• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Deze dienst van de eenheid die wortelt in het werk van de goddelijke barmhartigheid, wordt binnen het bisschoppencollege toevertrouwd aan een van degenen die van de heilige Geest de opdracht hebben ontvangen, niet om de macht over het volk uit te oefenen - zoals de bestuurders van de volken en de machtigen doen Vgl. Mt. 20, 25 Vgl. Mc. 10,42 maar om hen te leiden naar vredige weiden. Deze taak kan het offer van het eigen leven vragen Vgl. Joh. 10, 11-18 . Sint Augustinus laat eerst zien dat Christus "de ene Herder" is, "in wiens eenheid allen één zijn" en gaat dan verder met de aansporing: "Mogen alle herders zo één zijn in de ene Herder; mogen zij de ene stem van de Herder laten horen; mogen de schapen deze stem horen en hun Herder volgen, niet deze of gene herder, maar de ene; mogen zij allen één stem in Hem laten horen en niet allerlei stemmen. (...) Die stem, vrij van alle verdeeldheid, gezuiverd van alle ketterij, mogen de schapen die horen". Vgl. H. Augustinus, Sermones. XLVI, 30: CCL 41, 557. De opdracht van de bisschop van Rome binnen het College van alle herders ligt juist in het "waken" (episkopein) als een schildwacht, opdat dankzij de inspanningen van de herders de ware stem van Christus de Herder gehoord wordt in alle plaatselijke Kerken. Op deze wijze wordt in elke van de hun toevertrouwde plaatselijke Kerken de una, sancta, catholica et apostolica Ecclesia werkelijkheid. Alle Kerken bevinden zich in volle en zichtbare gemeenschap, omdat alle herders in gemeenschap zijn met Petrus en zo in de eenheid van Christus zijn.

Met de volmacht en het gezag zonder welke dit ambt leeg wordt, moet de bisschop van Rome de gemeenschap van alle Kerken garanderen. Daardoor is hij de eerste onder de dienaren van de eenheid. Het primaat wordt op verschillende niveaus uitgeoefend: ze betreffen het waakzame toezicht op het doorgeven van het Woord, de viering van de liturgie en de sacramenten, de zending en de tucht van de Kerk en het christelijk leven. Het is de verantwoordelijkheid van de opvolger van Petrus om te herinneren aan de eisen van het algemeen welzijn van de Kerk, mocht iemand in de verleiding komen om dit te vergeten in het nastreven van het eigen belang. Hij heeft de plicht te vermanen, te waarschuwen en soms deze of gene mening die verbreid wordt, voor onverenigbaar met de eenheid van het geloof te verklaren. Als de omstandigheden dat vereisen, spreekt hij in naam van alle herders die met hem in gemeenschap zijn. Hij kan ook - onder zeer bepaalde, door het Eerste Vaticaans Concilie nauw omschreven voorwaarden - ex cathedra verklaren dat een bepaald leerstuk tot het geloofsgoed hoort. Vgl. 1e Vaticaans Concilie, 4e Zitting - Dogmatische Constitutie over de Kerk van Christus, Pastor Aeternus (18 juli 1870), 25 Door dit getuigenis van de waarheid dient hij de eenheid.

Document

Naam: UT UNUM SINT
Over de inzet voor de oecumene
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 25 mei 1995
Copyrights: © 1995, Katholiek Nieuwsblad
Bewerkt: 28 april 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam