• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Hoewel de heilige liturgie op de eerste plaats een eredienst is aan de majesteit Gods, bevat ze toch ook een belangrijk stuk onderricht voor het gelovige volk. Vgl. Concilie van Trente, 22e Zitting - Over het allerheiligst Misoffer, Sessio XXII - Doctrina de sanctissimo Missae sacrificio (17 sept 1562), 12 Want in de liturgie spreek God tot Zijn volk; Christus verkondigt er nog steeds Zijn evangelie. Het volk op zijn beurt antwoordt God met gezangen en gebed.

Meer nog, de gebeden, tot God gericht door de Priester, die de vergadering in de persoon van Christus voorzit, worden gezegd in naam van heel het heilig volk en van alle aanwezigen. En ook de zichtbare tekens, waarvan de heilige liturgie zich bedient om de onzichtbare goddelijke werkelijkheid aan te duiden, zijn door Christus of de Kerk uitgekozen. Daarom wordt niet alleen bij de lezing hetgeen "werd opgetekend tot onze lering" (Rom. 15, 4), maar ook wanneer de Kerk bidt, zingt of handelt, het geloof van de deelnemers gevoed en hun geest opgeheven tot God om Hem een geestelijke eredienst te brengen en Zijn genaden overvloediger te ontvangen.

Daarom moet men de het doorvoeren van de vernieuwing de volgende algemene normen in acht nemen.

Om duidelijk te laten uitkomen, dat er in de liturgie een nauw verband bestaat tussen de rite en het woord:

  1. moet in de heilige vieringen een ruimere meer gevarieerde en beter aangepaste lezingen van de Heilige Schrift worden ingevoerd.
  2. in de rubrieken moet de meest geschikte plaats worden aangeven voor de preek, als zijnde een onderdeel van de liturgische handeling, voor zover de riten deze toelaat, en de bediening van de prediking moet zo getrouw mogelijk en op passende wijze worden uitgeoefend. De stof voor de preek moet vooral worden ontleend aan de Heilige Schrift en de liturgie, zodat ze een verkondiging is van Gods wonderbare daden in de heilgeschiedenis en in het Christusmysterie dat altijd onder ons tegenwoordig en werkzaam is, vooral in de liturgische vieringen.
  3. ook op alle manieren aangedrongen worden op een catechese, die een meer rechtstreeks liturgisch karakter; die een meer rechtstreeks liturgisch karakter draagt; en de riten zelf moeten aanwijzingen bevatten voor korte verklaringen, waar deze nodig zijn, te geven door de priester of de bevoegde bedienaar, maar slechts op de momenten, die zich daarvoor het beste lenen, en met de voorgeschreven formules of soortgelijke.
  4. ook moet men de heilige viering bevorderen van het woord Gods op de vooravond van de grotere feesten, op sommige weekdagen van de Advent en van de Vastentijd, op zondagen en feestdagen, vooral op plaatsen, waar geen priester is; in dit geval moet een diaken of een ander, die daartoe door de bisschop gemachtigd is, de viering leiden.

Daarom geeft de Kerk zich alle zorg en moeite, dat de christengelovigen dit geheim van het geloof niet als buitenstaanders of als zwijgende toeschouwers bijwonen, maar dat zij het door de riten en gebeden goed leren begrijpen en daardoor bewust, godvruchtig en actief deelnemen aan de heilige handeling, dat zij door Gods woord onderwezen worden, zich voeden aan de tafel van 's Heren Lichaam en God dank brengen, dat zij het onbevlekt Offer opdragen niet alleen door de handen van de priester, maar ook tezamen met hem, en zo zich zelf leren offeren, dat zij eindelijk steeds meer door Christus de Middelaar Vgl. H. Cyrillus van Alexandrië, Commentaar op het Evangelie volgens Johannes, Commentarium in Joannis Evangelium. lib. XI, cap. XI-XII: PG 74, 557-564, vooral 564-565 uitgroeien tot een volmaakte eenheid met God en met elkaar, opdat tenslotte God alles in allen moge zijn.

De homilie, die aan de hand van de gewijde tekst in de loop van het liturgische jaar de mysteries van het geloof en de normen van het christelijk leven uiteenzet, wordt, als zijnde een deel van de liturgie, ten zeerste aanbevolen; ze mag zelfs in de Missen, die op zondagen en feestdagen in aanwezigheid van het volk worden gevierd, niet uitvallen, tenzij om een ernstige reden.

Document

Naam: SACROSANCTUM CONCILIUM
Over de heilige liturgie
Soort: 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Datum: 4 december 1963
Copyrights: © 1964, Ecclesia Docens 0707, Gooi & Sticht, Hilversum
Bewerkt: 28 mei 2019

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam