• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

De Kerk maakt in liefdevol delen de vreugde en de verwachtingen, het verdriet en de angst van ieder gezin tot de hare. Een gezin als tochtgenoot bijstaan betekent voor de Kerk een wijs gedifferentieerde houding aannemen: soms is het noodzakelijk nabij te blijven en in stilte te luisteren; andere keren moet men voorgaan om de weg aan te geven die moet worden afgelegd; weer andere keren is het passend om te volgen, te ondersteunen en te bemoedigen. “De Kerk zal haar leden - priesters, religieuzen en leken - moeten inwijden in deze “kunst van de begeleiding”, opdat allen leren steeds hun sandalen uit te doen ten overstaan van de heilige grond van de ander. Vgl. Ex. 3, 5 Wij moeten aan onze weg het heilige ritme van de nabijheid geven, met een blik vol respect en vol medelijden, maar die tegelijkertijd ook geneest, bevrijdt en ertoe aanmoedigt te rijpen in het christelijk leven”. Paus Franciscus, Postsynodale Apostolische Exhortatie, Over de verkondiging van het Evangelie in de wereld van vandaag - Naar aanleiding van de Bisschoppensynode 2012 over de nieuwe evangelisatie, Evangelii Gaudium (24 nov 2013), 169 De belangrijkste bijdrage aan de gezinspastoraal biedt de parochie, die het gezin van de gezinnen is, waarin de bijdragen van kleine gemeenschappen, bewegingen en kerkelijke verenigingen worden geharmoniseerd. Begeleiding vraagt om specifiek voorbereide priesters, om de instelling van gespecialiseerde centra waar priesters, religieuzen en leken leren zorgen voor ieder gezin, met een bijzondere aandacht voor de gezinnen in moeilijkheden.

265 Synodevaders stemmend: placet - 247; non placet - 11 -> aangenomen.

Discernment and Integration

Gedoopten die zijn gescheiden en opnieuw een burgerlijk huwelijk zijn aangegaan, moeten op de verschillende mogelijke manieren meer in de christelijke gemeenschappen worden geïntegreerd, waarbij iedere gelegenheid tot aanstoot wordt vermeden. De logica van de integratie is de sleutel tot hun pastorale begeleiding, opdat zij niet alleen weten dat zij behoren tot het Lichaam van Christus, dat de Kerk is, maar een vreugdevolle en vruchtbare ervaring hiervan kunnen hebben. Zij zijn gedoopt, zij zijn broers en zusters, de Heilige Geest stort in hen gaven en charisma’s tot welzijn van allen. Hun deelname kan tot uitdrukking komen in verschillende kerkelijke diensten: daarom moet men onderscheiden welke van de verschillende tegenwoordig gepraktiseerde vormen van uitsluiting op liturgisch, pastoraal, opvoedkundig en institutioneel gebied kunnen worden overwonnen. Zij moeten zich niet alleen niet geëxcommuniceerd voelen, maar zij kunnen leven en rijpen als levende ledematen van de Kerk en haar daarbij als een moeder voelen die hen altijd opvangt, met genegenheid voor hen zorgt en hen bemoedigt op de weg van het leven en het Evangelie. Deze integratie is ook noodzakelijk voor de zorg voor en de christelijke opvoeding van hun kinderen, die als het belangrijkst moeten worden beschouwd. Voor de christelijke gemeenschap is het zorgen voor deze personen niet een verzwakking van het eigen geloof en het getuigenis omtrent de onontbindbaarheid van het huwelijk: integendeel, de Kerk brengt juist in deze zorg haar naastenliefde tot uitdrukking.

265 Synodevaders stemmend: placet - 187; non placet - 72 -> aangenomen.

De heilige Johannes Paulus II heeft een allesomvattende criterium geboden dat de basis blijft voor een inschatting van deze situaties:

“De herders moeten weten dat zij, uit liefde voor de waarheid, verplicht zijn de situaties goed te onderscheiden. Er is immers verschil tussen degenen die zich oprecht ingespannen hebben om hun eerste huwelijk te redden, maar op volkomen onrechtvaardige wijze in de steek gelaten zijn, en degenen die door hun eigen zware schuld een kerkrechtelijk geldig huwelijk stuk gemaakt hebben. Ten slotte zijn er degenen die een nieuwe verbintenis zijn aangegaan met het oog op de opvoeding van de kinderen en die soms in geweten overtuigd zijn dat het vorige huwelijk, dat onherstelbaar verbroken is, nooit geldig is geweest.” H. Paus Johannes Paulus II, Postsynodale Apostolische Exhortatie, Over de taken van het christelijk gezin in de wereld van deze tijd, Familiaris Consortio (22 nov 1981), 84

Het is derhalve de taak van de priester de betreffende personen te begeleiden op de weg van de onderscheiding overeenkomstig het onderricht van de Kerk en de richtlijnen van de bisschop. In dit proces zal het nuttig te zijn een gewetensonderzoek te doen door middel van momenten van reflectie en berouw. Zij die gescheiden zijn en een nieuw huwelijk zijn aangegaan, zouden zich moeten afvragen hoe zij zich ten opzichte van hun kinderen hebben gedragen, toen de huwelijksverbintenis in een crisis is terechtgekomen; of er pogingen tot verzoening zijn geweest; hoe de toestand is van de partner die in de steek is gelaten; welke consequenties de nieuwe relatie heeft voor de rest van het gezin en de gemeenschap van gelovigen; welk voorbeeld deze de jongeren geeft die zich op het huwelijk moeten voorbereiden. Een eerlijke reflectie kan het vertrouwen in de barmhartigheid van God, die niemand wordt onthouden, versterken.

Bovendien kan men niet ontkennen dat in sommige omstandigheden

“de toerekenbaarheid van en de verantwoordelijkheid voor een daad verminderd of zelfs opgeheven worden” Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 1735

op grond van verschillende omstandigheden. Dientengevolge moet het oordeel over een een objectieve situatie niet leiden tot een oordeel over de “subjectieve toerekenbaarheid”. Pauselijke Raad voor Wetsteksten, Betreffende het toelaten tot de Communie van gelovigen die gescheiden zijn en hertrouwd (24 juni 2000), 2. a In bepaalde omstandigheden vinden de personen het zeer moeilijk anders te handelen. Daarom is het, ook al handhaaft men een algemene norm, noodzakelijk te erkennen dat de verantwoordelijkheid ten opzichte van bepaalde handelingen of beslissingen niet in alle gevallen hetzelfde is. De pastorale onderscheiding moet zich, ook al houdt zij rekening met het juist gevormde geweten van de personen, belasten met deze situaties. Ook de gevolgen van gestelde daden zijn niet in alle gevallen dezelfde.

265 Synodevaders stemmend: placet - 178; non placet - 80 -> aangenomen.

Document

Naam: RELATIO FINALIS - SYNODE 2015
Soort: Bisschoppensynodes
Datum: 24 oktober 2015
Copyrights: © 2015, LIbreria Editrice Vaticana / SRKK
Vert. uit het Italiaans: drs. H.M.G. Kretzers, onder redactie van dr. L.J.M. Hendriks
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam