• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Zalige Jozefina Bakhita

In de zalige Jozefina Bakhita vinden wij ook een uitmuntende getuige van de vaderlijke liefde van God en een schitterend teken van de blijvende actualiteit van de zaligsprekingen. Zij werd in 1869 geboren in Soedan. Als kind is zij door slavenhandelaren ontvoerd en een paar keer doorverkocht op de Afrikaanse slavenmarkten. Zij heeft de gruwelen gekend van een slavernij die diepe sporen van menselijke wreedheid in haar lichaam heeft achtergelaten. Ondanks deze ervaringen van smart bleef haar onschuld onaangetast en vol van hoop. “Als slavin ben ik nooit wanhopig geweest - zo zei ze -, want in mijn binnenste voelde ik een mysterieuze kracht die mij ondersteunde.” De naam Bakhita - zoals haar ontvoerders haar hadden genoemd - betekent Gelukkige, en zo was zij inderdaad, dankzij de God van iedere vertroosting, die haar altijd aan de hand voerde en samen met haar wandelde.

Via de mysterieuze wegen van de goddelijke Voorzienigheid aangekomen in Venetië opende zij zich spoedig voor de genade. Het doopsel en, enige jaren later, de religieuze professie bij de Canossiaanse zusters, die haar hadden opgenomen en onderricht, waren het logische gevolg van de ontdekking van de evangelische schat, waarvoor zij alles offerde, zelfs haar terugkeer naar haar geboorteland na haar vrijlating. Zoals Magdalena van Canossa wilde ook zij alleen voor God leven, en met een heldhaftige standvastigheid begaf zij zich met nederigheid en vertrouwen op de weg van de trouw naar de grootste liefde. Haar geloof was sterk, doorzichtig en vurig. “Weten jullie hoeveel vreugde het geeft God te kennen”, herhaalde zij vaak.

De nieuwe zalige heeft 51 jaar als Canossiaanse religieuze doorgebracht. Zij liet zich leiden door de gehoorzaamheid in een dagelijks, nederig en verborgen engagement, dat rijk was aan echte naastenliefde en gebed. De inwoners van Schio, waar zij bijna de hele tijd heeft gewoond, ontdekten spoedig in hun “donker moedertje” - zo noemden ze haar - een vrijgevige menselijkheid, een buitengewone innerlijke kracht die meeslepend was. Haar leven werd in beslag genomen door een onophoudelijk gebed voor de missie, door een nederige en heldhaftige trouw aan haar naastenliefde, waardoor zij in de vrijheid van de kinderen Gods kon leven en die aan haar omgeving kon doorgeven.

In onze tijd waarin de ongeremde zucht naar macht, geld en genot zoveel wantrouwen, geweld en eenzaamheid veroorzaakt, stelt de Heer ons zuster Bakhita voor als een universele zuster, die ons het geheim van het meest authentieke geluk openbaart: de zaligsprekingen.

Zij heeft een boodschap van heldhaftige goedheid naar het beeld van de goedheid van de hemelse Vader. Zij heeft ons een getuigenis van verzoening en van evangelische vergeving nagelaten, dat ongetwijfeld troost zal brengen aan de christenen van haar vaderland, Soedan, die zo zwaar beproefd worden door een conflict dat al vele jaren duurt en vele slachtoffers heeft gemaakt. Haar trouw en haar hoop zijn redenen van trots en dankbaarheid voor heel de Kerk. Op dit moment van strubbelingen gaat zuster Bakhita hen voor op de weg van de nabootsing van Christus, van een meer intensief christelijk leven en van onwankelbare verbondenheid met de Kerk. Tegelijkertijd wil ik opnieuw een warme aansporing richten tot de verantwoordelijken voor de situatie in Soedan, opdat zij de bevestigde idealen van vrede en saamhorigheid tot een goed einde brengen; opdat het respect voor de fundamentele rechten van de mens - en op de eerste plaats het recht op de vrijheid van godsdienst - wordt gegarandeerd voor allen, zonder etnische of godsdienstige discriminatie.

De situatie van honderdduizenden vluchtelingen van de zuidelijke streken, door de oorlog gedwongen huis en werk te verlaten, is enorm zorgwekkend; onlangs zijn zij gedwongen ook de kampen te verlaten waar zij een bepaalde vorm van bijstand kregen, en zijn gedeporteerd naar plaatsen in de woestijn. Hun is zelfs de vrije toegang tot de hulpkonvooien van de internationale organisaties ontzegd. Hun situatie is tragisch en mag ons niet ongevoelig laten.

Met kracht spoor ik de internationale hulporganisaties aan hun goedwillende hulp, zo nodig en urgent, te blijven sturen.

Bij het begroeten van de hier aanwezige delegatie van de Kerk in Soedan richt ik, met mijn smeekbede, mijn vriendelijke groet tot heel de Kerk van dit land: tot de bisschoppen, tot de diocesane clerus en de missionarissen, tot de leken die in het pastoraat betrokken zijn, en ook tot de catechisten, deze edelmoedige en noodzakelijke medewerkers in de verbreiding van de Waarheid, het Woord en de Liefde van God. De bevolking van Soedan is altijd aanwezig in mijn hart en in mijn gebeden: aan de nieuwe zalige Jozefina beveel ik hen aan.

Document

Naam: “HET IS NOODZAKELIJK DAT WIJ DOOR VELE KWELLINGEN HET RIJK GODS BINNENGAAN” (HAND. 14, 22)
Bij gelegenheid van de zaligverklaringen van Jozefmaria Escrivá de Balaguer en Jozefina Bakhita - Sint Pietersplein
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Homilie
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 17 mei 1992
Copyrights: © 1992, L'Osservatore Romano / http://www.nl.josemariaescriva.info
Vert.: Opus Dei
Bewerkt: 12 februari 2015

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam