• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

OVER DE BINNENKERKELIJKE EENHEID

Dierbare zonen en dochters,

De algemene audiënties bieden een schouwspel dat ons altijd ontroert en tot nadenken stemt niet alleen vanwege de grote menigte die zich om onze nederige persoon verzamelt, maar vooral ook door de grote verscheidenheid die dit gezelschap kenmerkt. En als wij uw gevoelens goed begrijpen, is juist het feit dat gij allen, mét uw verschillen in afkomst, taal, leeftijd en cultuur u voelt als leden van één grote familie die elkaar reeds lang kennen, de reden waarom gij zo verheugd zijt hier bijeen te zijn. Samenkomsten van deze aard komen niet vaak voor. Een ieder van u heeft zeker wel eens gestaan te midden van een menigte mensen die onderling zeer verschillend en tegengesteld waren, maar die bijeen gehouden werden door bepaalde toevalligheden zoals: een gemeenschappelijk reisdoel, zakenbelangen, gebeurtenissen, vergaderingen 'enz. Dit zijn evenwel banden die meer uiterlijk dan innerlijk zijn en van een diepe, broederlijke eenheid van gevoelens is daarbij meestal geen sprake. Niet zelden is het juist de verdeeldheid die hen verenigt. Natuurlijk, de gelovigen in de Kerk vormen te zamen een eenheid, een geestelijke eenheid: 'unum corpus multi sumus', met velen vormen wij één lichaam (1 Kor. 10, 17), want een biddende gemeenschap heeft vanzelfsprekend een zekere homogeniteit en een natuurlijke binding. De innerlijke harmonie van dit samenzijn wordt evenwel uitsluitend bewerkt door een en hetzelfde geloof en door een en dezelfde liefde. Dit geloof en deze liefde vinden hier, in tegenwoordigheid van de paus, misschien meer dan waar elders ook, een uitdrukkingsvorm die niet alleen een door de omstandigheden geïnspireerd, maar vooral een geestelijk en binnenkerkelijk karakter heeft.

Het is juist deze binnenkerkelijke eenheid die wij vandaag onder uw aandacht willen brengen. Zij is een der grondbeginselen, een der definities van de Kerk, want zonder haar zou de Kerk niet kunnen bestaan; zij is een bewijs van de verheven invloed van de Heilige Geest die de Kerk het wonderbaarlijke vermogen verleent om mensen van de meest grote verscheidenheid te verenigen en toch hun respectievelijke karakteristieke eigenschappen te eerbiedigen, ja, te waarderen voor zover deze positief, dat wil zeggen werkelijk menselijk zijn; het vermogen in een woord, om katholiek, om universeel te zijn. Doch dit is niet alles. De eenheid van de katholieke Kerk is niet alleen een voorrecht, het is een plicht, een wet, een opdracht. Dit wil zeggen: de eenheid van de Kerk moet aanvaard en erkend worden door allen, door ieder lid van de Kerk, zij moet door allen, door een ieder, worden bevorderd, gekoesterd en verdedigd. Het is niet voldoende zichzelf als katholiek te bestempelen, wij moeten ons daadwerkelijk als katholieken met elkaar verbonden voelen. Als trouwe kinderen van de Kerk moeten wij allen medebouwen aan de concrete eenheid van haar uiterlijke verschijningsvorm, en tegelijkertijd moeten wij in gehoorzaamheid en volgzaamheid haar innerlijke eenheid gestalte geven. De heilige Thomas leerde dat de eenheid van de Kerk twee aspecten heeft: ten eerste de betrekking van de leden van de Kerk ten opzichte van elkaar, dit is de onderlinge eenheid; ten tweede de betrekking van alle leden van de Kerk te zamen tot het ene Hoofd dat Christus is en waarvan de paus hier op aarde de plaatsbekleder is, dit is de convergerende eenheid. H. Thomas van Aquino, Summa Theologiae. II-IIae, 39, 1 Bevordering van deze tweevoudige opvatting van het begrip eenheid, dát is de grote plicht van ieder katholiek. Wij zeggen u dit opdat gij, deze audiëntie indachtig, u ijverige en onvermoeibare bevorderaars zult betonen van de inwendige eenheid van onze heilige Kerk.

En misschien is hieraan vandaag de dag juist wel bijzonder behoefte. Men spreekt tegenwoordig zo veel over herstel van de eenheid met onze afgescheiden broeders, en dat is goed, dit is een hoogst lofwaardig streven waaraan wij allen in nederigheid en met vertrouwen en volharding moeten medewerken, maar wij mogen de zorg voor de binnenkerkelijke eenheid, die onmisbaar is voor haar geestelijke en missionaire vitaliteit, in geen geval veronachtzamen.

Hoe kunnen wij aan onze afgescheiden broeders het voorbeeld van eenheid geven, hoe kunnen wij hun dit onschatbare geschenk aanbieden wanneer wij katholieken zelf die eenheid niet daadwerkelijk d.w.z. volledig en getrouw beleven?

Niet altijd ontvangen wij even goede berichten over de trouw van de katholieken aan hun verplichting tot medewerking aan de binnenkerkelijke eenheid. Wij spreken op dit ogenblik niet over de dikwijls herhaalde aansporingen tot de katholieken gericht, betreffende hun eenheid ten behoeve van de verdediging en bekrachtiging van hun beginselen en rechten op maatschappelijk gebied; wij willen het liever hebben over de voor allen geldende plicht te ijveren voor de geest van solidariteit, van vriendschap, van wederzijds begrip, van respect voor het gemeenschappelijk erfdeel van leer en zeden, van gehoorzaamheid en eensluidend geloof, waardoor het katholicisme zich moet onderscheiden. Dit is de eenheid die de kracht en de schoonheid van de Kerk uitmaakt. In deze geest van eensgezindheid en liefde geeft de Kerk gestalte aan het woord van Jezus: 'Daaraan zal men erkennen dat gij mijn leerlingen zijt, dat gij elkander liefhebt' (Joh. 13, 35).

Wat zullen wij zeggen over hen die schijnbaar geen andere bijdrage aan het leven der Kerk weten te leveren dan een bittere, afbrekende, systematische kritiek; over hen die de geldigheid van de traditionele leer van de Kerk in twijfel trekken of ontkennen; over hen die nieuwe, onhoudbare theologische theorieën verkondigen; over degenen die er blijkbaar plezier in hebben tegengestelde stromingen te creëren, achterdocht te zaaien; die weigeren vertrouwen en volgzaamheid te schenken aan het gezag, die aanspraken doen gelden die elke grondslag missen; of over hen die modern willen zijn en alles mooi en goed vinden bij anderen en alles wat in eigen huis is ouderwets en ondragelijk?

Wij willen het proces van zuivering en vernieuwing dat de Kerk op het ogenblik doormaakt en dat zijzelf, als eerste, nodig acht en bevordert, zeer zeker niet veroordelen. Wij willen niet anders dan allen, die zich bewust zijn van de waardigheid en de verantwoordelijkheid van de naam 'katholiek' opwekken tot een grote, diepe liefde voor het mysterie van de eenheid binnen de Kerk; wij willen hen aansporen om deze binnenkerkelijke eenheid te eren en te bevorderen in woord en daad, om de Kerk ook werkelijk te maken tot wat zij is: een schitterende eenheid die de wereld verlicht. En, gij kunt het van ons aannemen, dit heeft niets te maken met egoïsme, met stilstand, met gettomentaliteit zoals men tegenwoordig wel beweert. Dit is de zuivere, onvervalste geest van Christus die Hij heeft overgedragen op zijn Kerk en, voor wie ogen heeft om te zien, is het een verschijnsel van verheven, geestelijke schoonheid; Augustinus wijst erop in zijn vermaning: 'omnis... pulchritudinis forma unitas sit': het geheim van de schoonheid is de eenheid. H. Augustinus, Brieven, Epistulae. 18 : P.L., 33, 85

Document

Naam: OVER DE BINNENKERKELIJKE EENHEID
Soort: H. Paus Paulus VI - Audiƫntie
Auteur: H. Paus Paulus VI
Datum: 31 maart 1965
Copyrights: © 1965, Katholiek Archief, jrg. 20, nr. 17, p. 482-485
Alineaverdeling en -nummering: redactie
Bewerkt: 14 januari 2020

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam