• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

De Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
stelt: "Tot de Heilige Communie mogen niet worden toegelaten geëxcommuniceerden en degenen die door een interdict zijn getroffen, na het opleggen of verklaren van hun straf, alsook anderen die halsstarrig volharden in een zware zonde die bekend is". Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
De laatste jaren hebben enkele auteurs, steunend op verschillende redeneringen, beweerd dat deze canon niet de gescheiden hertrouwden betrof. Men weet dat de Pauselijke Exhortatie H. Paus Johannes Paulus II - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Familiaris Consortio
Over de taken van het christelijk gezin in de wereld van deze tijd
(22 november 1981)
van 1981 dit interdict in termen zonder dubbelzinnigheid in herinnering heeft gebracht in het H. Paus Johannes Paulus II - Postsynodale Apostolische Exhortatie
Familiaris Consortio
Over de taken van het christelijk gezin in de wereld van deze tijd
(22 november 1981)
en dat het verschillende malen opnieuw is bevestigd op een uitdrukkelijke wijze, speciaal in 1992 door de Catechismus-Compendium
Catechismus van de Katholieke Kerk
(15 augustus 1997)
Catechismus-Compendium
Catechismus van de Katholieke Kerk
(15 augustus 1997)
, en in 1994 door de brief Congregatie voor de Geloofsleer
Annus Internationalis Familiae
Brief aan de bisschoppen van de R.-K. Kerk over het ontvangen van de Communie door hertrouwd gescheiden gelovigen
(14 september 1994)
(Jaar van het gezin) van de Congregatie voor de Geloofsleer. Niettemin geven die auteurs verschillende interpretaties aan deze canon die hierin overeenstemmen dat ze de situatie van de hertrouwde gescheidenen ervan uitsluiten. Bijvoorbeeld omdat de tekst spreekt van "zware zonde", zou men al de voorwaarden samen moeten brengen, ook de subjectieve, die noodzakelijk zijn om te kunnen spreken van doodzonde, wat maakt dat de bedienaar van de Communie geen zo'n oordeel van buiten kan hebben; te meer, omdat men spreekt van "halsstarrig" volharden in deze zonde, zou men zich moeten bevinden tegenover een houding van uitdaging van de kant van de gelovige, na een legitieme vermaning van de pastor. Tegenover dit opgeëiste contrast tussen de discipline van de Wetboek
Codex Iuris Canonici
Codex van het Canonieke recht
(25 januari 1983)
en de standvastige onderrichtingen van de Kerk in deze materie, verklaart deze Pauselijke Raad, in akkoord met de Congregatie voor de Geloofsleer en met de Congregatie voor de Goddelijke Eredienst en de Discipline van de Sacramenten, het volgende:

Document

Naam: BETREFFENDE HET TOELATEN TOT DE COMMUNIE VAN GELOVIGEN DIE GESCHEIDEN ZIJN EN HERTROUWD
Soort: Pauselijke Raad voor Wetsteksten
Auteur: Msgr. Iulianus Herranz
Datum: 24 juni 2000
Copyrights: © 2002, Positief, uitg Thomas More Genootschap, Vlaanderen nr. 321, p. 128-131
Bewerkt: 13 november 2018

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam