• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

DE SOCIALE COMMUNICATIEMIDDELEN EN DE PROBLEMEN VAN DE BEJAARDEN
16e Wereld Communicatie Dag

Dierbare broeders en zusters in Christus,

Reeds gedurende zestien jaar viert de katholieke kerk een speciale 'dag', waarop de gelovigen worden uitgenodigd zich op hun plicht tot gebed en persoonlijke betrokkenheid bij de belangrijke sector van de sociale communicatiemiddelen te bezinnen en daarmee aan een nauwkeurige aanwijzing van het concilie te beantwoorden 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over de publiciteitsmedia, Inter Mirifica (4 dec 1963), 18; en ieder jaar werd voor deze dag een bijzonder thema aangegeven waarop de gelovigen werden uitgenodigd hun aandacht te richten en 'om voor dit doel te bidden en een bijdrage te geven'. 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over de publiciteitsmedia, Inter Mirifica (4 dec 1963), 18 In de lijn van deze traditie heb ik gewild, dat deze dag dit jaar aan de bejaarden zou worden gewijd, en graag heb ik het thema willen overnemen, dat de Organisatie van de Verenigde Naties voor 1982 in overweging heeft genomen. 

De problemen van de bejaarden doen zich vandaag in afmetingen en vormen voor, die sterk verschillen van die van vroeger tijden. Nieuw is vooral het probleem dat verband houdt met het gestegen aantal bejaarden zelf, dat in de landen met een hoog levensniveau is toegenomen door de voortdurende vooruitgang van de geneeskunde en de hygiënisch-sanitaire maatregelen, door verbeterde arbeidsomstandigheden en de algemene groei van het welzijn.

Nieuw zijn verder bepaalde factoren die eigen zijn aan de moderne, industriële en postindustriële samenleving, en op de eerste plaats de gezinsstructuur, welke van het patriarchale type dat in de agrarische samenleving bestond, in het algemeen is teruggebracht tot een kleine kern. Deze is dikwijls geïsoleerd en onbestendig, zp niet zelfs uiteen gevallen. Verschillende elementen hebben daartoe bijgedragen en dragen daartoe bij, zoals de uittocht van het platteland en de run naar de stedelijke centra, waarbij voor onze jongeren soms de ongebreidelde zucht komt naar welvaart en de dorst naar consumptie. In dit verband worden bejaarden tenslotte dikwijls tot last.

Hierdoor drukken maar al te dikwijls verschillende zware lasten op de bejaarden: vanaf de meest barre armoede, vooral in landen waar nog iedere sociale ouderdomsvoorziening ontbreekt, en de gedwongen rust van de gepensioneerden, vooral wanneer zij uit de industriesector of ongeschoolde sector komen, tot de bittere eenzaamheid van degenen die van echte vriendschap en gezinsgenegenheid zijn verstoken. Met het toenemen van de jaren, het afnemen van de krachten en het zich openbaren van een of andere slepende kwaal doen dan steeds ernstiger de lichamelijke zwakheid en vooral de last van het leven zich gevoelen. 

Deze problemen van de derde leeftijd kunnen geen evenredige oplossing vinden, wanneer zij niet door allen als werkelijkheden worden begrepen en beleefd die tot de hele mensheid behoren, welke is geroepen de bejaarden te waarderen vanwege de waardigheid van ieder mens en de zin van het leven dat 'altijd een gave is'.

De heilige Schrift die dikwijls over de ouderen spreekt, beschouwt de ouderdom als een gave, welke dagelijks wordt hernieuwd en moet worden beleefd in openheid voor God en de naaste.

Reeds in het Oude Testament wordt de bejaarde vooral beschouwd als een leermeester van het leven: 'Hoezeer past wijsheid bij oude mensen!. .. Rijke ervaring is de kroon van de oude mensen en de vrees voor de Heer is hun roem' (Sir. 25, 6). De bejaarden hebben bovendien een hoogst belangrijke taak: het woord van God doorgeven aan de jongere generaties:

'O God, wij hebben het met eigen oren gehoord, 
onze vaderen hebben het ons verteld' (Ps. 44, 2).

Door het ware geloof in God aan de jongeren te verkondigen bewaren zij de vruchtbaarheid van geest welke niet vervalt met het afnemen van de lichamelijke krachten:

'Zij dragen nog vrucht als ze oud zijn,
en blijven nog sappig en fris,
zo verkondigen ze, dat de Heer gerecht is' (Ps. 92, 15-16).

Aan deze taak van de ouderen beantwoorden de plichten van de jongeren, en dat wil zeggen, de plicht naar hen te luisteren: 'Versmaad de betogen der grijsaards niet' (Sir. 8-9), 'vraag uw vader, hij zal het vertellen,/ vraag het uw oudsten, zij zeggen het u' (Deut. 32, 7); en de plicht hen bij te staan: 'Verzorg uw vader als hij oud is, en doe hem geen verdriet, zolang hij leeft. Ook al is zijn verstand verzwakt, gij moet het hem niet kwalijk nemen, en hem niet verachten, gij die nog al uw krachten hebt' (Sir. 3, 12-13).

De leer van het Nieuwe Testament is niet minder rijk, waar de heilige Paulus het levensideaal van de oudsten voorstelt met zeer concrete 'evangelische' raden over de matigheid, ernst, bezonnenheid, gezond geloof, liefde en geduld (Tit. 2, 2). Een zeer tekenend voorbeeld is de grijsaard Simeon, die in de verwachting en de hoop leefde de Messias te ontmoeten, en voor wie Christus de vervulling van het leven en de hoop van de toekomst wordt voor zichzelf en voor alle mensen. Door geloof en nederigheid voorbereid, weet hij de Heer te herkennen en zingt met geestdrift, geen afscheid van het leven, maar een hymne van dankbaarheid aan de Verlosser van de wereld op de drempel van de eeuwigheid (Lc. 2, 25-35).

Juist omdat de derde leeftijd een moment van het leven is, dat wordt verwezenlijkt door ijver en liefde, moeten de 'bewegingen' worden gewaardeerd en gesteund, die de bejaarden helpen om uit een houding van wantrouwen, eenzaamheid en berusting te komen om van hen verbreiders van wijsheid, getuigen van hoop en bewerkers van liefde te maken.

Het eerste milieu waarin het aandeel van de bejaarden tot ontwikkeling moet komen is het gezin. Hun wijsheid en ervaring is een schat voor de jong gehuwden, die in de eerste moeilijkheden van het huwelijksleven in hun bejaarde ouders de vertrouwensmensen kunnen vinden om zich uit te spreken en te laten raden, terwijl de kleinkinderen in het voorbeeld en de liefdevolle zorg van de grootouders een vergoeding vinden voor de tegenwoordig om verschillende redenen zo veelvuldige afwezigheid van de ouders.

Er is meer: in de burgersamenleving zelf, welke de stabiliteit van de sociale orde altijd heeft toevertrouwd aan de raad van rijpe personen, kunnen bejaarden in het proces van de noodzakelijke hervormingen ook vandaag het element van evenwicht vertegenwoordigen voor de opbouw van een samenleving, welke vooruitgaat en zich vernieuwt, niet door middel van verderfelijke experimenten, maar met behulp van geduldige en geleidelijke ontwikkelingen.

De medewerkers aan de sociale communicatiemiddelen hebben een zeer belangrijke, ik zou zeggen onvervangbare taak te vervullen met betrekking tot de bejaarden. Juist de sociale communicatiemiddelen kunnen namelijk door de alomvattendheid van hun actieradius en de indringendheid van hun boodschappen snel en welsprekend de aandacht en bezinning van allen op de problemen van de bejaarden en hun levensomstandigheden richten. Alleen een bewuste, heilzaam wakkergeschudde en gemobiliseerde samenleving zal tot het zoeken van maatregelen en oplossingen kunnen komen, die doeltreffend aan de nieuwe noden beantwoorden.

De medewerkers aan de communicatiemiddelen kunnen ook grotelijks bijdragen om eenzijdige indrukken van jongeren weg te nemen door aan de rijpere leeftijd en de ouderdom hun eigen nut toe te kennen en de samenleving denkwijzen en rangorden van waarden te bieden, die de bejaarden in hun waarde herstellen. Zij hebben bovendien de mogelijkheden bij geschikte gelegenheden de openbare mening eraan te herinneren, dat er naast het probleem van het 'rechtvaardig loon' ook het probleem van het 'rechtvaardig pensioen' bestaat, dat niet minder deel uitmaakt van de 'sociale rechtvaardigheid'.

De moderne culturele schema's, die dikwijls eenzijdig de economische productiviteit, doelmatigheid, lichamelijke schoonheid en kracht, en het individuele welzijn verheerlijken, leiden er namelijk toe de bejaarden als lastig, overbodig en nutteloos te beschouwen, ze daarom uit het gezinsleven en het sociale leven te verwijderen. Een aandachtig onderzoek op dit terrein wijst uit, dat een deel van de verantwoordelijkheid voor deze situatie op bepaalde oriënteringen van de massamedia neerkomt: wanneer het waar is, dat sociale communicatiemiddelen een weerspiegeling zijn van de samenleving waarin ze werkzaam zijn, is het niet minder waar, dat ze ook bijdragen aan de inrichting ervan en dat ze zich daarom niet kunnen onttrekken aan de eigen verantwoordelijkheid op dit gebied.

De medewerkers aan de communicatiemiddelen zijn bijzonder de aangewezen personen om deze boven aangegeven echte menselijke en dus ook christelijke kijk op de bejaarden te verbreiden: de ouderdom als gave van God voor de mens, het gezin en de samenleving. De auteurs, schrijvers, regisseurs en acteurs kunnen via de bewonderenswaardige wegen van hun kunst deze visie begrijpelijk en aantrekkelijk gaan maken. Allen kennen het succes, dat zij bij andere campagnes hebben behaald, die handig en met volharding werden gevoerd. 

Deze menselijke en christelijke richtlijnen die door de massamedia worden verspreid, moeten de bejaarden helpen om deze periode van hun leven met opgeruimdheid en werkelijkheidszin te beschouwen; om zoveel mogelijk hun verstandelijke, zedelijke en lichamelijke krachten in dienst van anderen te stellen door de humanitaire, vormende, sociale en godsdienstige initiatieven te steunen; om de lange momenten van stilte te vullen door middel van cultuur en in gesprek met God. De kinderen moeten zich bewust zijn, dat het ideale milieu voor de bejaarden het gezin is, niet zozeer als een fysiek als wel als een affectief samenwonen, waarin zij zich echt aanvaard, bemind en bijgestaan voelen. De burgersamenleving moet aangemoedigd worden om evenredige voorzieningssystemen en vormen van bijstand te aanvaarden, die niet alleen rekening houden met de lichamelijke en materiële, maar ook met de psychologische en geestelijke behoeften, om de bejaarden duurzaam op te nemen en hun een volwaardig leven te waarborgen. Edelmoedige mensen moeten de oproep verstaan om hun tijd en krachten aan de dienst van deze zaak te wijden door in deze broeders die hen nodig hebben Christus zelf te zien.

Behalve deze actie van bezieling moeten de medewerkers aan de sociale communicatie, zich bewust van het feit dat de bejaarden een talrijk en vast deel van hun publiek vormen, vooral gebruikers van radio en televisie en lezers, ervoor zorgen ook programma's en publicaties bijzonder op hen af te stemmen om hen niet alleen een afleidende en ontspannende verstrooiing te bieden, maar eveneens een hulp tot voortdurende vorming welke vereist is voor elke leeftijd. Bijzondere erkentelijkheid zullen vervolgens die medewerkers van de kant van de gehandicapten en zieken vooral verwerven, die hen in staat stellen met het volk van God deel te nemen aan liturgische vieringen en kerkelijke gebeurtenissen. Bij deze uitzendingen zal natuurlijk rekening moeten worden gehouden met de eisen en bijzondere gevoeligheden van de bejaarden door schokkende nieuwigheden te vermijden en hun zin voor het heilige te eerbiedigen, welke de bejaarden in hoge mate bezitten en welke in de kerk een goed vormt dat moet worden bewaard.

Mogen de bejaarden op deze werelddag voor de sociale communicatiemiddelen welke aan hun problemen is gewijd, de eersten zijn om hun gebeden en offers aan de Heer aan te bieden, opdat zich in de wereld een christelijke kijk op de gevorderde leeftijd mag ontwikkelen. Mogen degenen die van de betovering van het kind-zijn, de kracht van de jeugd en de werkdadigheid van de rijpe leeftijd genieten, met respect, dankbaarheid en liefde degenen beschouwen die hen voorafgingen.

Mogen de medewerkers aan de sociale communicatie graag hun bewonderenswaardige middelen in dienst stellen van deze zo edele en verdienstelijke zaak.

Moge de Heer allen zegenen en bijstaan in hun voornemens.

Met deze wensen verleen ik graag aan allen die op het gebied van de sociale communicatiemiddelen werkzaam zijn, aan allen die verantwoordelijk van hun diensten gebruik maken en bijzonder de bejaarden, mijn apostolische zegen als onderpand van de overvloedige gaven van gelukkige vreugde en geestelijke vooruitgang.

Uit het Vaticaan, 10 mei 1982, het vierde jaar van mijn pontificaat. 

Document

Naam: DE SOCIALE COMMUNICATIEMIDDELEN EN DE PROBLEMEN VAN DE BEJAARDEN
16e Wereld Communicatie Dag
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Boodschap
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 10 mei 1982
Copyrights: © 1982, Teksten uit de R.K. Kerk (5), uitg. De Horstink, Amersfoort
Vert.: Archief van de Kerken
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam