• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Wat betekent de naam “Jezus “?
De naam “Jezus”, die door de engel op het ogenblik van de Aankondiging werd gegeven, betekent "God redt”. Hij drukt zijn identiteit uit en zijn zending, “want Hij zal zijn volk redden uit hun zonden” (Mt. 1, 21). Petrus bevestigt: “Er is geen andere naam onder hemel aan de mensen gegeven, waarin wij gered moeten worden” (Hand. 4, 12).
Waarom wordt Jezus “Christus” genoemd?

“Christus” in het Grieks, “Messias” in het Hebreeuws, betekent “Gezalfde”. Jezus is de Christus omdat Hij door God gewijd en met de Heilige Geest gezalfd is voor zijn zending als Verlosser. Hij is de Messias, door Israël verwacht en door de Vader in de wereld gezonden. Jezus heeft de titel van Messias aanvaard, maar de betekenis ervan nader uitgelegd: “uit de hemel neergedaald” (Joh. 3, 13), gekruisigd en vervolgens verrezen, is Hij de lijdende dienstknecht van God, die zijn leven geeft “als losprijs voor velen” (Mt. 20, 28). Van de naam Christus komt onze naam Christen.

In welke zin is Jezus de eniggeboren Zoon van God?
Hij is dat in een unieke en volmaakte zin. Bij zijn Doop en bij de Gedaanteverandering wijst de stem van de Vader Jezus aan als zijn “welbeminde Zoon”. Door zichzelf voor te stellen als de Zoon die “de Vader kent” (Mt. 11, 27), bevestigt Hij zijn unieke en eeuwige relatie met God als zijn Vader. Hij is “de eniggeboren Zoon van God” (1 Joh. 4, 9), de tweede persoon van de Drie-eenheid. Hij staat centraal in de apostolische prediking: de apostelen “hebben zijn heerlijkheid aanschouwd, zulk een heerlijkheid als de Eniggeborene van de Vader ontvangt” (Joh. 1, 14).
Wat betekent de titel “Heer”?
In de Bijbel betekent deze titel gewoonlijk de soevereine God. Jezus geeft zichzelf deze titel, en openbaart zijn goddelijke soevereiniteit door zijn macht over de natuur, de demonen, de zonde en de dood, en vooral door zijn verrijzenis. De eerste christelijke belijdenissen verklaren, dat de macht, de eer en de heerlijkheid, die men aan God de Vader verschuldigd zijn, ook eigen zijn aan Jezus: God ”heeft Hem de naam verleend die boven alle namen is” (Fil. 2, 9). Hij is de Heer van de wereld en van de geschiedenis, de Enige aan wie de mens zijn persoonlijke vrijheid geheel mag onderwerpen.

Document

Naam: COMPENDIUM VAN DE CATECHISMUS VAN DE KATHOLIEKE KERK
Soort: Catechismus-Compendium
Datum: 28 juni 2005
Copyrights: © 2005, Libreria Editrice Vaticana
© 2005, Vert.: Werkgroep Compendium
Deze werkvertaling is uitgangspunt geweest voor de officiële uitgave. Deze versie wordt binnenkort geconformeerd aan de officiële uitgave.
Bewerkt: 11 november 2019

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam