• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Met haar sociale leer wil de Kerk het Evangelie verkondigen en aanwezig stellen in het complexe netwerk van sociale relaties. Het gaat niet eenvoudigweg om het bereiken van de mens in de samenleving — de mens als de bestemmeling van de verkondiging van het Evangelie — maar wel om het verrijken en doordringen met het Evangelie van de maatschappij zelf Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 40. Voor de Kerk betekent het zich buigen over de noden van de mens tevens dat zij de maatschappij in haar missionaire en heilbrengende taak betrekt. De manier waarop mensen samenleven in de maatschappij, bepaalt dikwijls de levenskwaliteit en daarom ook de condities waarin elke man en vrouw zichzelf verstaan en waarin zij beslissingen nemen omtrent zichzelf en hun roeping. Om die reden staat de Kerk niet onverschillig tegenover wat wordt beslist, voortgebracht of ervaren in de maatschappij. Ze let op de morele kwaliteit — dus de authentieke menselijke en humaniserende aspecten — van het sociale leven. De maatschappij — en met haar ook politiek, economie, werk, recht, cultuur — is niet eenvoudigweg een seculiere of wereldse realiteit, die dus buiten de boodschap en de economie van het heil staat of hieraan vreemd zou zijn. De maatschappij, met alles wat zich daarin verwezenlijkt, belangt immers de mens aan. De maatschappij bestaat uit mensen die “de eerste en fundamentele weg vormen die de Kerk moet gaan” H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De Verlosser van de mensen, Redemptor Hominis (4 mrt 1979), 14.

Door middel van haar sociale leer vervult de Kerk haar taak van verkondiging die de Heer aan haar heeft toevertrouwd. Ze brengt de boodschap van Christus van vrijheid en verlossing, het Evangelie van het koninkrijk, aanwezig in de menselijke geschiedenis. In de verkondiging van het Evangelie “getuigt de Kerk, in Christus’ naam, tegenover de mens van zijn eigen waardigheid en van zijn geroepen-zijn tot een gemeenschap van personen; ze houdt hem de eisen voor van rechtvaardigheid en vrede, die overeenstemmen met de goddelijke wijsheid” Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 2419.

Net zoals het Evangelie dat dankzij de Kerk weerklinkt in het heden van de mens Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Homilie, Op Pinksteren ter gelegenheid van honderd jaar Rerum novarum (19 mei 1991), is de sociale leer van de Kerk een woord dat bevrijding brengt. Dit betekent dat zij de effectiviteit bezit van waarheid en genade die uit de Geest van God voortkomt, die de harten binnendringt en hen ontvankelijk maakt voor gedachten en plannen van liefde, rechtvaardigheid, vrijheid en vrede. De evangelisatie van de sociale sector komt bijgevolg neer op het in het mensenhart influisteren van de kracht van zingeving en vrijheid die in het Evangelie wordt gevonden, om zo een maatschappij te bevorderen die past voor de mens omdat ze past voor Christus: dit staat gelijk met de bouw van een stad voor de mens die meer humaan is omdat die meer de vorm aanneemt van het koninkrijk van God.

Met haar sociale leer wijkt de Kerk niet af van haar missie; ze is er integendeel strikt trouw aan. De verlossing die door Christus werd bedongen en die toevertrouwd werd aan de reddende zending van de Kerk, behoort zeker tot de bovennatuurlijke orde. Deze dimensie is geen inperking van het heil maar veeleer een integrale uitdrukking ervan Vgl. H. Paus Paulus VI, Postsynodale Apostolische Exhortatie, Over de Evangelisatie in de Moderne Wereld, Evangelii Nuntiandi (8 dec 1975), 9 Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Toespraak, De beginselen van de geloofsverkondiging, Tot de Bisschoppen van Latijns-Amerika bij de Opening van hun derde conferentie in Puebla (Mexico) (28 jan 1979), 17-19. Het bovennatuurlijke mag niet worden begrepen als een entiteit of plaats die begint waar het natuurlijke ophoudt, maar moet worden aangezien als het verheffen van het natuurlijke op een hoger vlak. In die zin is niets van de orde van de schepping of van het menselijke vreemd aan of uitgesloten van de bovennatuurlijke of goddelijke orde van geloof en genade, maar wordt het eerstgenoemde eerder bevestigd, opgenomen en verheven in het laatstgenoemde. “De zichtbare wereld, die door God werd geschapen voor de mens Vgl. Gen. 1, 26-30 en die door de zonde vergankelijk werd (Rom. 8, 20) Vgl. Rom. 8, 19-22 , vindt in Jezus Christus opnieuw zijn oorspronkelijke verbondenheid met de goddelijke bron van de Wijsheid en de Liefde: ‘zozeer heeft God immers de wereld liefgehad dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft gegeven’ (Joh. 3, 16). Zoals deze verbondenheid door de mens Adam werd verbroken, zo werd ze hersteld in de Mens Christus Vgl. Rom. 5, 12-21 Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De Verlosser van de mensen, Redemptor Hominis (4 mrt 1979), 8.
Verlossing begint met de incarnatie waardoor de Zoon van God alles wat menselijk is, behalve de zonde, aanneemt in overeenstemming met de solidariteit die gevestigd werd door de Wijsheid van de goddelijke Schepper, en die alles omvat in zijn gave van verlossende Liefde. De mens wordt door deze liefde geraakt in de volheid van zijn wezen: een wezen dat lichamelijk en geestelijk is, dat in een solidaire relatie staat met anderen. De ganse mens - niet een losgemaakte ziel of een wezen dat opgesloten zit in zijn eigen individualiteit, maar de persoon en de maatschappij van personen - is opgenomen in de heilseconomie van het Evangelie. Als draagster van de boodschap van het Evangelie van de incarnatie en van de verlossing, kan de Kerk geen andere weg volgen: met haar sociale leer en met de werkzame actie die daaruit voortvloeit, verbergt zij niet alleen haar gelaat niet en zwakt zij haar zending niet af, maar is zij ook trouw aan Christus en toont ze zichzelf aan de mens als “het universele heilssacrament” 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 48. Dit geldt in het bijzonder in tijden zoals de onze, die worden gekenmerkt door een groeiende wederzijdse afhankelijkheid en globalisering van sociale kwesties.

Document

Naam: COMPENDIUM VAN DE SOCIALE LEER VAN DE KERK
Soort: Pauselijke Raad "Justitia et Pax"
Datum: 26 oktober 2004
Copyrights: © 2004, Libreria Editrice Vaticana
Vert.: vatican.va, Stg. InterKerk, katholiekgezin.nl
Bewerkt: 5 december 2020

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam