• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Krachtens haar wezen heeft de Kerk, die immers het verlossingswerk van haar goddelijke Stichter voortzet, de zending om de mens tot omkeer en bekering aan te zetten en hem het geschenk van de verzoening aan te bieden. Deze zending bestaat niet louter in het doen van theoretische uitspraken of het formuleren van een volmaakte ethiek, die weliswaar wordt voorgehouden, maar waaraan geen werkzame kracht verbonden is. Zij wil gestalte krijgen in de uitoefening van bepaalde bedieningen die beogen dat bekering en verzoening ook werkelijk in praktijk gebracht worden.

Dit dienstwerk, dat gebaseerd is op de hierboven uiteengezette geloofsbeginselen, en dat nauw omschreven en door passende middelen ondersteunde doelstellingen kent, kunnen we de pastoraal van bekering en verzoening noemen. Uitgangspunt hierbij is de overtuiging van de Kerk dat de mens, tot wie zich elke vorm van pastoraal maar vooral de pastoraal van bekering en verzoening richt, de door de zonde getekende mens is, waarvan we een pregnant beeld aantreffen in koning David. Door de profeet Nathan terechtgewezen, weigert hij niet zijn misdaden te erkennen, maar belijdt hij: "Ik heb gezondigd tegen de Heer". (2 Sam. 12, 13) Hij roept uit: "Ik ben mij bewust dat ik schuld heb, steeds ziet wat ik begaan heb mij aan"; (Ps. 51, 5) maar ook vraagt hij: "Besprenkel mij met hysop en ik zal rein zijn, was mij en witter zal ik zijn dan sneeuw"; (Ps. 51, 9) en van de goddelijke barmhartigheid krijgt hij antwoord: "De Heer heeft u uw zonde vergeven: u zult niet sterven". (2 Sam. 12, 13)

Zo staat de mens, ja heel de menselijke gemeenschap, tegenover de Kerk: gewond door de zonde en tot in het binnenste van zijn wezen geraakt, maar tegelijk geneigd tot een onbedwingbaar verlangen naar bevrijding uit de zonde, en bovendien, vooral wanneer hij Christen is, ervan bewust dat het mysterie van de Godsliefde, Christus de Heer, al in hem en in de wereld werkzaam is door de kracht van de Verlossing.

Bij de vervulling van haar verzoenende taak moet de Kerk dus oog hebben voor de nauwe band die er is tussen de vergiffenis en kwijtschelding van de zonde van iedere mens, en de volledige en meest fundamentele verzoening van heel de mensheid zoals die in de Verlossing voltrokken is. Deze samenhang laat ons zien dat alleen de bekering uit de zonde in staat is om daar, waar verdeeldheid is ontstaan, weer een diepe en blijvende verzoening te bewerken. De zonde is immers het actieve beginsel van de verdeeldheid - van de breuk, in het hart en in het wezen zelf van de mens, tussen de mens en de Schepper, tussen afzonderlijke mensen en groepen, tussen de mens en de door God geschapen natuur.

Het is niet nodig om hier nog eens te herhalen wat ik al uiteengezet heb over het belang van dit "dienstwerk van de verzoening" Vgl. 2 Kor. 5, 18 en over de daarop betrekking hebbende pastoraal, waardoor dit dienstwerk concreet wordt in de gewetens en in het leven van de Kerk. Zij, de Kerk, zou in een belangrijk aspect van haar wezen falen en in een voor haar onontbeerlijke zending tekortschieten, als zij niet duidelijk en krachtig, te pas en te onpas, "de boodschap van de verzoening" Vgl. 2 Kor. 5, 19 zou verkondigen en de wereld het geschenk van de verzoening zou aanbieden. Maar wel is het goed hier te onderstrepen dat de betekenis van de kerkelijke bediening van de verzoening zich over de grenzen van de Kerk uitstrekt naar heel de wereld.

Over de pastoraal van bekering en verzoening spreken, houdt dus in dat we het gaan hebben over dat geheel van taken dat in de Kerk in al haar geledingen verricht moet worden om zowel de bekering alsook de verzoening te bevorderen. Nog concreter: spreken over deze pastoraal betekent al die activiteiten ter sprake brengen, waardoor de Kerk zich in al haar afzonderlijke ledematen - herders en gelovigen, op ieder niveau en op ieder gebied - en met alle haar ter beschikking staande middelen - in woord en daad, door onderricht en gebed - beijvert om de mensen afzonderlijk en in groepen tot een waarachtige bekering te brengen en op weg te helpen naar een volledige verzoening.

De Synodevaders hebben, als vertegenwoordigers van hun broeders in het bisschopsambt en als leiders van het hun toevertrouwde volk, zich met deze pastoraal beziggehouden in haar meest praktische en concrete elementen. Graag volg ik hen daarin en stem ik met hen in, terwijl ik hun zorg en hun hoop deel, de vruchten pluk van hun onderzoekingen en ervaringen en hen aanmoedig in hun plannen en initiatieven. Mogen zij in dit deel van deze Apostolische Exhortatie (aansporing) de bijdrage aantreffen die zij zelf aan de Synode geleverd hebben en die ik door middel van deze bladzijden voor heel de Kerk nuttig wil maken.

Vandaar dat ik meen hier het wezenlijke van de pastoraal van bekering en verzoening ter sprake te moeten brengen, en wel door met de Synode de volgende twee punten nader toe te lichten:

  1. De middelen en wegen die de Kerk heeft ter bevordering van bekering en verzoening.
  2. Het sacrament dat bij uitstek het Sacrament van Bekering en Verzoening wordt genoemd.

Document

Naam: RECONCILIATIO ET PAENITENTIA
Over de verzoening en boete in de zending van de Kerk in deze tijd
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 2 december 1984
Copyrights: © 1985, Stg. Verkondiging, Roermond; nr. 13
Vert.: Chr. v. Buijtenen S.J.
Bewerkt: 27 november 2018

Opties

Internetadres
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam