• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De tien 'Wees gegroeten'
Dit is het meest uitgebreide element van het rozenkransgebed en het zorgt ervoor dat het een Maria-gebed bij uitstek is. Maar wie het Wees gegroet juist begrijpt kan duidelijk zien dat het mariale karakter niet tegengesteld is aan het christologische karakter. Het Wees gegroet benadrukt en vergroot de rol van Christus. Het eerste deel van het Wees gegroet, afgeleid van de woorden die de aartsengel Gabriël en de heilige Elisabet spraken tot Maria, is een contemplatie uit eerbied voor het geheim dat door de Maagd van Nazaret is volbracht. Die woorden geven - om zo te zeggen - het wonder van hemel en aarde weer. Ze zouden gezegd kunnen zijn om ons een glimp te doen opvangen van Gods eigen verwondering als hij zijn eigen 'meesterwerk' aanschouwt - de menswording van de Zoon in de schoot van de Maagd Maria. Als we ons herinneren hoe, in het boek Genesis, God "alles bekeek wat Hij gemaakt had" (Gen. 1, 31) kunnen we hierin een echo horen van die "pathos waarmee God, bij de dageraad van de schepping, naar het werk van zijn handen keek". H. Paus Johannes Paulus II, Brief, Brief aan de kunstenaars, Hoevelen zoeken met hartstochtelijke toewijding naar nieuwe ‘Epifaniën / verschijningen’ van schoonheid om ze met hun artistieke schepping aan de wereld als geschenk te geven (4 apr 1999), 1 De herhaling van het Wees gegroet in het rozenkransgebed maakt ons deelgenoot van Gods eigen verwondering en genoegen. In uitbundige verwondering worden we ons gewaar van het grootste wonder uit de geschiedenis. De profetie van Maria vindt hierin zijn vervulling: "Voortaan prijzen alle generaties mij gelukkig" (Lc. 1, 48).

Het zwaartepunt in het Wees gegroet, bijna een scharnier tussen het eerste en tweede deel, is de naam van Jezus. Soms kan dit zwaartepunt, als we het gebed snel reciteren, over het hoofd worden gezien en daarmee ook de verbinding met de contemplatie van het mysterie van Christus. Het is precies die nadruk, gegeven aan de naam van Jezus en Zijn geheim, dat het teken is van een betekenisvol en vruchtbaar bidden van het rozenkransgebed. Paus Paulus VI wijst in zijn apostolische Exhortatie H. Paus Paulus VI - Apostolische Exhortatie
Marialis Cultus
Over de vernieuwing van de Maria-verering in liturgie en persoonlijke beleving
(2 februari 1974)
op het gebruik in bepaalde regio's om de naam van Jezus te benadrukken door het toevoegen van een bijzin die betrekking heeft op het geheim dat men mediteert. H. Paus Paulus VI, Apostolische Exhortatie, Over de vernieuwing van de Maria-verering in liturgie en persoonlijke beleving, Marialis Cultus (2 feb 1974), 46 Congregatie voor de Eredienst en de Sacramenten, Directorium over volksvroomheid en liturgie. Principes en richtlijnen (9 apr 2002), 201. Dit gebruik werd recent geprezen door de Congregatie voor de goddelijke Eredienst en de Regeling van de Sacramenten in haar Direttorio su pietà popolare e liturgia. Principi e orientamenti (17 december 2001), 201 (Vaticaanstad 2002), 165. Dit is een lovenswaardig gebruik, met name als de rozenkrans gezamenlijk wordt gebeden. Het geeft krachtige uitdrukking van ons geloof in Christus en is gericht op de verschillende momenten uit het leven van de Verlosser. Het is zowel een belijdenis van geloof als een hulpmiddel voor de concentratie van onze meditatie omdat het het proces van aanpassing aan het mysterie vanChristus, dat inherent is aan de herhaling in het Wees gegroet, mogelijk maakt. Wanneer we de naam van Jezus herhalen - de enige naam waarbij we mogen hopen op verlossing Vgl. Hand. 4, 12 - in nauwe verbinding met de naam van de gezegende moeder, alsof we het doen op haar aangeven, slaan we een weg van aanpassing in die bedoeld is om ons te helpen ons te verdiepen in het leven van Christus.

Uit Maria's unieke en bevoorrechte verbintenis met Christus, hetgeen haar de moeder van God maakt, Theotòkos, ontlenen we de kracht voor het verzoek dat we in het tweede deel van het gebed maken, als we ons overgeven aan haar moederlijke voorspraak tijdens ons leven en in het uur van onze dood.

Document

Naam: ROSARIUM VIRGINIS MARIAE
Over de allerheiligste Rozenkrans
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Apostolische Brief
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 16 oktober 2002
Copyrights: © 2002, Katholiek Nieuwsblad, 's Hertogenbosch
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam