• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De menselijke activiteit, tot haar volmaaktheid gebracht in het Paasmysterie

Het Woord Gods, waardoor alles is geworden en dat Zelf vlees is geworden is op aarde komen wonen onder de mensen. Vgl. Joh. 1, 3.14 Het is als volmaakt mens de geschiedenis van de wereld binnen getreden en heeft haar in Zich opgenomen en tot eenheid gebracht. Vgl. Ef. 1, 10 Hij openbaart ons, "dat God liefde is” (1 Joh. 4, 8), en terzelfder tijd leert Hij ons, dat de fundamentele wet van de menselijke volmaaktheid en bij gevolg van de omvorming van de wereld is: het nieuwe gebod van de liefde. Aan allen, die in de goddelijke liefde geloven, geeft Hij de zekerheid, dat de weg van de liefde voor alle mensen open staat en dat het streven naar de vestiging van een universele broederlijkheid niet zinloos is. Tegelijk vermaant Hij ons, dat die liefde niet alleen beoefend moet worden in schitterende daden, maar vóór alles in het gewone leven van iedere dag. Door voor ons allen, zondaars, te sterven Vgl. Joh. 3, 14-16 Vgl. Rom. 5, 8-10 leert Hij ons door zijn voorbeeld, dat wij ook het kruis moeten dragen, het kruis, dat het vlees en de wereld op de schouders leggen van hen, die vrede en rechtvaardigheid zoeken.

Door zijn verrijzenis tot Heer aangesteld, werkt Christus, aan wie alle macht is gegeven in de hemelen op aarde Vgl. Hand. 2, 36 Vgl. Mt. 28, 18 , thans door de kracht van zijn Geest in de harten der mensen. Hij wekt in hen niet alleen het verlangen naar de toekomstige wereld, maar door dit verlangen bezielt, zuivert en versterkt Hij ook het edelmoedig streven, waardoor de mensheid haar leven menselijker tracht te maken en heel de aarde te richten op dit doel. Maar de gaven van de Geest zijn verschillend. Sommigen roept Hij om een duidelijk getuigenis af te leggen van het verlangen naar de hemelse woning en om dit verlangen in de mensenfamilie levendig te houden; anderen roept Hij om zich aan de aardse dienst van de mensen te wijden en om door dit dienstbetoon de bouwstenen voor het hemels koninkrijk te leveren. Maar van allen maakt Hij vrije mensen, die, door het verzaken aan de eigenliefde en door alle aardse krachten te benutten voor het menselijk leven, zich moedig op weg begeven naar de toekomst, wanneer de mensheid zelf een welgevallige offerande zal worden voor God. Vgl. Rom. 15, 16

Als een onderpand van deze hoop en als voedsel voor de reis heeft de Heer aan de zijnen het sacrament van het geloof nagelaten, waarin elementen van de natuur, door de mens gecultiveerd, worden veranderd in het glorievol Lichaam en Bloed; dit is de maaltijd van de broederlijke gemeenschap en een voorsmaak van het hemels gastmaal.

De hulp, die de Kerk wil bieden aan de menselijke samenleving

De innerlijke verbondenheid van de mensenfamilie vindt haar grote kracht en haar voltooiing in de eenheid van het gezin van de kinderen Gods, die haar grondslag heeft in Christus. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 9

Zeker, de eigen zending, die Christus aan zijn Kerk heeft gegeven, is niet van politieke, economische of sociale aard; want het doel, dat Hij haar gesteld heeft, is van religieuze aard. Vgl. Paus Pius XII, Toespraak, Tot historici en archeologen (9 mrt 1956), 5-6. "Jezus Christus, Haar goddelijke Stichter, heeft haar geen culturele opdracht en geen cultureel doel gegeven. Het doel, dat Christus Haar aanwijst, is strikt godsdienstig... De Kerk moet de mensen tot God brengen opdat zij zich zonder voorbehoud aan Hem overgeven... Dit zuiver godsdienstig bovennatuurlijk doel mag de Kerk nooit uit het oog verliezen. De zin van heel haar actie, tot de laatste canon van haar Wetboek toe, kan geen andere zijn dan direct of indirect dit doel te bevorderen." Maar juist deze godsdienstige zending schenkt haar een taak, een licht en allerlei krachten, die hun diensten kunnen bewijzen bij de opbouw en de consolidatie van de mensengemeenschap volgens de goddelijke wet. Insgelijks mag en moet ook de Kerk zelf, waar zulks nodig is en naar gelang de omstandigheden van tijd en plaats, initiatieven in het leven roepen ten dienste van allen en heel bijzonder van de armen, zoals werken van caritas en dergelijke.

De Kerk erkent verder al het goede, dat er gelegen is in de moderne sociale dynamiek, met name de ontwikkeling naar een eenheid, het proces van een gezonde socialisatie en de groei van een burgerlijke en economische solidariteit. Want het bevorderen van de eenheid hangt samen met de fundamentele zending van de Klerk, omdat zij "in Christus als het ware het sacrament of het teken en instrument is van de innerlijke vereniging met God en van de eenheid van heel het mensdom”. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 1 Zo toont zij aan de wereld, dat de waarachtige uiterlijke sociale eenheid haar bron heeft in de eenheid van de geesten en de harten, d.w.z. in dat geloof en die liefde, waarop haar eenheid onwrikbaar is gegrondvest in de Heilige Geest. De kracht immers, die de Kerk aan de moderne menselijke samenleving vermag te schenken, is gelegen in de beleving van dat geloof en die liefde en niet in een uiterlijke overheersing door louter menselijke middelen.

Omdat bovendien de Kerk, krachtens haar zending en haar aard, aan geen enkele bijzondere vorm van menselijke cultuur en aan geen enkel politiek, economisch of sociaal systeem is gebonden, kan zij krachtens haar universaliteit een zeer nauwe band vormen tussen de verschillende menselijke gemeenschappen en tussen de verschillende volken, mits deze haar vertrouwen schenken, en haar waarachtige vrijheid om haar zending te vervullen metterdaad erkennen. Dit is de reden, waarom de Kerk haar kinderen, maar ook alle mensen aanspoort om in deze familiegeest van kinderen Gods alle tweedracht tussen volken of rassen te overwinnen en om aan de rechtmatige menselijke groeperingen innerlijke vastheid te geven.

Al wat er dus aan waars, goeds en rechtvaardigs gevonden wordt in de meest verscheiden instellingen, die de mensheid voor zich heeft gesticht en zonder ophouden blijft stichten, geniet en groot respect van de kant van het Concilie. Het Concilie verklaart verder, dat de Kerk al dergelijke instellingen gaarne wil steunen en bevorderen, voor zover zulks binnen haar bereik ligt en met haar zending verenigbaar is. er is niets, wat de Kerk zo vurig verlangt als het welzijn van alle mensen te dienen en zich vrij te kunnen ontplooien onder elk regiem zonder uitzondering, dat de fundamentele rechten van de persoon en van het gezin en de eisen van het algemeen welzijn eerbiedigt.

Document

Naam: GAUDIUM ET SPES
Over de Kerk in de wereld van deze tijd
Soort: 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Datum: 7 december 1965
Copyrights: © 1968, Ecclesia Docens 0724, uitg. Gooi & Sticht, Hilversum
Bewerkt: 21 februari 2017

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2017, Stg. InterKerk, Schiedam