• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Onder de talrijke arbeidsbelangen, die de staat verder moet beschermen, staan zijn geestelijke belangen vooraan. Immers het leven op aarde, hoe goed en begerenswaard, vormt op zich niet het einddoel, waarvoor wij geboren zijn: het is slechts een weg en een middel, om het leven der ziel te vervolmaken door de kennis van de waarheid en de liefde tot het goede. Juist de ziel draagt in zich het beeld en de gelijkenis Gods en is de zetel van de heerschappij, welke de mens moet uitoefenen over lagere schepsels en waardoor hij alle landen en zeeën dienstbaar moet maken aan zijn nut: “Vervult de aarde en onderwerpt ze aan u en heerst over de vissen der zee en over de vogelen des hemels en over alle dieren, welke zich bewegen op aarde.” (Gen. 1, 28) In dit opzicht zijn alle mensen gelijk en is er geen verschil tussen rijk en arm, heer en dienaar, vorst en onderdaan. “Hij is toch dezelfde Heer voor allen.” (Rom. 10, 12) Niemand mag de waardigheid van de mens, waarover God zelf “met grote eerbied” beschikt, ongestraft krenken, noch hem belemmeren in zijn streven naar die volmaaktheid, waaraan het eeuwig leven in de hemel beantwoordt. Zelfs staat het de mens niet vrij, ook al zou hij het willen, zich in dit opzicht in strijd met zijn natuur te laten behandelen noch zijn ziel aan slavernij prijs te geven: immers het gaat hier niet om rechten, waarover de mens vrije beschikking heeft, maar om plichten jegens God, die nauwgezet moeten onderhouden worden.

Hieruit volgt, dat niet mag gewerkt worden op Zon- en feestdagen. Geen toegeven aan vadsig nietsdoen is hiermee bedoeld, nog veel minder het door velen gewenste vrij-zijn, dat ondeugden aankweekt en geld doet verspillen, maar een rust, geheiligd door de godsdienst. Rust, verbonden met godsdienst, onttrekt de mens aan de arbeid en de beslommeringen van het dagelijkse leven, om hem zo te brengen tot de overdenking der hemelse goederen en tot het onderhouden van de eredienst, rechtmatig verschuldigd aan de eeuwige God. Dit is vooral de betekenis en het doel van het nemen van rust op Zon- en feestdagen. In het Oud Verbond heeft God dit door een afzonderlijke wet bekrachtigd: “Wees indachtig, dat gij de sabbatdag heiligt” (Ex. 20, 8), en tevens door eigen daad geleerd, doordat Hij aanstonds na de mens geschapen te hebben, die geheimzinnige rust nam: “Hij rustte op de zevende dag van al het werk, dat Hij gemaakt had.” (Gen. 2, 2)

Document

Naam: RERUM NOVARUM
Over kapitaal en arbeid
Soort: Paus Leo XIII - Encycliek
Auteur: Paus Leo XIII
Datum: 15 mei 1891
Copyrights: © 1961, Ecclesia Docens (0158) 5e druk, Uitg. Gooi & Sticht, Hilversum
Vert.: p. fr. L. Zeinstra ofm; tussentitels: redactie Ecclesia Docens
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam