• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

De natuur en de rede, die het individu bevelen, op heilige en godsdienstige wijze God te eeren, daar Hij onze Heer is, wij van Hem voortkomen en tot Hem moeten terugkeeren, binden de burgerlijke gemeenschap door eenzelfden plicht. Immers, de menschen in staatsverband vereenigd, zijn niet minder aan Gods macht onderworpen dan de individuen; de plicht van dankbaarheid, die de gemeenschap heeft tegenover God, is niet zwakker dan die der afzonderlijke menschen; aan Hem is zij haar bestaan verschuldigd, door Zijn wil wordt zij in stand gehouden, varn Hem heeft zij in overvloed de goederen zonder tal ontvangen, die zij bezit. Gelijk niemand derhalve zijn verplichtingen tegenover God mag verwaarloozen en het de zwaarste plicht is, in zijn overtuiging en in zijn leven den godsdienst te aanvaarden niet dien, waaraan ieder de voorkeur geeft, maar dien God heeft voorgeschreven en waarvan het door zekere bewijzen, die geen twijfel toelaten, vaststaat, dat hij de eenig ware is - zoo kunnen ook de staten zich niet zonder te misdoen gedragen alsof er geen God bestaat, of de zorg voor den dienst van God, als iets wat hun niet aangaat of waarin geen nut gelegen is, van zich afschuiven, of uit de vele soorten er vrij een uitkiezen. Wat de vereering van God aangaat, hebben zij den strikten plicht, de voorschriften en de wijze in acht te nemen, volgens welke God, naar Hij zelf geopenbaard heeft, vereerd wil worden.

Heilig moet dus zijn voor de regeerders de naam van God. Het behoort tot hun voornaamste plichten een hooge waardeering te hebben voor den godsdienst, hem met een welwillende zorg te omgeven, hem de bescherming te verleenen van het gezag en de kracht van de wetgeving, geen instellingen in het leven te roepen en geen besluiten uit te vaardigen die met zijn welzijn in strijd zijn. Zij zijn dü ook verschuldigd aan de burgers aan wier hoofd zij staan. Wij menschen immers zijn allen geboren en in het leven gesteld voor een hoogste goed, een laatste doel, waarop wij al onze strevingen moeten richten; een doel, dat buiten dit korte en vergankelijke leven in den hemel zijn verwerkelijking vindt. Hiervan hangt het volledig en volmaakte geluk der menschen af en daarom is het voor ieder afzonderlijk van het allergrootste belang dat doel te bereiken. De burgerlijke maatschappij, die ingesteld is om aller gemeenschappelijk belang te behartigen, moet derhalve bij het verzorgen van het tijdelijk welzijn van den staat zóó voor haar burgers zorg dragen, dat zij aan het verwerven en verkrijgen van dat hoogste en onvergankelijke goed, waarnaar allen uit innerlijke aan drift streven, niet alleen nooit eenig beletsel in den weg stelt, maar het op alle wijzen, die binnen haar bereik liggen, bevordert. De gewichtigste . bijdrage die zij daartoe kan leveren is deze, dat ze er voor zorgt, den godsdienst heilig en ongerept in stand te houden; de plichten toch die de godsdienst oplegt verbinden den mensch met God.

Document

Naam: IMMORTALE DEI
Het onvergankelijk werk van den barmhartigen God - Over de christelijke staatsinrichting
Soort: Paus Leo XIII - Encycliek
Auteur: Paus Leo XIII
Datum: 1 november 1885
Copyrights: © 1941, Ecclesia Docens (Gooi & Sticht), nr. 0138
Vert.: L.H.H.D. Schils C.ss.R.
Bewerkt: 24 februari 2021

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam