• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Is rechtvaardigheid voldoende?
Het is niet moeilijk te stellen dat in de maatschappij van deze tijd het gevoel van wat rechtvaardig is op brede schaal gewekt is, en dat dit gevoel van wat rechtvaardig is ongetwijfeld meer en meer aan het daglicht brengt wat tegen de rechtvaardigheid ingaat in de betrekkingen zowel tussen de mensen, sociale groeperingen of “klassen” , als tussen volken en staten en tenslotte hele politieke systemen, ja zelfs wat men noemt hele “werelden” . Deze diepgaande en veelzijdige geesteshouding, waaraan het bewustzijn van de mensen van deze eeuw de rechtvaardigheid als grondslag gegeven heeft, getuigt van het ethische karakter van de heftige uiteenzettingen en twisten die overal in de wereld plaatsvinden.

Met de mensen van onze tijd deelt de Kerk dit diepe en vurige verlangen naar een rechtvaardig leven op alle gebied, en zij houdt niet op allerlei aspecten van deze rechtvaardigheid ter overweging aan te bieden, die het leven van de mensen en van de maatschappelijke geledingen eist. Het bewijs van deze zorg is het hele terrein van de katholieke sociale leer die in de loop van deze eeuw in zo ruime mate ontvouwd is. Volgens de beginselen van deze leer verlopen zowel de opvoeding en vorming van het bewustzijn van de mensen in de geest van rechtvaardigheid, als de afzonderlijke pogingen vooral op het gebied van het lekenapostolaat; en deze pogingen gaan natuurlijk in dezelfde geest voort.

Het is evenwel heel gemakkelijk te begrijpen dat raadgevingen en activiteiten die van het begrip rechtvaardigheid uitgaan en die moeten leiden tot het tot stand brengen van rechtvaardigheid in de samenleving van de mensen, groepen en menselijke gemeenschappen, in de praktijk vaker misvormd worden. Hoewel deze zich blijven beroepen op dit begrip rechtvaardigheid, bewijst toch de ervaring dat de rechtvaardigheid het onderspit delft ten opzichte van andere, negatieve, krachten als afgunst, haat en zelfs wreedheid. Dan wordt het verlangen om een vijand te vernietigen, om zijn vrijheid te beperken, ja zelfs hem in een situatie te brengen waar hij helemaal afhankelijk is van de ander, de voornaamste drijfveer tot handelen; dit in tegenstelling met het wezen van de rechtvaardigheid, die er juist uiteraard naar streeft gelijkheid en onpartijdigheid tot stand te brengen tussen strijdende partijen. Dit soort misbruik van het wezen zelf van de rechtvaardigheid en de feitelijke verdraaiing ervan tonen aan hoezeer het handelen van de mens van de rechtvaardigheid kan afwijken, zelfs als het in naam van de rechtvaardigheid gebeurt. Niet zonder reden verwijt Christus zijn toehoorders die trouw bleven aan de leer van het Oude Testament, een geesteshouding die vervat ligt in de woorden: “Oog om oog, tand om tand.” (Mt. 5, 38) In die tijd was dat een vorm van corruptie van het begrip rechtvaardigheid; de moderne vormen volgen dit evenwel als een soort voorbeeld. Het is immers duidelijk dat soms onder het voorwendsel van quasi-rechtvaardigheid (bv. historische gerechtigheid of klassenjustitie) de evenmens vernietigd wordt, dat een mens gedood wordt en dat hij van zijn vrijheid en zijn elementaire mensenrechten beroofd wordt. De ervaring van het verleden en van onze tijd leert dat de rechtvaardigheid alleen op zich niet voldoende is, dat ze zelfs kan leiden tot ontkenning en vernietiging van zichzelf, tenzij ze aan die grotere deugd, de liefde, toestaat het leven van de mensen in zijn eigen onderscheidene aspecten te doordringen. Deze historische ervaring heeft o.a. geleid tot de spreuk: het hoogste recht is het hoogste onrecht. Dit gezegde doet niets af aan de rechtvaardigheid, ook niet aan het belang van de erop gebouwde orde; maar onder een ander aspect geeft het aan hoe noodzakelijk het is dat men ook veel diepere geestelijke krachten aanboort om juist deze rechtvaardige orde veilig te stellen.

Met de schets van de eeuw waartoe wij behoren voor ogen, deelt de Kerk dus de bezorgdheid van zoveel mensen van onze tijd. Bovendien moet zij zich ook nog bezorgd voelen om het verval van veel fundamentele waarden die de onbetwistbare schat vormen niet alleen van de christelijke moraal, maar eenvoudig van de menselijke ethiek en morele cultuur; hiertoe behoren zeker het respect voor het menselijk leven reeds vanaf het moment van de conceptie, het respect voor het huwelijk betreffende zijn onverbrekelijke band, het respect voor de stabiliteit van de gezinnen. Zedelijke losbandigheid tast in de eerste plaats deze meer kwetsbare plekken van menselijk leven en maatschappij aan. Maar hand in hand hiermee gaan de crisis van de waarheid in de menselijke relaties, een geringere zorg om de waarheid te spreken, het pure nutstreven in de betrekkingen met andere mensen, een verminderd besef van het echte algemene welzijn en het grotere gemak waarmee men zich hieraan onttrekt. Uiteindelijk verliest alles zijn heilig karakter en vaak wordt het onmenselijk: want de mens is de maatschappij voor wie tegen alle uiterlijke schijn in niets meer “heilig” is, gaan moreel te gronde.

Document

Naam: DIVES IN MISERICORDIA
Over de Goddelijke Barmhartigheid
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 30 november 1980
Copyrights: © 1981, Stichting Verkondiging, Roermond nr. 6
Bewerkt: 4 december 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam