• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De rijkdommen vervullen hun functie van dienstbaarheid aan de mens wanneer zij bestemd zijn voor het voortbrengen van weldaden voor de anderen en de maatschappij Vgl. Apostolische Vader, De Herder van Hermas, Hermae Pastor. Liber tertium, Similitudo I: PG 2, 954. "Hoe zouden wij goed doen voor onze naaste", vraagt de heilige Clemens van Alexandrië, "indien niemand van ons iets bezat?" H. Clemens van Alexandrië, Traktaat over de verlossing der rijken, Quis dives salvetur?. 13: PG 9, 618. In de visie van de heilige Johannes Chrysostomos behoren rijkdommen toe aan bepaalde mensen opdat zij verdienste zouden kunnen verwerven door deze met anderen te delen Vgl. H. Johannes Chrysostomos, Preken voor het volk van Antiochië, Ad populum Antiochenum. Homiliae XXI, 2, 6-8: PG 49, 41-46. Rijkdom is een goed dat van God komt en dat door zijn eigenaar moet worden gebruikt en in omloop moet worden gebracht zodat zelfs de behoeftigen ervan kunnen genieten. Het kwaad bestaat uit de ongelimiteerde gehechtheid aan rijkdom en uit het verlangen om die te verwerven. De heilige Basilius de Grote nodigt de rijken uit de deuren van hun pakhuizen te openen en roept uit: "een grote rivier stroomt door het vruchtbare land in duizend kanalen: laat dus de rijkdommen langs duizend wegen de huizen van de armen bereiken" H. Basilius van Caesarea, Homiliae. in illud Lucae. Destruam horrea mea, 5: PG 31, 271. Rijkdom, zo legt de heilige Basilius uit, is zoals water dat uit de fontein spuit: hoe hoger de frequentie waarmee dit gebeurt, hoe zuiverder het water; het water wordt daarentegen vuil wanneer het ongebruikt blijft Vgl. H. Basilius van Caesarea, Homiliae. in illud Lucae. Destruam horrea mea, 5: PG 31, 271. De rijke man, zal later de heilige Gregorius de Grote zeggen, is enkel de beheerder van wat hij bezit; geven wat nodig is aan de behoeftige is een taak die met nederigheid moet worden vervuld omdat de goederen niet behoren aan hem die ze verdeelt. Hij die enkel de rijkdommen voor zichzelf houdt is niet onschuldig; geven aan hen die in nood zijn betekent een schuld afbetalen H. Paus Gregorius de Grote, Herderlijke Regel, Regula pastoralis. 3, 21: PL 77, 87. De titel van §21: "Quomodo admonendi qui aliena non appetunt, sed sua retinent; et qui sua tribuentes, aliena tamen rapiunt".

Document

Naam: COMPENDIUM VAN DE SOCIALE LEER VAN DE KERK
Soort: Pauselijke Raad "Justitia et Pax"
Datum: 26 oktober 2004
Copyrights: © 2004, Libreria Editrice Vaticana
Vert.: vatican.va, Stg. InterKerk, katholiekgezin.nl
Bewerkt: 5 december 2020

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam