• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

De leer van de erfzonde, die de universaliteit van de zonde leert, is van fundamenteel belang: “Als wij zeggen zonder zonde te zijn, bedriegen wij onszelf, en woont de waarheid niet in ons” (1 Joh. 1, 8). Deze leer moedigt mensen aan om niet in schuld te blijven steken en om schuld niet licht te nemen door voortdurend te zoeken naar zondebokken bij andere mensen en naar rechtvaardiging in de omgeving, in erfelijkheid, in instellingen, in structuren en in relaties. Deze leer ontmaskert dit soort van bedrog.

De leer van de universaliteit van de zonde mag niettemin niet worden losgemaakt van het bewustzijn van de universaliteit van het heil in Jezus Christus. Indien men haar ervan isoleert, dan veroorzaakt dit een valse angst voor de zonde en een pessimistische visie op de wereld en het leven, wat leidt tot een verachting van de culturele en burgerlijke verwezenlijkingen van de mensheid.

Een christelijk realisme ziet de afgronden van de zonde, maar dan wel in het licht van de hoop, groter dan elk kwaad, gegeven door de verlossende daad van Jezus Christus die zonde en de dood vernietigd heeft Vgl. Rom. 5, 18-21 Vgl. 1 Kor. 15, 56-57 : “In Hem heeft God zich met de mens verzoend”. H. Paus Johannes Paulus II, Postsynodale Apostolische Exhortatie, Over de verzoening en boete in de zending van de Kerk in deze tijd, Reconciliatio et paenitentia (2 dec 1984), 10 Christus, het beeld van God Vgl. 2 Kor. 4, 4 Vgl. Kol. 1, 15 is het die het beeld en de gelijkenis van God in de mens volledig verlicht en tot haar voltooiing brengt. Het Woord dat mens is geworden in Jezus Christus is sedertdien het leven en het licht van de mens, het licht dat elke mens verlicht. Vgl. Joh. 1, 4.9 God wenst in de enige mediator Jezus Christus, zijn Zoon, de redding van alle mensen. Vgl. 1 Tim. 2, 4-5 Jezus is tegelijk de Zoon van God en de nieuwe Adam, dit wil zeggen de nieuwe mens Vgl. 1 Kor. 15, 47-49 Vgl. Rom. 5, 14 : “Christus, de laatste Adam, maakt juist door de openbaring van het mysterie van de Vader en diens liefde de mens voor zichzelf duidelijk en geeft hem inzicht in zijn zeer hoge roeping”. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 22 In Hem zijn wij door God “tevoren bestemd om gelijkvormig te zijn aan het beeld van Zijn Zoon, opdat deze de eerstgeborene zou zijn onder vele broeders” (Rom. 8, 29).

De nieuwe realiteit die Christus ons geeft is niet in de menselijke natuur gegrift en is evenmin van buitenaf toegevoegd: het gaat veeleer om die realiteit van gemeenschap met de drie-ene God waartoe de mensen in hun diepste wezen steeds geordend zijn geweest, dankzij hun geschapen gelijkenis met God. Dit is echter ook een realiteit die mensen niet op eigen kracht kunnen bereiken. Door de Geest van Jezus Christus, de mensgeworden Zoon van God, in wie deze realiteit van gemeenschap reeds op een heel bijzondere wijze gerealiseerd is, worden de mensen verwelkomd als kinderen van God Vgl. Rom. 8, 14-17 Vgl. Gal. 4, 4-7 . Door Christus hebben wij deel in de natuur van God, die ons oneindig veel meer geeft “dan alles wat wij vragen of denken” (Ef. 3, 20). Wat de mensheid reeds heeft ontvangen, is niet méér dan een onderpand of een “waarborg” Vgl. 2 Kor. 1, 22 Vgl. Ef. 1, 14 van wat zij slechts volledig van God zal ontvangen, van “aangezicht tot aangezicht” (1 Kor. 13, 12), namelijk een waarborg voor eeuwig leven. “Eeuwig leven! Dat betekent dat ze U, de enige waarachtige God leren kennen, en ook Degene die U gezonden hebt: Jezus Christus” (Joh. 17, 3).
De universaliteit van deze hoop behelst, naast alle mannen en vrouwen uit alle volken, ook de hemel en de aarde: “Hemelen, laat uw hoogten druipen en gerechtigheid uit de wolken stromen. Aarde, open uw schoot, laat het heil bloeien en de gerechtigheid ontkiemen. Ik, de Heer, heb dat alles geschapen” (Jes. 45, 8). Volgens het Nieuwe Testament verlangt ook de ganse schepping, samen met de gehele mensheid, naar de Verlosser: onderworpen aan een zinloos bestaan, schrijdt de schepping, te midden van gekreun en barensweeën, vol hoop voort en zij verlangt vurig om te worden bevrijd van verval Vgl. Rom. 8, 18-22 .

Document

Naam: COMPENDIUM VAN DE SOCIALE LEER VAN DE KERK
Soort: Pauselijke Raad "Justitia et Pax"
Datum: 26 oktober 2004
Copyrights: © 2004, Libreria Editrice Vaticana
Vert.: vatican.va, Stg. InterKerk, katholiekgezin.nl
Bewerkt: 1 juli 2020

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam