staat van de Kerk.

Hoogtepunt in deze reeks glorievolle geheimen die de glorie van de Zoon en Zijn moeder betreft, is Pinksteren. Dan wordt het gelaat van de Kerk geopenbaard als een gezin dat met Maria bij elkaar komt, opgewekt door de krachtige uitstorting van de heilige Geest en gereed voor de verkondiging van het Evangelie. De contemplatie van deze gebeurtenis, net zoals die van de andere glorievolle geheimen, zou bij de gelovigen moeten leiden tot een grotere waardering voor hun nieuwe leven in Christus, geleefd in het hart van de Kerk, waarvan de gebeurtenissen van Pinksteren zelf de grootste icoon van hun nieuwe bestaan is. De glorievolle geheimen leiden zo tot een grotere hoop op het eschatologische doel, waar de gelovigen naartoe reizen als leden van het pelgrimerende volk Gods in de geschiedenis. Dit kan hen aanzetten om moedige getuigen van het 'goede nieuws' te zijn dat betekenis geeft aan hun gehele bestaan.

Van de 'geheimen' tot het 'Geheim': de weg van Maria
De meditatiecycli voorgesteld door de rozenkrans zijn bij lange na niet uitputtend, maar ze brengen wel naar voren wat essentieel is. Ze wekken een dorst op naar kennis van Christus, die gelest wordt door de pure bron van het Evangelie. Elke afzonderlijke gebeurtenis uit het leven van Christus, zoals blijkt uit het Evangelie, is het een schittering van het mysterie dat al het begrip te boven gaat Vgl. Ef. 3, 19 : het mysterie van het vlees geworden Woord, waarin "de godheid lijfelijk in heel haar volheid woont" (Kol. 2, 9). Daarom legt de Catechismus-Compendium
Catechismus van de Katholieke Kerk
(15 augustus 1997)
grote nadruk op de Christusgeheimen en brengt zij onder de aandacht dat "alles in het leven van Jezus in het teken van zijn mysterie staat". Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 515 Het 'duc in altum' van de Kerk van het derde millennium zal worden bepaald door de mate waarin gelovigen in staat zijn binnen te gaan in de "volle rijkdom van het inzicht in Gods geheim, Christus namelijk, in wie alle schatten van wijsheid en kennis verborgen liggen" (Kol. 2, 2-3). De brandende oproep uit de Brief aan de Efeziërs geldt voor alle gedoopten: "zodat Christus door het geloof woont in uw hart, en u in de liefde geworteld en gegrondvest blijft. Dat u in staat zijt..& bent de liefde te kennen van Christus, die alle kennis te boven gaat; dat u geheel vervuld wordt van de volheid van God" (Ef. 3, 17-19).

Het rozenkransgebed staat ten dienste van dit ideaal: het gebed biedt het 'geheim' dat eenvoudig leidt tot een diepgaande en innerlijke kennis van Christus. We kunnen het de weg van Maria noemen. Het is de weg van het voorbeeld van de Maagd van Nazaret, een vrouw van geloven, zwijgen en luisteren. Het is ook de weg van een mariale devotie geïnspireerd door de kennis van de onafscheidelijke verbintenis tussen Christus en Zijn moeder. De Christusgeheimenzijn in zekere zin ook de geheimen van Zijn moeder, ook al hebben ze niet direct betrekking op haar, omdat ze van en door Hem leefde. Door ons de woorden van de aartsengel Gabriël en de heilige Elisabet in het Wees gegroet eigen te maken, worden we voortdurend aangespoord in Maria, tussen haar armen en in haar hart, de "gezegende vrucht van haar schoot" Vgl. Lc. 1, 42 te zoeken.

Geheim van Christus, geheim van de mens
In mijn getuigenis uit 1978 die ik hierboven aanhaalde en waarin ik het rozenkransgebed beschreef als mijn favoriete gebed, gebruikte ik een beeld waarop ik wil terugkomen. Ik zei toen: "In het eenvoudige rozenkransgebed komt het ritme van het menselijk leven tot uitdrukking." H. Paus Johannes Paulus II, Angelus/Regina Caeli, Over het Rozenkransgebed (29 okt 1978)

In het kader van wat tot dusverre is gezegd over de geheimen van Christus is het niet moeilijk dieper in te gaan op de antropologische betekenis van het rozenkransgebed, dat veel verder gaat dan op het eerste gezicht lijkt. Iedereen die gedurende de verschillende fasen van zijn leven mediteert over Christus kan niet anders dan in Hem de waarheid over de mensheid ontvangen. Dit is de grote bevestiging van het Tweede Vaticaans Concilie die ik sinds de Encycliek H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Redemptor Hominis
De Verlosser van de mensen
(4 maart 1979)
zo vaak in mijn leer heb verwerkt: "In werkelijkheid licht het mysterie van de mens alleen op in het mysterie van het mens geworden Woord." 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 22 Het rozenkransgebed helpt de weg naar dit licht te openen. Door in het voetspoor van Christus te gaan, waarin de weg van de mensheid "kort is samengevat", H. IreneĆ¼s van Lyon, Tegen de ketters, Adversus Haereses. III, 18, 1, in: PG7, 932. geopenbaard en verlost, komen gelovigen oog in oog te staan met het beeld van de ware mens. Mediterend over de geboorte van Christus leren zij over de heiligheid van het leven. Kijkend naar het huiselijk leven in Nazaret leren zij de oorspronkelijke waarheid van het gezin volgens Gods plan kennen. Door naar de Meester te luisteren in de geheimen van zijn publieke leven vinden zij het licht dat hen leidt om het Koninkrijk van God binnen te gaan. Door Hem te volgen op zijn weg naar Calvarië leren zij de betekenis van het heilbrengend lijden. Door Christus en Zijn moeder tenslotte in glorie te overdenken, zien zij het doel waarvoor ieder van ons geroepen is, mits we onszelf toestaan om genezen en herschapen te worden door de heilige Geest. Men zou kunnen zeggen dat elk geheim van de rozenkrans, bij zorgvuldige meditatie, licht verspreidt op het mysterie van de mensheid.

Tegelijkertijd wordt het vanzelfsprekend om naar deze ontmoeting met de heilige mensheid van de Verlosser alle problemen, zorgen en inspanningen waaruit ons leven bestaat te brengen. "Geef al uw zorgen over aan de Heer, Hij zal je leven dragen" (Ps. 55, 23). De rozenkrans bidden is de last overbrengen op het genaderijke hart van Christus en Zijn moeder. Vijfentwintig jaar later en de moeilijkheden overdenkend die ook deel uitmaken van mijn pontificaat voel ik me geroepen om het nog eens als een hartelijke uitnodiging tegen iedereen te zeggen: het rozenkransgebed slaat werkelijk 'het ritme van het menselijk leven'. Het brengt het leven in harmonie met het ritme van Gods eigen leven, in de glorievolle gemeenschap met de heilige Geest, die richting geeft aan en ademtocht is van ons leven.

Document

Naam: ROSARIUM VIRGINIS MARIAE
Over de allerheiligste Rozenkrans
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Apostolische Brief
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 16 oktober 2002
Copyrights: © 2002, Katholiek Nieuwsblad, 's Hertogenbosch
Bewerkt: 22 mei 2018

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam