• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

18. DE HOOP VAN DE WERELD EN DE HOOP VAN HET KRUIS (VGL. JOH. 12, 24-25)
Sint Pietersplein

Dierbare broeders en zusters, goedendag!

Vorige zondag hebben we de intocht van Jezus in Jeruzalem herdacht, omgeven door de feestelijke toejuichingen van de leerlingen en een grote massa. Die mensen stelden in Jezus veel verwachtingen. Vele van hen verwachtten wonderen en grootse tekenen, getuigenissen van macht en zelfs van bevrijding van de vijandige bezetters. Wie van hen kon vermoeden dat over weinige tijd Jezus daarentegen zou worden vernederd, veroordeeld en gedood op een kruis? De aardse verwachtingen van die mensen zullen, in het aanschijn van het kruis, instorten. Maar wij geloven dat precies door de Gekruisigde onze hoop herboren werd. Aardse verwachtingen verschrompelen voor het kruis terwijl nieuwe hoop die altijd stand houdt, wordt geboren. De hoop die op het kruis ontstaat is anders. Anders dan de verwachtingen die vergaan, zoals die van de wereld. Over welke hoop gaat het? Welke hoop wordt op het kruis geboren?

Wat Jezus juist van de intocht in Jeruzalem zegt, kan ons helpen verstaan: “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: als de graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft hij alleen: maar als hij sterft, brengt hij veel vrucht voort.” (Joh. 12, 24). Laten we denken aan een korrel of een klein zaadje dat in de aarde valt. Als het in zichzelf gesloten blijft, gebeurt er niets; maar als het barst, opengaat, dan geeft het leven aan een aar, aan een spruit, dan wordt het een plant, een plant die vrucht zal geven.

Jezus heeft een nieuwe hoop in de wereld gebracht en Hij heeft het gedaan op de wijze van het zaad: Hij heeft zich klein gemaakt, klein als een graankorrel; Hij heeft zijn hemelse heerlijkheid verlaten om bij ons te komen, Hij is “in de aarde gevallen”. Maar dat volstond nog niet. Om vrucht te dragen heeft Jezus de liefde ten einde toe beleefd, Hij heeft zich door de dood laten openbreken als een zaad dat in de aarde openbarst. Precies daar, op het uiterste punt van zijn verlaging – het hoogtepunt van zijn liefde – is de hoop ontloken. Als iemand van jullie de vraag stelt: “hoe ontstaat de hoop?” “Op het kruis. Kijk naar het kruis, kijk naar de gekruisigde Christus en vandaar zal de hoop komen die nooit meer vergaat, die duurt tot in het eeuwig leven”. En die hoop is juist door de kracht van de liefde ontloken, want de liefde “hoopt alles, duldt alles (1 Kor. 13, 7), de liefde die het leven van God is heeft alles vernieuwd wat ze aanraakt. Op die wijze heeft Jezus, met Pasen, door ze op zich te nemen, onze zonde omgevormd tot vergiffenis, onze dood in verrijzenis, onze angst in vertrouwen. Dat is de reden waarom daar, op het kruis, onze hoop geboren en herboren werd; dat is de reden waarom onze duisternis kan worden omgevormd in licht, elke nederlaag in overwinning, elke ontgoocheling in hoop. Elke, ja elke. De hoop overstijgt alles, omdat ze geboren wordt uit de liefde van Jezus die zich als een graankorrel heeft gemaakt en gestorven is om leven te geven en uit dat leven vol liefde ontstaat de hoop.

Wanneer we voor de hoop van Jezus kiezen, ontdekken we beetje bij beetje de winnende levenswijze van het zaad, die van de nederige liefde. Er is geen andere weg om het kwaad te overwinnen en aan de wereld hoop te geven. Jullie zouden me kunnen zeggen: “Neen, dat is een verliezende logica!” Dat lijkt zo, dat het een verliezende logica is, want wie liefheeft verliest macht. Hebben jullie hieraan gedacht? Wie liefheeft verliest macht, wie geeft, verliest iets en liefde is een geschenk. In werkelijkheid is de logica van het zaad dat sterft, van de nederige liefde, het leven van God en alleen dat geeft vrucht. We zien dat in onszelf: hebben drijft ons om iets anders te willen: ik heb iets voor mezelf gekregen en meteen wil ik iets anders groter, en zo verder, en nooit ben ik voldaan. Dat is een lelijke dorst! Hoe meer je hebt, des te meer verlang je te hebben. Wie gulzig is, wordt nooit voldaan. Jezus zegt het heel duidelijk: “Wie zijn leven bemint, verliest het” (Joh. 12, 25). Ben je gulzig, tracht zoveel mogelijk te hebben... alles zal je verliezen, ook je leven, dat wil zeggen: wie zijn eigen leven liefheeft voor eigen belangen blaast zichzelf op en verliest. Wie daarentegen aanvaardt, is beschikbaar en dient, leeft op de wijze van God: en dus wint men, redt zichzelf en de anderen; wordt zaad van hoop voor de wereld. Het is mooi de anderen te helpen, de anderen te dienen… Misschien worden we er moe van! Maar het leven is zo en het hart loopt vol vreugde en hoop. Dat is liefde en hoop samen: dienen en geven.
Natuurlijk, deze ware liefde gaat langs het kruis, het offer, zoals voor Jezus. Het kruis is de verplichte passage, maar niet het einddoel, het is een doorgang: het einddoel is de glorie, zoals Pasen laat zien. Hier komt ons een ander zeer mooi beeld ter hulp, door Jezus aan zijn leerlingen nagelaten tijdens het Laatste Avondmaal. Hij zegt: “Wanneer de vrouw gaat baren is zij bedroefd omdat haar uur gekomen is; maar wanneer zij het kindje ter wereld heeft gebracht, denkt zij niet meer aan de pijn, van blijdschap dat er een mens ter wereld is gekomen.” (Joh. 16, 21). Dat is het: leven geven en het niet houden. Dat is wat de moeders doen: leven geven, ze lijden maar zijn daarna verheugd, gelukkig omdat ze een ander leven het licht hebben geschonken. Het geeft vreugde; de liefde schenkt leven het licht en geeft zelfs zin aan het lijden. De liefde is de motor die onze hoop doet verder gaan. Ik herhaal: de liefde is de motor die onze hoop doet verder gaan. Ieder van ons kan zich de vraag stellen: “Heb ik lief? Heb ik geleerd lief te hebben? Leer ik elke dag meer lief te hebben?”, want de liefde is de motor die onze hoop doet verder gaan.

Dierbare broeders en zusters, in deze dagen, dagen van liefde, laten we ons opnemen in het mysterie van Jezus die, als een graankorrel, door te sterven ons het leven geeft. Hij is het zaad van onze hoop. Overwegen we de Gekruisigde, bron van hoop. Beetje bij beetje zullen we verstaan dat met Jezus hopen, betekent: vanaf nu al in het zaad de plant leren zien, Pasen in het kruis zien, het leven in de dood. Ik zou jullie nu een huistaak willen geven. Het zal ieder van ons goed doen bij het kruisbeeld stil te staan – jullie hebben er allemaal een in jullie huis – ernaar kijken en zeggen: “Met Jou is niets verloren. Met Jou kan ik altijd hopen. Jij bent mijn hoop.” Laten we nu de Gekruisigde in gedachten voor ogen stellen en laten we allen samen aan de gekruisigde Jezus driemaal zeggen: “Jij bent mijn hoop”. Allen: “Jij bent mijn hoop.” Luider “Jij bent mijn hoop.” Dankjewel.

Zie ook:

Andere catecheses in deze reeks, zie dossier De christelijke hoop

Document

Naam: 18. DE HOOP VAN DE WERELD EN DE HOOP VAN HET KRUIS (VGL. JOH. 12, 24-25)
Sint Pietersplein
Soort: Paus Franciscus - Audiëntie
Auteur: Paus Franciscus
Datum: 12 april 2017
Copyrights: © 2017, Libreria Editrice Vaticana / Stg. InterKerk
Vert. uit het Italiaans: Marcel De Pauw MSC; alineaverdeling en -nummering: redactie
Bewerkt: 29 november 2017

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2018, Stg. InterKerk, Schiedam