• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Geconfronteerd met de imposante "nieuwe dingen" van de wereld van de arbeid, beveelt de sociale leer van de Kerk op de eerste plaats aan om de fout van een deterministische duiding van de huidige veranderingen te vermijden. De beslissende factor en de "scheidsrechter" van deze complexe fase van verandering is om het nog eens te herhalen de mens, die de ware protagonist van zijn arbeid moet blijven. Hij kan en moet op een creatieve en verantwoordelijke wijze de huidige vernieuwingen en reorganisaties ter harte nemen, opdat deze leiden tot de groei van de persoon, het gezin, de maatschappij en de ganse mensenfamilie Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Op de negentigste verjaardag van de encycliek Rerum Novarum, Laborem Exercens (14 sept 1981), 10. De sociale leer van de Kerk onderwijst, op een voor iedereen verhelderende manier, om de juiste prioriteit aan de subjectieve dimensie van de arbeid te verlenen, omdat de menselijke arbeid rechtstreeks van de mensen komt "die geschapen zijn naar Gods beeld en die als opdracht gekregen hebben met en voor elkaar de aarde te onderwerpen en zo het scheppingswerk voort te zetten" Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 2427.

Mechanistische en economistische interpretaties van de productieactiviteit, hoe dominant en invloedrijk zij ook mogen zijn, worden voorbij gestreefd door de wetenschappelijke analyse van de problemen van de arbeid. Meer nog dan vroeger blijken deze concepties totaal ongeschikt om de feiten te interpreteren, die elke dag steeds meer de betekenis van de arbeid als een vrije en creatieve activiteit van de mens aantonen. Concrete bevindingen moeten eveneens aanzetten tot het onmiddellijk achterwege laten van theoretische perspectieven en restrictieve en ontoereikende operationele criteria in verband met de aanwezige dynamiek. Deze blijken intrinsiek ongeschikt voor het in kaart brengen van het brede spectrum van concrete en dringende menselijke noden die beduidend verder reiken dan zuiver economische categorieën. De Kerk weet dit zeer goed en heeft steeds voorgehouden dat de mens, anders dan gelijk welk ander levend wezen, bepaalde noden heeft die niet beperkt zijn tot het "hebben" Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 35 Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de ontwikkeling van de volken, Populorum Progressio (26 mrt 1967), 19 Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Op de negentigste verjaardag van de encycliek Rerum Novarum, Laborem Exercens (14 sept 1981), 20 Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, De ontwikkeling van de mens en de samenleving
Twintig jaar na Populorum Progressio van Paus Paulus VI, Sollicitudo Rei Socialis (30 dec 1987), 28
, aangezien zijn natuur en zijn roeping intrinsiek verbonden zijn met de Transcendente. De mens treedt het avontuur van de transformatie van de dingen door arbeid tegemoet om te voldoen aan vereisten en noden die op de eerste plaats materieel van aard zijn, maar hij doet dit gehoorzamend aan de impuls die hem steeds verder voorbij de bekomen resultaten voert, op zoek naar datgene wat ten diepste beantwoordt aan zijn vitale innerlijke behoeften.
De historische vormgeving waarin de menselijke arbeid wordt uitgedrukt, verandert, maar zijn permanente vereisten, die worden samengevat in het respect voor de onvervreemdbare mensenrechten van de arbeiders, moeten ongewijzigd blijven. Geconfronteerd met het risico van de ontkenning van deze rechten, moeten nieuwe vormen van solidariteit bedacht en in werkelijkheid worden omgezet, waarbij men rekening moet houden met de onderlinge afhankelijkheid die arbeiders met elkaar verbindt. Hoe substantiëler de veranderingen zijn, hoe groter de inspanning van intellect en wil moet zijn om de waardigheid van de arbeid te verdedigen en om zo de betrokken instituties op verschillende niveaus te verstevigen. Dit perspectief maakt het mogelijk om de huidige transformaties ten goede te oriënteren in de zo noodzakelijke richting van complementariteiten tussen de lokale en de globale economische dimensies, tussen de "oude" en de "nieuwe" economie, tussen de technologische innovatie en de noodzaak om menselijke arbeid te beschermen en tussen de economische groei en een ontwikkeling die compatibel is met het milieu.
Beoefenaars van wetenschap en cultuur worden aangespoord om hun specifieke bijdrage te leveren tot het oplossen van de grote en complexe problemen verbonden met de arbeid, die in sommige domeinen dramatische proporties aannemen. Hun bijdrage is uiterst belangrijk voor het kiezen van de juiste oplossingen. Dit is een verantwoordelijkheid die hen vraagt dat zij de kansen en risico's identificeren van de veranderingen die zich voltrekken, en bovenal dat zij beleidslijnen suggereren die de veranderingen begeleiden op de meest voordelige manier voor de ontwikkeling van de ganse mensenfamilie. Deze mensen hebben de belangrijke taak om de sociale fenomenen met wijsheid en liefde voor de waarheid te lezen en te interpreteren, met achterlating van bekommernissen ingegeven door groepsbelangen of door individuele belangen. Precies omdat hun bijdrage van theoretische aard is, wordt zij een essentieel referentiepunt voor de concrete actie van de economische politiek Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Toespraak, Boodschap voor de deelnemers aan het International Symposium over Arbeid (14 sept 2001), 5.
De huidige scenario's van diepgaande verandering van de menselijke arbeid maken een authentieke globale en solidaire ontwikkeling, die elke regio van de wereld - inclusief de minst begunstigde - mee kan betrekken, zelfs nog dringender. Voor deze minst begunstigde regio's is de start van een proces van uitgebreide solidaire ontwikkeling een concrete mogelijkheid voor het creëren van nieuwe werkgelegenheid en een echte voorwaarde voor het overleven van ganse volken. "Ook solidariteit moet worden geglobaliseerd" H. Paus Johannes Paulus II, Toespraak, Begroeting na de mis voor het jubileum van de arbeiders (1 mei 2000), 2.

Economische en sociale onevenwichten in de wereld van de arbeid moeten worden aangepakt door het herstellen van een juiste hiërarchie van waarden en door het op de eerste plaats stellen van de menselijke waardigheid van de arbeiders. "De nieuwe realiteiten die zo een grote impact hebben op het productieproces, zoals de globalisatie van de financiën, de economie, de handel en de arbeid, mogen nooit de waardigheid en het centrale karakter van de menselijke persoon noch de vrijheid en de democratie van de volken schenden. Indien solidariteit, participatie en de mogelijkheid om deze radicale veranderingen te beheersen, al niet de oplossing vormen, dan toch zijn zij de noodzakelijke morele garantie dat enkelingen en volken niet de werktuigen maar wel de protagonisten worden van hun toekomst. Dit alles kan worden gerealiseerd en, omdat het mogelijk is, wordt het een plicht" H. Paus Johannes Paulus II, Homilie, Tijdens de mis voor het jubileum van de arbeiders (1 mei 2000), 3.

Er bestaat een steeds groter wordende nood aan een zorgvuldige overweging van de nieuwe situatie in de hedendaagse context van globalisatie, vanuit een perspectief dat de natuurlijke neiging van de mens om relaties op te bouwen naar waarde weet te schatten. In dit verband moet worden benadrukt dat universaliteit een dimensie van mensen is, niet van dingen. Technologie mag dan al de instrumentele oorzaak zijn van globalisatie, toch is haar ultieme oorzaak de universaliteit van de mensenfamilie. Daarom heeft ook arbeid een universele dimensie voor zover hij gebaseerd is op de relationele natuur van de mens. Technologie, in het bijzonder elektronica, heeft de verspreiding in de ganse wereld van dit relationele aspect van de arbeid mogelijk gemaakt en heeft aan de globalisatie een bijzonder snel ritme verleend. Het ultieme fundament van deze dynamiek is de arbeidende persoon, die altijd het subjectieve en niet het objectieve element is. Daarom ontstaat ook de geglobaliseerde arbeid uit de antropologische fundering van de inherente relationele dimensie van de arbeid. De negatieve aspecten van de globalisering van de arbeid mogen geen schade toebrengen aan de mogelijkheden die voor iedereen zijn ontstaan om vorm te geven aan een humanisme van de arbeid op een planetaire schaal, aan solidariteit in de wereld van de arbeid op mondiaal niveau, zodat de mens, arbeidend in dergelijke verruimde en in elkaar verweven contexten, steeds beter zijn eenheid bevorderende en solidaire roeping kan begrijpen.

Document

Naam: COMPENDIUM VAN DE SOCIALE LEER VAN DE KERK
Soort: Pauselijke Raad "Justitia et Pax"
Datum: 26 oktober 2004
Copyrights: © 2004, Libreria Editrice Vaticana
Vert.: vatican.va, Stg. InterKerk, katholiekgezin.nl
Bewerkt: 5 december 2020

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam