• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Het is de vurige wens van onze moeder de Kerk, dat alle gelovigen worden gevormd tot die volledige, bewuste en actieve deelname aan de liturgische vieringen, die door de aard van de liturgie zelf wordt vereist en waartoe het christenvolk, "een uitverkoren geslacht, een koninklijke priesterschap, een heilige natie, Gods eigen volk", (1 Pt. 2, 9) Vgl. 1 Pt. 2, 4-5 krachtens het doopsel het recht en de plicht bezit.

Aan deze volledige en actieve deelname van heel het volk moet bij de vernieuwing en de bevordering van de heilige liturgie de grootste zorg worden besteed. Ze is immers de eerste en noodzakelijke bron, waaruit de gelovigen de echte christelijke geest moeten putten. Daarom moet ze door de zielenherders bij heel hun pastorale activiteit ijverig worden nagestreefd door middel van een aangepaste vorming.

Maar omdat er geen enkele kans bestaat op de verwezenlijking hiervan, als niet eerst de zielenherders zelf diep doordrongen zijn van de geest en de kracht van de liturgie en hier als leraars kunnen optreden, is het absoluut noodzakelijk, dat er op de eerste plaats gezorgd wordt voor de liturgische vorming van de geestelijkheid. Daarom heeft het heilig Concilie besloten het volgende te bepalen.

De docenten, die in de seminaries, de studiehuizen van de religieuzen en aan de theologische faculteiten worden belast met het onderricht in de wetenschap der heilige liturgie, moeten voor hun taak degelijk worden opgeleid in speciaal daarvoor bestemde instituten.

De wetenschap van de heilige liturgie moet in de seminaries en in de studiehuizen van de religieuzen tot de noodzakelijke en meer belangrijke vakken gerekend worden, in de theologische faculteiten echter tot de hoofdvakken, en ze moet onderwezen worden zowel vanuit theologisch en historisch als vanuit geestelijk, pastoraal en juridisch oogpunt. Verder moeten de docenten van de andere vakken, vooral van de dogmatische theologie, de heilige Schrift, de theologie van het geestelijk leven en de pastorale theologie, de betekenis van het mysterie van Christus en van de heilsgeschiedenis, overeenkomstig de innerlijke eisen van ieders onderwerp, zó naar voren brengen, dat daardoor het verband van deze vakken met de liturgie en de eenheid van de priesterlijke vorming duidelijk uitkomen.

De clerici in de seminaries en kloosters moeten een liturgische vorming in het geestelijk leven ontvangen, zowel door een passende inleiding, die hen helpt, de heilige riten beter te begrijpen en er met heel hun hart aan deel te nemen, als door de viering zelf van de heilige geheimen en door andere oefeningen van godsvrucht in liturgische geest; eveneens moeten zij de liturgische voorschriften leren onderhouden, zodat zij het leven in de seminaries en in de religieuze instituten diep doordrongen wordt van liturgische geest.

De priesters, seculieren en religieuzen, die reeds werkzaam zijn in de wijngaard van de Heer, moeten met alle geschikte middelen geholpen worden om, hetgeen zij in de heilige bedieningen verrichten, steeds vollediger te begrijpen, een leven te leiden in de geest van de liturgie en deze geest aan de hun toevertrouwde gelovigen mee te delen.

De zielzorgers moeten de liturgische vorming en de actieve deelname van de gelovigen, inwendig en uitwendig, volgens ieders leeftijd, stand, levenswijze en mate van religieuze ontwikkeling, met ijver en geduld bevorderen om zo een van hun voornaamste plichten als trouwe beheerders van Gods geheimen te vervullen; en zij moeten hun kudde in dit opzicht leiden niet alleen door hun woord, maar ook door hun voorbeeld.

Radio- en televisie-uitzendingen van godsdienstige plechtigheden vooral van de heilige Mis, moeten discreet en waardig geschieden, onder leiding en verantwoordelijkheid van een deskundige, door de bisschoppen voor deze taak aangewezen.

Om de actieve deelname te verhogen dient men de acclamaties van het volk, de antwoorden, het psalmgezang, de antifonen, de liederen en ook de handelingen en gebaren en de juiste lichaamshouding van het volk te bevorderen. Ook moet op zijn tijd een heilig stilzwijgen worden onderhouden.

Daarom geeft de Kerk zich alle zorg en moeite, dat de christengelovigen dit geheim van het geloof niet als buitenstaanders of als zwijgende toeschouwers bijwonen, maar dat zij het door de riten en gebeden goed leren begrijpen en daardoor bewust, godvruchtig en actief deelnemen aan de heilige handeling, dat zij door Gods woord onderwezen worden, zich voeden aan de tafel van 's Heren Lichaam en God dank brengen, dat zij het onbevlekt Offer opdragen niet alleen door de handen van de priester, maar ook tezamen met hem, en zo zich zelf leren offeren, dat zij eindelijk steeds meer door Christus de Middelaar Vgl. H. Cyrillus van Alexandrië, Commentaar op het Evangelie volgens Johannes, Commentarium in Joannis Evangelium. lib. XI, cap. XI-XII: PG 74, 557-564, vooral 564-565 uitgroeien tot een volmaakte eenheid met God en met elkaar, opdat tenslotte God alles in allen moge zijn.

Document

Naam: SACROSANCTUM CONCILIUM
Over de heilige liturgie
Soort: 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Datum: 4 december 1963
Copyrights: © 1964, Ecclesia Docens 0707, Gooi & Sticht, Hilversum
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam