• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

HUMANA COMMUNITAS
Aan de president van de Pauselijke Academie voor het Leven b.g.v. de 25e verjaardag van de oprichting ervan

De menselijke gemeenschap is Gods droom, al van voor de schepping van de wereld. Vgl. Ef. 1, 3-14 In die droom heeft de eeuwige Zoon van God de Vader vlees en bloed aangenomen, hart en emoties. Door het mysterie van het geven van het leven is de grote familie van de mensheid in staat gesteld haar ware betekenis te ontdekken. Het vermogen van de familie om haar leden in te wijden in menselijke broederschap kan als een verborgen schat beschouwd worden die algemene heroverweging kan ondersteunen van sociale beleidslijnen en mensenrechten waarvan de noodzaak tegenwoordig zo dringend wordt gevoeld. Wij allen moeten groeien in het bewustzijn van onze gemeenschappelijke oorsprong in Gods liefde en scheppend handelen. Het christelijk geloof belijdt de verwekking van de Zoon als het onzegbare mysterie van de eeuwige eenheid tussen “in het leven roepen” en “welwillende liefde” binnen het leven van de Drie-ene God. Een hernieuwde verkondiging van deze vaak vergeten openbaring kan een nieuw hoofdstuk openen in de geschiedenis van de menselijke gemeenschap en cultuur die heden ten dage schreeuwt - kreunend alsof in barensnood Vgl. Rom. 8, 22 om wedergeboorte in de Geest. Gods liefde en zijn wil allen te verlossen die zich verloren, verlaten, afgedankt of hopeloos veroordeeld voelen, wordt geopenbaard in de eniggeboren Zoon. Het mysterie van de eeuwige Zoon die een van ons werd, is de definitieve getuigenis van deze “passie” van God. Het mysterie van het kruis van Christus - “voor ons en voor onze verlossing” - en zijn wederopstanding - als “eerstgeborene van vele broeders” (Rom. 8, 29) — laat ons zien in welke omvang Gods passie is gericht op de verlossing en volledige bloei van mensen.

We moeten een levendig bewustzijn hernieuwen van Gods passie voor de mensheid en haar wereld. Mensen zijn door God geschapen naar zijn beeld - “mannelijk en vrouwelijk” (Gen. 1, 17) – als spiritueel en gevoelig, bewust en vrij. De verhouding tussen man en vrouw is de uitgesproken plek waar de hele schepping met God spreekt en getuigt van zijn liefde. Deze wereld is de plaats waar we tot leven gebracht zijn; het is de plaats en de tijd waarin we een voorsmaak krijgen van het hemelse thuis dat onze bestemming is Vgl. 2 Kor. 5, 1 en waar we in volledige gemeenschap met God en alle anderen zullen leven. De menselijke familie is een gemeenschap met een gemeenschappelijke oorsprong en een gemeenschappelijk doel, het bereiken waarvan “is verborgen, met Christus, in God” (Kol. 3, 1-4). In onze tijd wordt de kerk des te meer uitgenodigd het humanisme van het leven aan te bieden dat losbarst uit Gods passie voor de mensen. De uiteindelijke beweegreden voor onze verplichting het leven van ieder menselijk wezen te waarderen, te steunen en te verdedigen is Gods onvoorwaardelijke liefde. Zo groot is de schoonheid en aantrekkingskracht van het Evangelie, dat naastenliefde niet reduceert tot criteria die economisch of politiek goed uitkomen of tot “bepaalde leerstellige of morele accenten die voortvloeien uit bepaalde ideologische keuzes”. Paus Franciscus, Apostolische Exhortatie, Verheugt u en jubelt - Over de roeping tot heiligheid in deze wereld, Gaudete et Exsultate (19 mrt 2018), 39

Een bevlogen en productieve geschiedenis

Die passie heeft het werk van de Pauselijke Academie voor het Leven geïnspireerd vanaf het ogenblik dat zij 25 jaar geleden in het leven werd geroepen door Heilige Johannes Paulus II, op aansporing van de eminente wetenschapper en dienaar Gods Jérôme Lejeune. Met het oog op de snelle en ingrijpende veranderingen die plaatsvinden in de biomedische wetenschappen, zag Paus Johannes Paulus II de noodzaak van een meer gestructureerde, organische benadering en betrokkenheid op dit terrein. Zo was de Academie in staat initiatieven in onderzoek, onderwijs en communicatie te bevorderen die erop gericht waren aan te tonen dat

“wetenschap en technologie ten dienste van de menselijke persoon en zijn fundamentele rechten, bijdragen aan het algemeen welzijn van de mens en aan de vervulling van het goddelijk heilsplan” H. Paus Johannes Paulus II, Motu Proprio, Oprichting van de Pauselijke Academie voor het Leven, Vitae mysterium (11 feb 1994), 3

De Paus Franciscus - Motu Proprio
Statuten voor de Pauselijke Academie van het Leven (18 oktober 2016)
, gepubliceerd op 18 oktober 2016, hebben een nieuwe impuls aan haar activiteiten gegeven. Het doel van de statuten is de reflectie van de Academie op kwesties met betrekking tot het menselijk leven steeds fijner af te stemmen op de hedendaagse wereld. Het almaar hogere tempo van technologische en wetenschappelijke innovatie, en het fenomeen van de globalisering betekenen een sterke toename van interacties tussen culturen, religies en verschillende terreinen van studies, en onderling tussen de vele dimensies van onze menselijke familie en de aarde, ons gemeenschappelijk thuis. Derhalve is er, zoals Paus Franciscus benadrukte voor de Algemene Vergadering van de Academie,

“Er is dringend behoefte aan meer bestudering van en discussie over de sociale effecten van deze technologische ontwikkeling, om een antropologische visie te formuleren die is opgewassen tegen deze historische uitdaging. Uw deskundig advies kan echter niet alleen beperkt blijven tot het aanbieden van oplossingen voor vragen die uit specifieke ethische, sociale of wettelijke conflictsituaties voortvloeien. Het voorstellen van vormen van gedrag dat consistent is met de menselijke waardigheid gaat ook om de theorie en praktijk van wetenschap en technologie met betrekking tot de algehele benadering van het leven, zijn betekenis en waarde.” Paus Franciscus, Toespraak, Tot de deelnemers aan de Algemene vergadering van de Pauselijke Academie voor het Leven - Synodehal, Het leven begeleiden; nieuwe verantwoordelijkheden in het technologisch tijdperk (5 okt 2017).

Verlies van de menselijke maat en de paradox van de “vooruitgang”

Vandaag de dag loopt de passie voor wat uitgesproken menselijk is en voor de hele menselijke familie, tegen ernstige belemmeringen aan. De vreugden van gezinsbanden en het sociaal samenleven lijken aanzienlijk afgenomen. Onderling wantrouwen tussen individuen en volkeren wordt gevoed door een buitensporig najagen van eigenbelang en intense rivaliteit, die zelfs gewelddadig kan worden. De kloof tussen de zorg voor het eigen welzijn en de voorspoed van de gehele menselijke familie lijkt zich te verbreden tot het punt van volledige verdeeldheid. In de Encycliek Paus Franciscus - Encycliek
Laudato Si
Wees geprezen - over de zorg voor het gemeenschappelijke huis
(24 mei 2015)
, wees ik op de noodtoestand waarin onze verhouding met de geschiedenis van de aarde en haar volkeren zich bevindt. Deze alarmerende toestand is het gevolg van de geringe aandacht die aan het doorslaggevende wereldprobleem van de eenheid van de menselijke familie en haar toekomst wordt besteed. De afbrokkeling van deze gevoeligheid onder invloed van wereldse krachten van conflict en oorlog neemt wereldwijd toe in een tempo dat veel hoger is dan dat van de productie van goederen. We hebben het hier over een ware cultuur - het zou passender zijn te spreken over een anti-cultuur - van onverschilligheid ten opzichte van de gemeenschap: vijandig voor mannen en vrouwen en samenspannend met de arrogantie van de welvaart.

Deze noodtoestand onthult een paradox. Hoe kon het gebeuren dat op het moment in de geschiedenis dat de beschikbare economische en technologische middelen het ons mogelijk maken om adequaat zorg te dragen voor ons gemeenschappelijk huis en onze menselijke familie, gehoorzamend aan Gods opdracht, diezelfde economische en technologische middelen onze bitterste verdeeldheid en onze ergste nachtmerries veroorzaken? De mensen worden op scherpe en pijnlijke, zij het dikwijls verwarrende wijze, het geestelijk verdriet of zelfs nihilisme gewaar, dat het leven zelf ondergeschikt maakt aan een wereld en maatschappij die door deze paradox worden gedomineerd. Het pogen dit gevoel van diepe nood te verdoven door het blind najagen van materieel plezier resulteert in de lusteloosheid van een leven dat een doel mist dat zijn geestelijke hunkering kan stillen. Laten we het feit onder ogen zien: mannen en vrouwen in onze tijd zijn vaak gedemoraliseerd en gedesoriënteerd, geheel verstoken van visie. Wij allen zijn, tot op zekere hoogte, geneigd ons af te sluiten. Het financiële systeem en de ideologie van consumentisme reguleren onze behoeften en manipuleren onze verlangens, met weinig oog voor de schoonheid van een gemeenschappelijk leven en voor de duurzaamheid van ons gemeenschappelijk thuis.

Verantwoord luisteren

Christenen moeten, als ze de schreeuw van lijdende volkeren horen, optreden tegen de negativiteit die verdeeldheid, onverschilligheid en vijandigheid aanwakkert, niet simpelweg voor hun eigen belang, maar voor dat van iedereen. En dat moeten ze nu doen, voordat het te laat is. De kerkelijke familie van discipelen - en van alle anderen die in die familie redenen voor hoop zoeken Vgl. 1 Pt. 3, 15 is op aarde gevestigd als “een sacrament, een teken en instrument van de vereniging met God en van de eenheid van het gehele mensdom”. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 1 De teruggave van elk van Gods schepselen aan de vreugdevolle hoop van zijn of haar geestelijke bestemming moet het bevlogen thema van ons prediken worden. Het is dringend noodzakelijk dat de ouderen een groter vertrouwen hebben in hun beste “dromen” en dat de jongeren “visioenen” hebben die hen kunnen ondersteunen om stoutmoedig te handelen in de geschiedenis. Vgl. Joel 3, 1 Op het niveau van cultuur moet een nieuw en universeel ethisch perspectief ons doel zijn, met aandacht voor de thema’s van schepping en menselijk leven. We kunnen de ingeslagen, verkeerde weg, die we de laatste decennia hebben gevolgd, waarin we toelieten dat humanisme werd afgebroken en simpelweg beschouwd werd als weer een ideologie van de wil tot macht, niet verder bewandelen. We moeten dergelijke ideologieën weerstaan, hoe sterk ook aangespoord door de macht en de technologie, en kiezen voor humanisme. Het onderscheidend vermogen van het menselijk leven is een absoluut goed dat het waard is op ethische wijze verdedigd te worden, kostbaar voor de zorg voor de schepping als geheel. Wanneer het humanisme geen inspiratie haalt uit het liefhebbend handelen van God zou dat een tegenstrijdigheid en een schandaal zijn. De Kerk moet als eerste de schoonheid van deze inspiratie herontdekken en met hernieuwd enthousiasme haar bijdrage leveren.

Een moeilijke taak voor de Kerk

We erkennen de moeilijkheden die gepaard gaan met het herstel van deze bredere humanistische horizon, zelfs binnen de Kerk. In de eerste plaats kunnen we openhartig de vraag stellen of onze kerkelijke gemeenschappen vandaag de dag besef hebben en getuigen van de ernst van deze hedendaagse noodsituatie. Zijn zij serieus gericht op de passie en vreugde van het verkondigen van Gods liefde voor de woning van zijn kinderen op aarde? Of zijn ze nog steeds overmatig gefocust op hun eigen problemen en op het maken van bedeesde aanpassingen aan een in wezen wereldse zienswijze? We kunnen ons serieus afvragen of we genoeg gedaan hebben als Christenen om onze specifieke bijdrage te leveren aan een visie van de mensheid die in staat is om de eenheid van de familie der volkeren overeind te houden onder de huidige politieke en culturele omstandigheden. En of we haar centrale positie uit het oog verloren hebben, door ons streven naar spirituele hegemonie te stellen boven het bestuur van de seculiere stad, geconcentreerd als zij is op zichzelf en haar welvaart, vóór zorg voor lokale gemeenschappen geïnspireerd door de evangelische geest van gastvrijheid richting de armen en hopelozen.

Het bouwen van universele broederschap

Het is tijd voor een nieuwe visie, gericht op het bevorderen van een humanisme van broederschap en solidariteit tussen individuen en volkeren. We weten dat het geloof en de liefde die voor dit verbond noodzakelijk zijn, hun kracht halen uit het mysterie van de verlossing van de geschiedenis in Jezus Christus, een mysterie verborgen in God zelfs vóór de schepping van de wereld. Vgl. Ef. 1, 7-10 Vgl. Ef. 3, 9-11 Vgl. Kol. 1, 13-14  We weten ook dat menselijke geesten en harten niet volledig gesloten of ongevoelig zijn voor de zaden van het geloof en de werken van deze universele broederschap gezaaid door het Evangelie van het Koninkrijk van God. We moeten deze broederschap opnieuw voor het voetlicht brengen. Want zich gedwongen voelen samen te leven is één ding, maar het waarderen van de rijkdom en schoonheid van het gemeenschappelijk leven dat gezocht en gecultiveerd dient te worden, is iets geheel anders. Het berusten in een visie op het leven als een onafgebroken strijd tegen vijanden is nog iets anders dan onze menselijke familie beschouwen als teken van het overvloedige leven van God de Vader en de belofte van een gemeenschappelijke bestemming verlost door de eindeloze liefde die haar zelfs nu in leven houdt.

De wegen van de Kerk leiden alle tot de mens, zoals de Heilige Johannes Paulus II plechtig verkondigde in zijn eerste encycliek H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Redemptor Hominis
De Verlosser van de mensen
(4 maart 1979)
. Vóór hem had de Heilige Paulus VI, in aansluiting op de leer van het Concilie, in zijn eigen H. Paus Paulus VI - Encycliek
Ecclesiam Suam
Over de Kerk
(6 augustus 1964)
gesteld dat de kerkfamilie zich in concentrische cirkels naar alle mannen en vrouwen uitstrekt, zelfs naar hen die zichzelf beschouwen als geen deel uitmakend van het geloof en de verering van God. Vgl. H. Paus Paulus VI, Encycliek, Over de Kerk, Ecclesiam Suam (6 aug 1964) De Kerk beschut en beschermt de tekenen van genade en barmhartigheid die God aanbiedt aan iedere mens die in deze wereld komt.

Het herkennen van de tekenen van hoop

In deze missie worden we bemoedigd door tekenen dat God aan het werk is in onze tijd. Deze tekenen moeten erkend worden en niet overschaduwd door bepaalde negatieve factoren. In deze zin wees de Heilige Johannes Paulus II op de vele inspanningen om menselijk leven te verwelkomen en te verdedigen, het groeiende verzet tegen oorlog en tegen de doodstraf, en een grotere zorg voor de kwaliteit van leven en de ecologie. Als teken van hoop wees hij ook op de ontwikkeling van bio-ethiek als “bezinning en dialoog - tussen gelovigen en niet-gelovigen, zowel als tussen aanhangers van verschillende godsdiensten - over ethische problemen, zelfs de meest fundamentele, die het menselijk leven betreffen”. H. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Over de waarde en de onaantastbaarheid van het menselijk leven, Evangelium Vitae (25 mrt 1995), 27 De wetenschappelijke gemeenschap van de Pauselijke Academie voor het Leven heeft gedurende de laatste 25 jaar aangetoond dat zij in staat is om deze dialoog aan te gaan en haar eigen competente en gerespecteerde bijdrage aan te bieden. Teken hiervan is haar voortdurende inspanning om het menselijk leven in ieder stadium van zijn ontwikkeling te bevorderen en te beschermen, en haar veroordeling van abortus en euthanasie als uiterst ernstige kwaden die tegen de Geest van het leven ingaan en ons onderdompelen in de anti-cultuur van de dood. Deze inspanningen moeten zeker doorgaan, met het oog op hedendaagse uitdagingen die voor ons als gelegenheid kunnen dienen om te groeien in het geloof, te komen tot een dieper begrip ervan om het effectiever naar de mensen van onze tijd te communiceren.

De toekomst van de Academie

Boven alles moeten we ons de taal en levens van de mannen en vrouwen van vandaag eigen maken, daarmee de boodschap van het Evangelie vormgevend in hun concrete ervaringen, zoals het Concilie voorschreef. Om de betekenis van het menselijk leven te beseffen, moeten we beginnen met de ervaring van de voortplanting; die stelt ons in staat te voorkomen dat we het leven reduceren tot een louter biologisch concept of een universele abstractie, losgekoppeld van verwantschap en de geschiedenis. De fundamentele realiteit van onze ‘vleselijkheid’ gaat vooraf aan alle verdere bewustzijn en reflectie en maakt deze mogelijk. Zij voorkomt daarmee dat we denken dat we de bron van ons eigen bestaan zijn. Pas nadat we het geschenk van het leven hebben ontvangen, en voorafgaand aan iedere intentie of beslissing van onszelf, kunnen we ons bewust worden van het feit dat we daadwerkelijk leven. Het leven houdt noodzakelijkerwijs in een kind te zijn dat verwelkomd wordt en verzorgd, hoe ontoereikend ook in sommige gevallen.

“Dan lijkt het redelijk een brug te slaan tussen de zorgen die men sinds het begin van het leven gekregen heeft en die iemand tot volle ontplooiing lieten komen en de zorgen die op een verantwoorde manier aan anderen gegeven worden... Deze kostbare band verdedigt een menselijke en God-gegeven waardigheid die niet ophoudt, zelfs niet bij het verlies van de gezondheid, sociale rol en controle over het eigen lichaam.” Raad voor de Openbare Aangelegenheden - Staatssecretariaat, Aan mgr. Vincenzo Paglia, president van de Pauselijke Academie van het Leven, Palliatieve zorgen: overal en door iedereen. Palliatieve zorgen in alle streken. Palliatieve zorgen in alle godsdiensten en overtuigingen (27 feb 2018), 3

We weten dat de grens van het fundamentele respect voor het menselijk leven wordt overgegaan, en nog op een wrede manier ook, niet alleen in gevallen van individueel gedrag maar ook door de effecten van maatschappelijke keuzes en structuren. Zakelijke strategieën en het tempo van technologische groei bepalen nu het biomedisch onderzoek, onderwijskundige prioriteiten, investeringsbeslissingen en de kwaliteit van interpersoonlijke relaties. De mogelijkheid om economische ontwikkeling en wetenschappelijke vooruitgang te richten naar het verbond tussen man en vrouw, naar de zorg voor onze gemeenschappelijke menselijkheid en naar de waardigheid van de menselijke persoon, komt stellig voort uit een liefde voor de schepping die het geloof helpt te verdiepen en te verlichten. Het vooruitzicht van een wereldwijde bio-ethiek, met een brede visie en met zorg voor de effecten van het milieu op leven en gezondheid, biedt een belangwekkende gelegenheid om het nieuwe verbond tussen het Evangelie en de schepping te versterken.

Onze gedeelde menselijkheid vereist een wereldwijde aanpak van de vraagstukken die voortvloeien uit de dialoog tussen verschillende culturen en maatschappijen die in de wereld van vandaag steeds nauwer met elkaar in contact zijn. Moge de Academie voor het Leven een platform zijn voor moedige dialoog ten dienste van het algemeen welzijn. Ik moedig u aan niet terughoudend te zijn om argumenten en formuleringen naar voren te brengen, die als basis kunnen dienen voor interculturele en interreligieuze, en ook interdisciplinaire uitwisselingen. Maar ook om deel te nemen in de discussie over mensenrechten, die centraal staan in de zoektocht naar universeel aanvaardbare criteria voor besluitvorming. Het begrip en de uitoefening van rechtvaardigheid staan op het spel, een rechtvaardigheid die de essentiële rol van verantwoordelijkheid in de discussie over mensenrechten en over hun nauwe samenhang met plichten aantoont, te beginnen met solidariteit met hen die in de grootste nood verkeren. Paus Benedictus XVI heeft gesproken over het belang van

“Wij beleven vandaag de dag een beklemmende tegenstrijdigheid. Terwijl men van de ene kant aanspraak maakt op vermeende rechten, die willekeurig en genotzuchtig van aard zijn, onder het voorwendsel dat ze door overheidsstructuren worden erkend en bevorderd, worden van de andere kant de elementaire grondrechten van een groot deel van de mensheid ontkend en geschonden.”.

Tot deze grondrechten rekent de Paus emeritus

“...voedsel, drinkwater, onderwijs of medische basiszorg”. Paus Benedictus XVI, Encycliek, Liefde in Waarheid - Over de integrale ontwikkeling van de mens in liefde en waarheid, Caritas in Veritate (29 juni 2009), 43

Een ander terrein dat nadere bestudering behoeft is dat van nieuwe technologieën die beschreven worden als “innovatief” en “convergent”. Daaronder vallen informatie- en communicatietechnologie, biotechnologie, nanotechnologie en robotica. Op basis van zowel resultaten uit natuurkunde, genetica en neurowetenschappen als steeds krachtiger computercapaciteit, zijn nu diepgaande ingrepen in levende organismen mogelijk. Zelfs in het menselijk lichaam kan worden ingegrepen waardoor niet alleen zijn functies en vermogens kunnen worden aangepast, maar ook de wijzen waarop het relaties aangaat op persoonlijk en maatschappelijk niveau, waardoor het in toenemende mate wordt blootgesteld aan marktkrachten. Er is daarom een dringende behoefte deze buitengewoon belangrijke veranderingen en nieuwe grenzen te doorgronden om te kunnen bepalen hoe zij ten dienste van de menselijke persoon kunnen worden gesteld, terwijl de intrinsieke waardigheid van allen wordt gerespecteerd en bevorderd. Dat is een uiterst veeleisende taak, gezien haar complexiteit en de onvoorspelbaarheid van toekomstige ontwikkelingen; daardoor is nog meer onderscheiding dan gebruikelijk vereist. We kunnen deze onderscheiding definiëren als

“het oprechte werk van het geweten, in de eigen inzet om het mogelijk goede te leren kennen op grond waarvan men op verantwoorde wijze een besluit moet nemen in het juist gebruik van de praktische rede”. Bisschoppensynodes, Jongerensynode (2018), Jongeren, geloof en de onderscheiding van de roeping (Slotdocument) (27 okt 2018), 109

Dit proces van onderzoek en evaluatie brengt daarom de werking van het morele geweten met zich mee en is, voor de gelovige, deel van zijn of haar relatie met de Heer Jezus, in het verlangen de gezindheid van Christus aan te nemen in onze handelingen en keuzes. Vgl. Fil. 2, 5

De soort geneeskunde, economie, technologie en politiek die zich ontwikkelen binnen de moderne stad van de mens moeten ook en vooral onderhevig zijn aan het oordeel van de buitengrenzen der aarde. De vele, buitengewone hulpmiddelen die de mens door wetenschappelijk en technologisch onderzoek ter beschikking zijn gekomen, zouden immers de vreugde van het broederlijk delen en de schoonheid van gemeenschappelijke initiatieven kunnen overschaduwen, tenzij zij hun betekenis vinden in het bevorderen van die vreugde en schoonheid. We moeten voor ogen houden dat broederschap de niet-ingeloste belofte van de moderne tijd blijft. De universele geest van broederschap die groeit door wederzijds vertrouwen - binnen de moderne maatschappij en tussen volkeren en naties - lijkt erg verzwakt. Het versterken van broederschap, ontstaan in de menselijke familie door de verering van God in geest en waarheid, is de nieuwe prioriteit voor het Christendom. Elk detail van het leven en van het lichaam en van de ziel, waarin de liefde en verlossende kracht van de nieuwe schepping in ons straalt, leidt tot verwondering in het aangezicht van het wonder van de wederopstanding terwijl dat zich voltrekt. Vgl. Kol. 3, 1-2 Moge de Heer ons schenken dat wij deze wonderen vermenigvuldigen! Moge de getuigenis van Heilige Franciscus van Assisi, die zichzelf zag als broeder van ieder schepsel op aarde en in de hemel, ons inspireren met haar blijvende betekenis. Moge de Heer u voorbereiden op deze nieuwe fase in uw missie, zodat uw lampen gevuld zijn met olie van de Geest om uw pad te verlichten en u op uw weg te begeleiden. Hoe welkom zijn de voeten van hen die de vreugdevolle verkondiging brengen van Gods liefde voor het leven van allen die op ons land wonen. Vgl. Jes. 52, 7 Vgl. Rom. 10, 15

Vanuit het Vaticaan, 6 januari 2019

FRANCISCUS

Document

Naam: HUMANA COMMUNITAS
Aan de president van de Pauselijke Academie voor het Leven b.g.v. de 25e verjaardag van de oprichting ervan
Soort: Paus Franciscus - Brief
Auteur: Paus Franciscus
Datum: 6 januari 2019
Copyrights: © 2019 Libreria Editrice Vaticana / Stg. InterKerk / Nederlandse Bisschoppenconferentie
Vert. vanuit Engelstalige versie: dhr. W. van Winden
Bewerkt: 28 februari 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam