• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Het hoort tot de verdienste van Paulus VI, mijn vereerde voorganger, duidelijk gemaakt te hebben dat de Kerk, wil zij het Evangelie kunnen verkondigen, er blijk van moet geven zelf het Evangelie aanvaard te hebben, dat wil zeggen: open te staan voor de volledige en onverkorte verkondiging van het Evangelie van Jezus Christus teneinde ernaar te luisteren en haar in praktijk te brengen. Vgl. H. Paus Paulus VI, Postsynodale Apostolische Exhortatie, Over de Evangelisatie in de Moderne Wereld, Evangelii Nuntiandi (8 dec 1975), 13 Ook ikzelf heb, in een document waarin ik de overwegingen van de vierde algemene vergadering van de Synode heb bijeengezet en geordend, erover gesproken hoe de Kerk haar eigen geloof verdiept (‘zichzelf catechiseert’) in de mate dat zij er zorg voor draagt dat anderen geloofsonderricht of ‘catechese’ krijgen. Vgl. H. Paus Johannes Paulus II, Postsynodale Apostolische Exhortatie, Catechese geven in onze tijd, Catechesi Tradendae (16 okt 1979), 24

Ik aarzel niet om met betrekking tot het onderwerp waarover ik het nu heb, diezelfde vergelijking weer op te nemen en te stellen: een Kerk die verzoenend wil zijn, moet beginnen met zelf een verzoende Kerk te zijn. Aan deze eenvoudige en bondige stelling ligt de overtuiging ten grondslag dat de Kerk, om de mensen met meer doeltreffendheid de verzoening te kunnen verkondigen en voorhouden, ernaar moet streven om steeds meer een gemeenschap te worden (zij het ‘de kleine kudde’ van de eerste tijden) van leerlingen van Christus, die er zich eendrachtig voor inzetten zich voortdurend tot de Heer te bekeren en als nieuwe mensen te leven, in de geest en in de beoefening van de verzoening.

Ten overstaan van onze tijdgenoten, die zo gevoelig zijn voor het bewijs van een levensgetuigenis, moet de Kerk een voorbeeld van verzoening geven, en wel op de eerste plaats in haar eigen midden. Daarom moeten wij ons allemaal moeite geven om de gemoederen weer tot vrede te stemmen, de spanningen af te bouwen, de verdeeldheid te overwinnen, en de wonden te helen die broeders elkaar wellicht hebben toegebracht toen de tegenstelling, in zaken waarover men van mening kan verschillen, zich verscherpte, teneinde veeleer de eenheid te dienen in zaken die voor het geloof en het christelijk leven wezenlijk zijn, volgens de oude stelregel: ’Vrijheid bij twijfel, eenheid in het wezenlijke en in alles de liefde’.

Volgens diezelfde stelregel moet de Kerk ook haar oecumenische dimensie waarmaken. Zij weet immers dat zij, om volledig verzoend te zijn, door moet gaan met het zoeken naar eenheid onder hen die er zich op beroemen Christen te zijn, maar die – ook als kerken en gemeenschappen – onderling en van de Kerk van Rome gescheiden zijn. Deze Kerk van Rome streeft naar een eenheid die, om vrucht en uiting van een ware verzoening te zijn, noch op de verdoezeling mag steunen van wat verdeelt, noch op compromissen die even gemakkelijk als breekbaar zijn. De eenheid moet voortvloeien uit een waarachtige bekering van allen, uit een elkaar geschonken vergeving, uit het theologische gesprek en uit broederlijke verhoudingen, uit het gebed en uit een volledige volgzaamheid aan de werking van de Heilige Geest die ook de Geest van de verzoening is.

Om zich tenslotte geheel verzoend te kunnen noemen, voelt de Kerk dat het haar steeds ernstiger plicht is om aan alle volken het Evangelie te brengen en met hen de „heilsdialoog” Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de Kerk, Ecclesiam Suam (6 aug 1964) aan te gaan, met name met die omvangrijke delen van de mensheid in de wereld van vandaag die haar geloof niet delen en die zich veeleer door toenemende ‘wereldsheid’ van haar verwijderen of onverschillig tegenover haar staan, of haar zelfs vijandig gezind zijn en vervolgen. De Kerk voelt het als haar plicht om met de heilige Paulus tot al deze mensen te zeggen: „Laat u met God verzoenen”. (2 Kor. 5, 20) In ieder geval staat de Kerk een verzoening in waarheid voor, want zij weet heel goed dat er buiten of tegen de waarheid in, geen verzoening noch eenheid mogelijk is.

Document

Naam: RECONCILIATIO ET PAENITENTIA
Over de verzoening en boete in de zending van de Kerk in deze tijd
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 2 december 1984
Copyrights: © 1985, Stg. Verkondiging, Roermond; nr. 13
Vert.: Chr. v. Buijtenen S.J.
Bewerkt: 4 december 2020

Opties

Internetadres
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam