• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De omstandigheid die mij er nu toe brengt dit onderwerp te hernemen, is het vooruitzicht van het jaar 2000 dat nabij is. Dit tweeduizendjarig jubileum van de geboorte van Jezus Christus richt onze blik tegelijk op zijn Moeder. In de laatste jaren zijn verschillende stemmen opgegaan die wenselijkheid geopperd hebben om deze herdenking te laten voorafgaan door een soortgelijk jubileum dat gewijd is aan de viering van de geboorte van Maria. Ook al is het niet mogelijk om de geboortedatum van Maria nauwkeurig chronologisch vast te stellen, toch is de Kerk zich er steeds van bewust dat Maria eerder dan Christus verschenen is aan de horizon van de heilsgeschiedenis (het Oude Testament heeft op vele wijzen het mysterie van Maria aangekondigd) Vgl. H. Johannes Damascenus, Homilia in Dormitionem. I, 8-9: SC 80, 103-107. Het is een feit dat bij de definitieve nadering van “de volheid van de tijd”, d.w.z. van de heilskomst van de Immanuël, zij die van eeuwigheid af bestemd was om zijn Moeder te zijn reeds op aarde leefde. Dit feit dat zij er was “vóór” de komst van Christus, vindt ieder jaar een weerspiegeling in de liturgie van de Advent. Als dus de jaren die ons nader brengen tot het einde van het tweede millennium na Christus en tot het begin van het derde, vergeleken worden met de historische verwachting van de Verlosser in de oudheid, dan wordt het geheel begrijpelijk dat wij ons in deze periode op speciale wijze willen richten tot haar die in de “nacht” van de Adventsverwachting begon te schitteren als een ware ‘morgenster’ (Stella matutina). Zoals deze ster samen met de “dageraad” voorafgaat aan de opkomst van de zon, zo is Maria vanaf haar onbevlekte ontvangenis voorafgegaan aan de komst van de Redder, aan de opkomst van de “zon der gerechtigheid” in de geschiedenis van het mensengeslacht Vgl. Z. Paus Pius IX, Dogmatische Bul, Dogmaverklaring van Maria, Onbevlekt Ontvangen, Ineffabilis Deus (8 dec 1854).

Haar aanwezigheid in Israël – zo onopvallend dat zij bijna onopgemerkt bleef voor de ogen van de tijdgenoten – straalde wel duidelijk voor de Eeuwige die deze verborgen “dochter van Sion” Vgl. Sef. 3, 14 Vgl. Zach. 2, 14 deelgenoot gemaakt had van het heilsplan dat de gehele geschiedenis van de mensheid omvat. Wij christenen, die weten hoe het providentiële plan van de Allerheiligste Drieëenheid de centrale werkelijkheid is van de openbaring en het geloof, voelen dus terecht de behoefte om aan het einde van het tweede millennium de uitzonderlijke tegenwoordigheid van de Moeder van Christus in de geschiedenis in het licht te stellen in het bijzonder gedurende deze laatste jaren die voorafgaan aan het jaar tweeduizend.

Document

Naam: REDEMPTORIS MATER
Moeder van de Verlosser
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Encycliek
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 25 maart 1987
Copyrights: © 1987, Stichting Verkondiging, Roermond
Bewerkt: 14 mei 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam