• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Het lijden is altijd een beproeving – soms een echt zware beproeving – die de mensheid wordt opgelegd. In de brieven van de heilige Paulus beluisteren wij vaak die wonderlijke en paradoxale woorden over zwakheid en sterkte, die de apostel zelf ervaren heeft en die met hem allen ervaren die in het lijden van Christus delen. In de tweede brief aan de Korintiërs schrijft Paulus: "Dus zal ik het liefst van alles roemen op mijn zwakheden. Dan zal de kracht van Christus in mijn wonen" (2 Kor. 12,9). In de tweede brief aan Timoteüs lezen wij: "Daarom moet ik ook deze nieuwe beproeving ondergaan, maar ik schaam mij er niet voor, want ik weet wie ik mijn vertrouwen heb geschonken" (2 Tim. 1,12). In de brief aan de Filippenzen zegt hij zelfs: "Alles vermag ik in hem die mij kracht geeft" (Fil. 4,13).

Wie deelt in het lijden van Christus, heeft het paasmysterie van het kruis en de verrijzenis voor ogen, waarin Christus eerst tot de uiterste grenzen van menselijke zwakheid en hulpeloosheid afdaalt: Hij sterft immers aan een kruis genageld. Maar als in deze zwakheid tegelijk ook Zijn verheffing tot stand komt, die door de kracht van de verrijzenis wordt bevestigd, dan betekent dit dat in de zwakheid van alle menselijk lijden diezelfde kracht van God kan doordringen die zich in het kruis van Christus geopenbaard heeft. In deze gedachtegang betekend lijden bijzonder ontvankelijk worden en openstaan voor de werking van de heilzame kracht van God, die de mens in Christus wordt geschonken. God heeft in Hem bevestigd dat Hij vooral door middel van een bijzonder lijden te werk wil gaan, namelijk via de zwakheid en de vernedering van de mens, en dat Hij hiervan Zijn kracht wil openbaren. Zo kan men ook de vermaning in de eerste brief van Petrus verklaren: "Maar wie als christen lijdt, moet zich niet samen, maar God eren met de naam" (1 Pt. 4,16).

In de brief aan de Romeinen gaat de apostel Petrus nog uitvoeriger in op deze "kracht die uit zwakheid voortkomt" en op deze geestelijke vernieuwing van de mens in beproevingen en lijden, die de bijzondere roeping is van degenen die in het lijden van Christus delen: "Meer nog, wij zijn zelfs trots op onze beproevingen, in het besef dat verdrukking leidt tot volharding, volharding tot beproefde deugd en deze weer tot hoop. En de hoop wordt niet teleurgesteld, want Gods liefde is in ons hart uitgestort door de heilige Geest die ons werd geschonken" (Rom. 5,3-5). In het lijden wordt een speciale oproep tot de mens gericht om van zijn kant de deugd te beoefenen. Het is de deugd van volharding om alles te verdragen wat onaangenaam en schadelijk is. De mens die zo handelt, roept die hoop op die hem de overtuiging geeft dat hij niet onder de druk van de beproevingen zal bezwijken en dat hij nooit beroofd kan worden van de menselijke waardigheid die met het bewustzijn van de zin van het leven gepaard gaat. Deze zin van het leven openbaart zich tegelijk met de werking van Gods liefde, die de hoogste gave van de heilige Geest is. Omdat de mens in deze liefde deelt, ontdekt hij zichzelf volkomen in de beproeving: hij vindt zijn "leven", dat hij vanwege het lijden verloren meende te hebben Vgl. Mc. 8, 35 Vgl. Lc. 9, 24 Vgl. Joh. 12, 25 .

Document

Naam: SALVIFICI DOLORIS
Over de christelijke zin van het menselijke lijden
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Apostolische Brief
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 11 februari 1984
Copyrights: © 1984, Stg. RK Voorlichting, Oegstgeest
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam