• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

25. HET VADERSCHAP VAN GOD, BRON VAN ONZE HOOP
Sint Pietersplein

Dierbare broeders en zusters, goedendag!

Het gebed van Jezus had iets betoverends, zo betoverend dat op een dag de leerlingen gevraagd hebben erin ingewijd te worden. Men vindt het verhaal in het Evangelie van Lucas, de Evangelist die het sterkst het mysterie van de “biddende” Christus heeft verwoord: de Heer bad. De leerlingen van Jezus waren getroffen door het feit dat Hij, in het bijzonder ’s morgens en ’s avonds zich in eenzaamheid terugtrok en zich in het gebed “onderdompelde”. Vandaar dat ze op een dag Jezus vroegen ook hen te leren bidden. Vgl. Lc. 11, 1

Toen heeft Jezus het gebed geformuleerd dat het christelijk gebed bij uitstek is geworden: het “Catechismus-Compendium
Catechismus van de Katholieke Kerk
(15 augustus 1997)
”. Eigenlijk geeft Lucas, in vergelijking met Matteüs, ons de verkorte versie van Jezus’ gebed. Het begint met de eenvoudige aanspraak: “Vader” (Lc. 11, 2).

Heel het mysterie van het christelijk gebed wordt hier samengevat, in dat woord: de moed hebben om God aan te spreken met de naam Vader. De liturgie bevestigt dit door, wanneer zij uitnodigt tot het gemeenschappelijk uitspreken van het gebed van Jezus, de uitdrukking te gebruiken: “durven wij zeggen”.

Inderdaad, God met de naam ”Vader” aanspreken, is helemaal niet vanzelfsprekend. We zouden eerder geneigd zijn meer verheven titels te gebruiken, die meer recht doen aan zijn verhevenheid. Hem met “Vader” aanspreken, plaatst ons in een vertrouwvolle relatie met Hem, zoals een kind tot zijn vader spreekt, vanuit de zekerheid door hem bemind en verzorgd te zijn. Dat is de grote revolutie die het christendom aanbrengt in de religieuze psychologie van de mens. Het mysterie van God dat ons altijd betovert en ons klein doet voelen, jaagt ons geen vrees aan, verplettert ons niet, beangstigt ons niet. Dat is een revolutie die voor onze geest moeilijk aanvaardbaar is. Dat is dermate waar, dat in de verhalen van de verrijzenis gezegd wordt dat de vrouwen, na het zien van het lege graf en de engel, “naar buiten vluchten, van het graf weg, bevend van angst en buiten zichzelf.“ (Mc. 16, 8). Jezus echter openbaart God als een goede Vader en zegt ons: “Vreest niet!”

Denken we aan de parabel van de barmhartige vader. Vgl. Lc. 15, 11-32 Jezus vertelt over een vader die alleen maar goed kan zijn voor zijn zonen. Een vader die de zoon niet straft omwille van zijn aanmatiging en die er zelfs toe komt hem zijn deel van de erfenis te geven en hem het huis te laten verlaten. God is Vader, zegt Jezus, maar niet op mensenwijze, maar op zijn wijze: goed, kwetsbaar voor de vrije wil van de mens, alleen in staat het werkwoord “beminnen” te vervoegen. Wanneer de opstandige zoon, na alles verkwanseld te hebben, uiteindelijk naar zijn geboortehuis terugkeert, past die vader geen normen van menselijke rechtvaardigheid toe. Hij heeft op de eerste plaats de behoefte vergiffenis te schenken en door zijn omhelzing laat hij de zoon verstaan dat hij hem heeft gemist in die lange afwezigheid. Hij was een pijnlijk gemis voor de vaderlijke liefde.

Wat een onpeilbaar mysterie is een God die dit soort liefde voor zijn kinderen koestert!

Dit is wellicht de reden waarom de apostel Paulus, wanneer hij de kern van het christelijk mysterie oproept, er niet toe komt in het Grieks te vertalen, het woord dat Jezus in het Aramees uitsprak: “abba”. Tweemaal staat de apostel Paulus in zijn briefwisseling Vgl. Rom. 8, 15 Vgl. Gal. 4, 6 stil bij dit thema en tweemaal bewaart hij dat woord onvertaald, zoals het uit de mond van Jezus is gekomen: “abba”. Een term die nog veel intiemer is dan “vader” en die soms wordt vertaald met “papa”, “papaatje”.

Dierbare broeders en zusters, nooit zijn we alleen. We kunnen veraf zijn, vijandig, we kunnen onszelf de naam geven “zonder God”. Maar het Evangelie van Jezus Christus openbaart ons dat God niet zonder ons kan: Hij zal nooit een God “zonder mens” zijn. Hij is het die niet zonder ons kan en dat is een groot mysterie! God kan niet God zijn zonder de mens: een groot mysterie is dit! Die zekerheid is de bron van onze hoop, die in elke bede van het Onze Vader voorkomt. Wanneer we hulpbehoevend zijn, zegt Jezus ons niet dat te aanvaarden en ons in onszelf op te sluiten, maar ons tot de Vader te richten en aan Hem met vertrouwen te vragen. Al onze behoeften, van de meest vanzelfsprekende en alledaagse, zoals voedsel, gezondheid, werk, tot erna met vergiffenis krijgen en ondersteund te worden in de beproevingen, zijn niet de weerspiegeling van onze eenzaamheid. Er is altijd een Vader die met liefde naar ons kijkt en die ons zeker nooit zal verlaten.

Ik doe jullie nu een voorstel: ieder van ons heeft veel problemen, en veel noden. Laten we nu even in stilte aan die problemen en noden denken. Laten we ook aan de Vader denken, aan onze Vader, die niet zonder ons kan en die op dit ogenblik naar ons kijkt. Allen samen, met vertrouwen en hoop, bidden we: “Onze Vader, die in de hemel zijt…”

Dank!

Zie ook:

Andere catecheses in deze reeks, zie het dossier De christelijke hoop

Document

Naam: 25. HET VADERSCHAP VAN GOD, BRON VAN ONZE HOOP
Sint Pietersplein
Soort: Paus Franciscus - Audiƫntie
Auteur: Paus Franciscus
Datum: 7 juni 2017
Copyrights: © 2017, Libreria Editrice Vaticana / SRKK / Stg. InterKerk
Vert. uit het Italiaans: Marcel De Pauw MSC; alineaverdeling en -nummering: redactie
Bewerkt: 14 juni 2017

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2017, Stg. InterKerk, Schiedam