• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Een eerste fase van verdieping betreft de menselijke dimensie van de priesterlijke vorming. In het dagelijks contact met de mensen, in het delen van hun dagelijks leven moet de priester die menselijke gevoeligheid vergroten en verdiepen welke hem in staat stelt om de noden te begrijpen en de eisen te vatten, de onuitgesproken vragen aan te voelen, de hoop en de verwachting, de vreugde en de moeite van het gewone leven te delen; om bekwaam te zijn voor de ontmoeting en de dialoog met allen. Vooral door het kennen en delen, d.w.z. door het zich eigen maken, van de menselijke ervaring van het lijden in zijn veelvoudige vormen van nooddruft, ziekte, marginaliteit, onwetendheid, eenzaamheid, materiële en morele armoede, verrijkt de priester zijn eigen mens-zijn en maakt hij het meer authentiek en transparant in een groeiende en vurige liefde voor de mens.

Om zijn menselijke vorming tot rijpheid te brengen ontvangt de priester een bijzondere genadehulp van Jezus Christus. De liefde van de goede Herder heeft zich niet alleen uitgedrukt in de gave van het heil aan de mensen maar ook in het delen van hun leven, waarvan het Woord dat vlees geworden is Vgl. Joh. 1, 14 de vreugde en het lijden heeft willen kennen, de kwellingen willen ervaren, de emoties willen delen, de start willen verrichten. Als mens levend onder de mensen en met de mensen biedt Jezus de meest absolute, echte en volmaakte uitdrukking van menselijkheid. Wij zien Hem feestvieren te Kana, omgaan met een bevriende familie, diep medelijden hebben met de hongerige menigte die Hem volgt, zieke of gestorven kinderen aan hun ouders teruggeven, wenen over het verlies van Lazarus...

Het volk Gods moet van de priester die steeds meer gerijpt is in zijn menselijke gevoeligheid iets dergelijks kunnen zeggen als de schrijver van de brief aan de Hebreeën van Jezus zegt: "Wij hebben een hogepriester die in staat is mee te voelen met onze zwakheden; Hij werd zelf op allerlei manieren op de proef gesteld, precies zoals wij, afgezien van de zonde" (Heb. 4, 15).

De vorming van de priester in haar geestelijke dimensie is een eis van het nieuwe evangelische leven waartoe hij heilige Geest die uitgestort is in het sacrament van de priesterwijding. Door de priester te wijden en gelijkvormig te maken aan Jezus Christus, Hoofd en Herder, schept de heilige Geest in het wezen zelf van de priester een band met Jezus die vraagt op persoonlijke wijze, d.w.z. bewust en vrij, eigen gemaakt en beleefd te worden door middel van een steeds rijkere gemeenschap van leven en liefde en een steeds grotere en radicale deelname aan de gevoelens en de houdingen van Jezus Christus. In deze ontologische en psychologische, sacramentele en morele band tussen de Heer Jezus en de priester ligt de grondslag tevens de kracht voor het "evangelische radicalisme" waartoe iedere priester geroepen is en die bevorderd worden door de permanente vorming in haar geestelijk aspect. Deze vorming blijkt ook noodzakelijk met het oog op het priesterlijk dienstwerk, op de echtheid en de geestelijke vruchtbaarheid ervan. "Oefent u de zielzorg uit?", vroeg de heilige Carolus Borromeus. En hij antwoordde als volgt in zijn toespraak tot de priesters: "Vergeet daarom niet de zorg voor uzelf en geef uzelf niet zo aan de anderen dat er niets van uzelf voor uzelf overblijft. U moet zeker aan de zielen denken van wie u de herder bent, maar niet uzelf vergeten. Weet, broeders, dat niets zo noodzakelijk is voor kerkelijke personen als de meditatie die al ons handelen voorafgaat, vergezelt en volgt. Ik zal zingen en mediteren, zegt de psalmist Vgl. Ps. 101, 1 . Als u de Sacramenten toedient, broeder, overweeg dan wat u doet. Als u de mis celebreert, overweg dan tot wie u spreekt. Als u de zielen leidt, overweeg dan door welk bloed zij gewassen zijn. En "laat alles bij u gebeuren met liefde" (1 Kor. 16, 14). Zo zullen wij de moeilijkheden kunnen overwinnen die wij ontmoeten en die iedere dag talrijk zijn. Dat wordt trouwens vereist door de taak die ons is toevertrouwd. Als wij zo zullen doen, dan zullen wij de kracht hebben om Christus in onszelf en in de anderen voort te brengen". H. Carolus Borromeus, Acta Ecclesiae Mediolanensis. Milan 1599, 1178

Speciaal het gebedsleven moet voortdurend "hervormd" worden in de priester. De ervaring leert namelijk dat men in het gebed niet van de rente kan leven. Het is niet alleen nodig om dagelijks opnieuw de uiterlijke trouw aan de ogenblikken van gebed te heroveren, vooral aan de ogenblikken welke bestemd zijn voor de viering van het getijdengebed, en aan die welke aan de persoonlijke keuze worden overgelaten en niet gedragen worden door de intervallen en uren van de liturgische dienst, maar ook en vooral om voortdurend opnieuw het zoeken van een echt persoonlijke ontmoeting met Jezus, van een vertrouwelijke gesprek met God, van een diepe ervaring van de Geest te voeden.

Wat de apostel Paulus zegt van alle gelovigen, die allen moeten komen "tot de volmaakte man, tot de gehele omvang van de volheid van de Christus" (Ef. 4, 13), kan op specifieke wijze toegepast worden op de priesters die, groepen zijn tot de volmaakte liefde en dus tot de heiligheid, ook omdat hun pastorale dienst wil dat zij levende voorbeelden zijn voor alle gelovigen.

Ook de intellectuele dimensie van de vorming vraagt erom voortgezet en verdiept te worden gedurende heel het leven van de priester, vooral door serieuze en ingespannen studie en cultureel aggiornamento. De priester, die deel heeft aan de profetische zending van Jezus en opgenomen is in het mysterie van de Kerk die lerares is van de waarheid, is geroepen om aan de mensen in Jezus Christus het gelaat van God te openbaren en daarmee het ware gelaat van de mens. Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk in de wereld van deze tijd, Gaudium et Spes (7 dec 1965), 22 Maar dit eist dat de priester zelf dat gelaat zoekt en het met verering en liefde beschouwt Vgl. Ps. 26, 7 Vgl. Ps. 41, 2 . Alleen zo kan hij het aan de anderen doen kennen. In het bijzonder blijkt ook de voortzetting van de theologische studie noodzakelijk opdat de priester trouw de dienst van het woord kan vervullen, het zonder verwarringen dubbelzinnigheid kan verkondigen, het kan onderscheiden van de zuiver menselijke opinies, ook al zijn ze wijdbefaamd. Zo zal hij zich werkelijk ten dienste van het volk van God kunnen stellen en het kunnen helpen om rekenschap af te leggen van de christelijke hoop aan wie daarom vragen Vgl. 1 Pt. 3, 15 . Bovendien "is de priester door zich bewust en volhardend te wijden aan de theologiestudie in staat om zich de authentieke rijkdom van de Kerk eigen te maken in een veilige en persoonlijke vorm. Dan kan hij de zending vervullen die hem verplicht een antwoord te vinden voor de moeilijkheden met de authentieke katholieke leer en de neiging -van hemzelf en van anderen- tot afkeuring en een negatieve houding ten opzichte van het leergezag en de traditie te boven komen". Bisschoppensynodes, Instrumentum Laboris Achtste gewone algemene vergadering - ”De vorming van de priesters in de huidige omstandigheden”, 55

Het pastorale aspect van de permanente vorming wordt goed uitgedrukt dor de woorden van de apostel Petrus: "Dient elkaar, als goede beheerders van Gods veelsoortige genade, met de gaven, zoals ieder die heeft ontvangen" (1 Pt. 4, 10). Om iedere dag te leven volgens de genade die hij ontvangen heeft, is het nodig dat de priester zich steeds meer openstelt voor de herderlijke liefde van Jezus Christus, die hem door de Geest van Jezus gegeven is bij het ontvangen van het sacrament. Zoals heel de activiteit van de Heer vrucht en teken was van de herderlijke liefde, zo moet het ook voor de priesterlijke werkzaamheid zijn. de herderlijke liefde is een gave en tegelijk een opgave, een genade en een verantwoordelijkheid waaraan men trouw moet zijn. Het is dus nodig haar aan te nemen en de dynamiek ervan te beleven tot aan de meest radicale eisen. Zoals reeds gezegd, spoort het herderlijke liefde de priester aan en stimuleert zij hem om steeds beter de reële conditie te leren kennen van de mensen tot wie hij gezonden is, om in de historische omstandigheden waarin hij zich bevindt de uitnodigingen van de Geest te onderscheiden, om de meest geschikte methoden en de meest nuttige vormen te zoeken voor de uitoefening van zijn ambt in deze tijd. Zo bezielt en ondersteunt de herderlijke liefde de menselijke inspanningen van de priester voor een pastorale werkzaamheid die actueel, geloofwaardig en doeltreffend is. Maar dat vereist een permanente pastorale vorming.

De weg naar de rijpheid vraagt niet alleen dat de priester de verschillende dimensies van zijn vorming blijft verdiepen, maar ook en vooral dat hij deze dimensies steeds harmonieuzer met elkaar weet te verenigen en geleidelijk de innerlijke eenheid ervan weet te bereiken. Dat zal mogelijk gemaakt worden door de herderlijke liefde, die de diverse aspecten niet alleen coördineert en verenigt, maar ze specificeert en er het kenmerk aan geeft van aspecten van de vorming van de priester als zodanig ofwel van de priester als weerspiegeling, levend beeld en dienaar van Jezus, de goede Herder.

De permanente vorming helpt de priester de verleiding te overwinnen om zijn dienstwerk te reduceren tot een activiteit die doel op zich is, tot een onpersoonlijke verlening van diensten, zij het ook geestelijke of gewijde diensten, tot een ambtenarenfunctie ten dienste van de kerkelijke organisatie. Alleen de permanente vorming helpt de "priester" om met waakzame liefde het "mysterie" te bewaren dat hij in zich draagt voor het welzijn van de Kerk en van de mensheid.

Document

Naam: PASTORES DABO VOBIS
N.a.v. de Bisschoppensynode over de priesteropleidingen
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 25 maart 1992
Copyrights: © 1992, Stg. R.K. Voorlichting, Oegstgeest
Colomba
Tekst wordt nog verder gecontroleerd
Bewerkt: 19 november 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam