• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Het verlangen om vader of moeder te worden rechtvaardigt geen enkel "recht op kinderen", aangezien de rechten van het ongeboren kind duidelijk zijn. Het ongeboren kind heeft recht op de best mogelijke condities van bestaan door de stabiliteit van een gezin dat gebaseerd is op het huwelijk tussen twee complementaire personen, dat wil zeggen een vader en een moeder. Vgl. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 2378 De snelle ontwikkeling van onderzoek en technologische toepassing ervan op het gebied van voortplanting werpt nieuwe en delicate kwesties op, die de maatschappij en de normen, die het menselijke sociale leven regelen, aangaan.

Het moet worden herhaald dat de ethische onaanvaardbaarheid van alle voortplantingstechnieken, zoals sperma- of eiceldonatie, draagmoederschap, kunstmatige fertilisatie met behulp van een donor, die gebruik maken van de baarmoeder van een andere vrouw of de zaadcellen van een andere man dan de personen van het echtpaar, het recht van het kind schaden om geboren te worden uit één vader en één moeder, die ook de vader en de moeder zijn in zowel biologische als juridische zin. Eveneens zijn die methoden onaanvaardbaar, die de gemeenschapsdaad scheiden van de voortplantingsdaad door gebruik te maken van laboratoriumtechnieken zoals kunstmatige inseminatie of fertilisatie (met cellen van de vader en de moeder), zodat het kind meer als resultaat van een technologische daad dan als de natuurlijke vrucht van een menselijke daad, waarin er sprake is van de volledige en totale gave van het echtpaar, geboren wordt. Vgl. Congregatie voor de Geloofsleer, Over het beginnend menselijk leven en waardigheid van de voortplanting, Donum Vitae (22 feb 1987), 15.16.18 Vgl. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 2376-2377 Wanneer wordt vermeden dat men zijn toevlucht neemt in zogenaamde "kunstmatige" voortplanting betekent dit dat men de integrale waardigheid van de menselijke persoon respecteert, zowel die in de ouders als die in de kinderen, die zij van plan zijn voort te brengen. Vgl. Congregatie voor de Geloofsleer, Over het beginnend menselijk leven en waardigheid van de voortplanting, Donum Vitae (22 feb 1987), 20 Aan de andere kant zijn die methoden, die bedoeld zijn om assistentie te verlenen aan de huwelijksdaad of de effecten ervan, wel toegestaan. Vgl. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 2375

Document

Naam: COMPENDIUM VAN DE SOCIALE LEER VAN DE KERK
Soort: Pauselijke Raad "Justitia et Pax"
Datum: 26 oktober 2004
Copyrights: © 2004, Libreria Editrice Vaticana
Vert.: vatican.va, Stg. InterKerk, katholiekgezin.nl
Bewerkt: 6 juni 2019

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam