• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

De synodevaders van de Oosterse katholieke Kerken en de vertegenwoordigers van de andere Oosterse Kerken hebben de evangelische waarden van het monniksleven Vgl. Bisschoppensynodes, Boodschap van de Synodevaders, Oproep tot de mannelijke en vrouwelijke religieuzen van de Oosterse Kerken (27 okt 1994). VI naar voren gebracht, waarvan de oorsprong teruggaat tot het begin van het christendom, en dat in hun streken, vooral in de orthodoxe kerken nog steeds volop bloeit.

Vanaf de eerste eeuwen van de kerk hebben mannen en vrouwen zich geroepen gevoeld tot navolging van het mensgeworden Woord, van Hem die de gestalte heeft aangenomen van een dienaar. Ze zijn Hem gaan navolgen door in een monastiek leven op eigen en radicale wijze in praktijk te brengen al wat er van de mens gevraagd wordt vanwege het feit dat hij door het doopsel deelt in het paasmysterie van Jezus’ dood en verrijzenis. Door het kruis te dragen (staurophóroí) hebben zij op zich genomen getuigen te worden van de Geest (pneumatophóroí), werkelijk geestelijke mannen en vrouwen die door voortdurende lofprijzing en voorbede, door raadgevingen voor het geestelijke leven en door werken van naastenliefde, in staat waren de geschiedenis in het verborgene te bevruchten.

Omdat, in afwachting van het uiteindelijk zien van Gods gelaat, het oosters monnikswezen de wereld en het leven een nieuwe gedaante wilde geven, legt het de nadruk op bekering, zelfverloochening en diep gevoeld berouw, op het streven naar de hésuchia, dat wil zeggen de inwendige vrede, op ononderbroken gebed, op vasten en nachtwaken, geestelijke strijd en zwijgen, op paasvreugde over de aanwezigheid van de Heer en over de verwachting van Zijn definitieve komen, op het offeren van zichzelf en van wat men heeft, zoals dit wordt beleefd in de heilige gemeenschap van het klooster of in de eenzaamheid als kluizenaar. Vgl. Bisschoppensynodes, Propositiones van de 9e Gewone Bisschoppensynode over het religieuze leven (29 okt 1994), 5. B

Ook het Westen heeft vanaf de eerste eeuwen van de kerk het monniksleven beoefend, in een grote verscheidenheid aan zowel cenobitische als eremistische levensvormen. In zijn huidige vorm, die vooral door Benedictus is geïnspireerd, is het monnikswezen in het Westen schatplichtig aan talrijke mannen en vrouwen die niet langer wilden leven volgens de wereld, op zoek gingen naar God en zich aan Hem overgaven ”zonder iets meer te beminnen dan de liefde van Christus”. Vgl. H. Benedictus van Nursia, Regel voor monniken, Regula monasticorum. 4,21 en 72,11

Ook nu nog streven de monniken naar een harmonieus samengaan van inwendig leven en werk door zich overeenkomstig het evangelie in te zetten voor bekering van leven, gehoorzaamheid en stabiliteit, en ook door zich bij voortduring te wijden aan het overwegen van het Woord (lectio divina), het vieren van de liturgie, het gebed.

Zoals dat ook nu nog geldt, waren de kloosters steeds een welsprekend teken van verbondenheid, een gastvrij huis voor mensen die op zoek zijn naar God en naar geestelijke zaken; ze zijn scholen voor het geloof en ware werkplaatsen voor studie, dialoog en cultuur ten behoeve van de opbouw van het kerkelijk leven en ook, in afwachting van de hemelse stad, ten behoeve van de opbouw van de stad hier op aarde.

Document

Naam: VITA CONSECRATA
Over het gewijde leven en zijn zending in de Kerk en de wereld
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 25 maart 1996
Copyrights: © 1996, 1-2-1 Kerkelijke Documentatie jrg 24, nr. 4/5
Vert.: F. van Voorst tot Voorst, s.j.
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam