• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
   Dit is een werkvertaling

Laten wij weer het gezang van de psalmist nemen. Hierin verschijnen binnen in het huis waar de man en zijn bruid aan tafel zitten, de kinderen die hen begeleiden “als olijventakken” (Ps. 128, 3), ofwel vol energie en vitaliteit. Als de ouders als het ware de fundamenten van het huis zijn, dan zijn de kinderen als het ware de “levende stenen” van het gezin. Vgl. 1 Pt. 2, 5 Het is veelbetekenend dat in het Oude Testament het woord dat meermaals na het woord voor God (YHWH, de “Heer”) verschijnt, “zoon” (ben) is, een term die verwijst naar het Hebreeuwse werkwoord dat “bouwen” (banah) betekent. Daarom wordt in psalm 127 de gave van kinderen verheerlijkt in beelden die zowel verwijzen naar het bouwen van een huis, als naar het maatschappelijke en commerciële leven dat zich afspeelde aan de poort van de stad: “Als de Heer de woning niet bouwt, werken de bouwers vergeefs [...] Kinderen zijn een geschenk van de Heer, de vrucht van de schoot is zijn gave. Als pijlen gelegd in de hand van de strijder zijn zonen verwekt in zijn jeugd. Gelukkig wie daarmee zijn pijlkoker vult, hij staat niet beschaamd, wanneer hij zich weert in de poort” (Ps. 127, 1.3-5). Weliswaar weerspiegelen deze beelden de cultuur van een oude maatschappij, maar de aanwezigheid van kinderen is in elk geval een teken van volheid van het gezin in de continuïteit van dezelfde heilsgeschiedenis van generatie op generatie.

In dit perspectief kunnen wij een andere dimensie plaatsen van het gezin. Wij weten dat er in het Nieuwe Testament wordt gesproken over “kerk aan huis”. Vgl. 1 Kor. 16, 19 Vgl. Rom. 16, 5 Vgl. Kol. 4, 15 Vgl. Filem. 2 De levensruimte van een gezin kon veranderen in een huiskerk, in een plaats voor de Eucharistie, voor de aanwezigheid van Christus die aan dezelfde tafel is gezeten. Onvergetelijk is de scène die in de Apocalyps wordt geschilderd: “Ik sta voor de deur en Ik klop. Als iemand mijn stem hoort en de deur opent, zal Ik bij hem binnenkomen en maaltijd met hem houden en hij met Mij” (Openb. 3, 20). Zo wordt een huis geschetst dat binnen in zich de tegenwoordigheid van God, het gemeenschappelijk gebed en daarom de zegening van de Heer draagt. En dat is wat psalm 128, die wij als basis hebben genomen, zegt: “Ja, zo wordt elke mens gezegend die eer geeft aan de Heer. U zegene de Heer uit Sion” (Ps. 128, 4-5).

De Bijbel beschouwt het gezin ook als de plaats voor de catechese van de kinderen. Dit komt duidelijk naar voren in de beschrijving van de viering van Pasen Vgl. Ex. 12, 26-27 Vgl. Deut. 6, 20-25 en werd vervolgens verduidelijkt in de joodse haggadah, ofwel de vertelling in dialoogvorm die de ritus van het paasmaal vergezelt. Nog een andere psalm verheerlijkt de verkondiging van het geloof door het gezin: “Al wat wij gehoord hebben en begrepen, wat ons door de vaderen is verteld, wij zullen het niet voor hun kinderen verbergen, maar zeggen het voort aan het komend geslacht. De roem van de Heer, zijn machtige daden, de wondertekens die Hij heeft verricht. Hij heeft zijn gebod in Jakob gegeven en stelde als wet vast in Israël, dat wat Hij de vaderen openbaarde, de kinderen zou worden bekend-gemaakt; zodat ook die later nog worden geboren, het zullen beseffen en op hun beurt het weer aan hun kinderen door zullen geven” (Ps. 78, 3-6). Daar-om is het gezin de plaats waar de ouders de eerste leraren in het geloof voor hun kinderen worden. Het is een “ambachtelijke” taak, van persoon tot persoon: “Als uw zoon u later vraagt wat dit betekent, dan moet u hem antwoorden...” (Ex. 13, 14). . Zo zullen de verschillende generaties hun lied voor de Heer aanheffen, “jonge mannen en jonge meisjes, grijsaards en kinderen, allen bijeen” (Ps. 148, 12).

De ouders hebben de plicht op serieuze wijze hun opvoedende zending te vervullen, zoals de wijzen van de Bijbel vaak leren. Vgl. Spr. 3, 11-12 Vgl. Spr. 6, 20-22 Vgl. Spr. 13, 1 Vgl. Spr. 22, 15 Vgl. Spr. 23, 13-14 Vgl. Spr. 29, 17 De kinderen zijn geroepen de opdracht “Eer uw vader en uw moeder” (Ex. 20, 12) op zich te nemen en in de praktijk te brengen, waar het werkwoord “eren” de vervulling van verplichtingen op het vlak van het gezin en de maatschappij in heel hun volheid aanduidt, zonder deze te verwaarlozen met verontschuldigende religieuze voorwendsels. Vgl. Mc. 7, 11-13 Immers, “wie zijn vader hoog-acht, krijgt vergeving van zijn zonden en wie zijn moeder eer bewijst, is iemand die schatten verzamelt” (Sir. 3, 3-4).

Het evangelie herinnert ons ook eraan dat de kinderen geen eigen-dom van het gezin zijn, maar een persoonlijke levensweg vóór zich hebben. Als het waar is dat Jezus zich presenteert als een model van gehoorzaamheid aan zijn aardse ouders door aan hen onderdanig te zijn Vgl. Lc. 2, 51 , dan is het ook zeker dat Hij laat zien dat de levenskeuze van het kind en zijn christelijke roeping zelf kunnen vergen dat het hen verlaat om de eigen toewijding aan het Rijk van God te verwezenlijken. Vgl. Mt. 10, 34-37 Vgl. Lc. 9, 59- 62 Bovendien antwoordt Hijzelf op twaalfjarige leeftijd aan Maria en Jozef dat Hij een hogere zending moet vervullen die zijn historisch gezin overstijgt. Vgl. Lc. 2, 48-50 Daarom verheerlijkt Hij de noodzaak van andere, diepere banden, ook binnen gezinsrelaties: “Mijn moeder en mijn broeders zijn zij die het woord van God horen en ernaar handelen” (Lc. 8, 21). Anderzijds houdt Jezus in de aandacht die Hij zich ten opzichte van kinderen voorbehoudt - zij worden in de maatschappij van het oude Nabije Oosten beschouwd als objecten zonder bijzondere rechten en als deel van het familiebezit - hen zelfs aan de volwassenen voor als leraren vanwege hun eenvoudig en spontaan vertrouwen jegens anderen: “Voorwaar, Ik zeg u: als gij niet opnieuw wordt als de kleine kinderen, zult gij het Rijk der hemelen zeker niet binnengaan. Wie dus zichzelf gering acht zoals dit kind, is de grootste in het Rijk der hemelen” (Mt. 18, 3-4).

Document

Naam: AMORIS LAETITIA
Over vreugde van de liefde
Soort: Paus Franciscus - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Auteur: Paus Franciscus
Datum: 19 maart 2016
Copyrights: © 2016, Libreria Editrice Vaticana / Stg. InterKerk / summacatholica.blogspot.nl / SRKK
Werkvert.: Dr. Jörgen Vijgen;
© 2016 'Theologie van het Lichaam' en 'De kracht van het gezin': Betsaida, 's-Hertogenbosch 2016;
Trefwoordenlijst: redactie
Bewerkt: 22 oktober 2020

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
Trefwoordenlijst voor dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam