• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

ER IS GEEN PLAATS IN DE KERK VOOR HEN DIE MISBRUIK PLEGEN
Tijdens de H. Mis in de kapel van het Domus Sanctae Marthae waarbij o.a. 6 slachtoffers van seksueel misbruik aanwezig waren

Het beeld van Petrus die na de hardvochtige ondervraging de blik van Jezus kruist en begint te wenen, doordringt vandaag mijn hart wanneer mijn blik de uwe kruist, de blik van zo veel mannen en vrouwen, jongens en meisjes; ik voel de blik van Jezus en vraag de genade van Zijn gebed. De genade dat de Kerk zou wenen en het verraad in de zending zou herstellen, dat haar zonen en dochters hebben gepleegd door onschuldige personen te misbruiken. Ik ben u dankbaar dat u vandaag naar hier gekomen bent.

Reeds lang draag ik die diepe pijn in mij, het lijden dat zo lang verborgen werd met een medeplichtigheid waarvoor geen verklaring te vinden is, tot iemand aanvoelde dat Jezus keek, en nog iemand, en nog iemand … en zij de moed vonden deze blik te doorstaan. En die enkelen die zijn begonnen te wenen, hebben ons van deze misdaad, van deze zware zonde bewust gemaakt. Het feit dat bepaalde priesters en bisschoppen de onschuld van kinderen en hun roeping als priester geschonden hebben door seksueel misbruik van kinderen, is voor mij een bron van angst en pijn. Het gaat hier om meer dan een schanddaad. Het is als een heiligschennis, want deze kleine jongens en meisjes werden toevertrouwd aan het charisma van de priester om hen naar God te leiden en deze heeft hen geofferd aan de afgod van hun begeerte. Zij profaneren het beeld van God die ons naar Zijn beeld geschapen heeft.

De kindertijd – we weten het allemaal – is als een schat. Het jonge hart, dat zo open staat voor de hoop, schouwt de mysteries van Gods liefde en toont zich op unieke wijze beschikbaar om gevoed te worden in het geloof.

Vandaag ziet het hart van de Kerk in deze kleine jongens en meisjes de ogen van Jezus en het wil wenen. Het vraagt de genade te wenen over deze verwerpelijke daden tegen kinderen gepleegd. Daden die littekens nalaten voor heel het leven. Ik weet dat die kwetsuren een bron zijn van emotioneel en spiritueel verdriet, dikwijls ontroostbaar en ook oorzaak van wanhoop. Velen die deze ervaring hebben gehad, zochten verlichting in verslaving. Anderen kenden ernstige stoornissen in de relatie met hun ouders, echtgenoot of echtgenote, of hun kinderen. Gezinnen lijden zwaar onder de schade door misbruik veroorzaakt, dat vitale relaties treft. Sommigen hebben ook de verschrikkelijke tragedie gekend van de zelfmoord van een dierbare. De dood van deze veelgeliefde kinderen van God weegt op mijn hart en geweten, op dat van heel de Kerk. Aan deze gezinnen bied ik mijn gevoelens van liefde en verdriet.

Jezus, die gemarteld en ondervraagd werd met de passionele haat, wordt naar een andere plaats geleid en kijkt. Hij kijkt naar één van de Zijnen, degene die Hem verloochend heeft en Hij doet hem wenen. Vragen wij deze genade en de genade te kunnen herstellen.

De zonde van seksueel misbruik van minderjarigen door leden van de geestelijkheid heeft een explosief effect op het geloof in en de hoop op God. Sommigen hebben zich vastgeklampt aan het geloof, terwijl anderen door verraad en afstandelijkheid schade hebben toegebracht aan het geloof in God.

Uw aanwezigheid hier spreekt over het wonder van de hoop die het gehaald heeft op de diepste duisternis. Dat wij vandaag de gelegenheid hebben elkaar te ontmoeten, de Heer te aanbidden, elkaar in de ogen te kijken en de genade van verzoening te zoeken is ongetwijfeld een teken van Gods barmhartigheid.

Tegenover God en Zijn volk heb ik veel verdriet om de zonden en zware misdaden van seksueel misbruik dat leden van de geestelijkheid u aangedaan hebben en ik vraag nederig vergiffenis. Ik vraag ook vergiffenis voor de zonde die Kerkleiders begingen door niet op de gepaste manier te reageren op de klachten van slachtoffers van dit misbruik en hun familieleden. Dit heeft nieuw leed veroorzaakt bij degenen die misbruikt waren en bracht andere minderjarigen in gevaar die zich in een bedreigde situatie bevonden.

Trouwens, de moed waarvan u blijk geeft, u en zo veel anderen, door de waarheid naar buiten te brengen, was een dienst aan de liefde omdat het licht wierp op een verschrikkelijke duisternis in het leven van de Kerk. In het ambt van de Kerk is geen plaats voor wie seksueel misbruik pleegt en ik verplicht mij ertoe van niemand, ongeacht diens plaats in de Kerk, te verdragen dat schade toegebracht wordt aan een kind. Alle bisschoppen moeten hun herderlijke taak met de grootste zorg uitoefenen om minderjarigen te beschermen en zij zullen van deze verantwoordelijkheid rekenschap moeten afleggen. De waarschuwing die Jezus richt tot wie ergernis geeft - een molensteen en de zee Vgl. Matt. 18, 6 - geldt voor iedereen.

Wij zullen blijven waken over de voorbereiding op het priesterschap. Ik reken op de leden van de Pauselijke Commissie voor de bescherming van minderjarigen, alle minderjarigen, ongeacht hun godsdienst; het zijn de kleinen die de Heer met liefde aankijkt. Ik doe een oproep tot hen opdat zij mij zouden helpen het best mogelijke beleid te voeren en de beste procedures in de universele Kerk aan te wenden om minderjarigen te beschermen en het personeel van de Kerk op te leiden dat met de toepassing van dit beleid en deze procedures belast is. Wij moeten al het mogelijke doen om te waarborgen dat dergelijke zonden zich in de Kerk niet meer herhalen.

Broeders en zusters, als leden van Gods familie, zijn wij geroepen in de dynamiek van de barmhartigheid binnen te treden. De Heer Jezus, onze Verlosser is het hoogste voorbeeld, de Onschuldige die onze zonden op het kruis heeft gedragen. Ons verzoenen is de essentie van onze gemeenschappelijke identiteit als volgelingen van Christus. Richten wij ons tot Hem, in het bijzijn van onze allerheiligste Moeder aan de voet van het kruis, en vragen wij de genade van verzoening met heel het volk van God. De zoete voorspraak van Onze-Lieve-Vrouw van de tedere Barmhartigheid is een onuitputtelijke bron van hulp op onze weg van genezing.

U en iedereen die misbruik ondergaan heeft door leden van de geestelijkheid: God houdt van u. ik bid opdat al wat nog rest van deze duisternis die u getroffen heeft, zou genezen worden door de omhelzing van het Kind Jezus en opdat een vernieuwd geloof en een vernieuwde vreugde het halen op de schade die u geleden heeft.

Ik dank u voor deze ontmoeting; bid alstublieft voor mij opdat de ogen van mijn hart steeds beter de weg van de barmhartige liefde zouden zien en dat God mij de moed zou geven deze weg voor het welzijn van de kinderen te vervolgen.

Jezus gaat weg van een onrechtvaardig vonnis, een wrede ondervraging, Hij kijkt Petrus in de ogen en Petrus weent. Vragen wij Hem ons aan te kijken, ons te laten aankijken en te kunnen wenen, en moge Hij ons de genade van schaamte geven, opdat wij Hem zoals Petrus, veertig dagen later zouden kunnen antwoorden: “Gij weet dat wij van U houden” en opdat wij Zijn stem zouden horen: “ga terug de weg op en wijd Mijn schapen” – en ik zeg erbij – “en laat niet toe dat nog één enkele wolf de schaapstal binnenkomt”.

Document

Naam: ER IS GEEN PLAATS IN DE KERK VOOR HEN DIE MISBRUIK PLEGEN
Tijdens de H. Mis in de kapel van het Domus Sanctae Marthae waarbij o.a. 6 slachtoffers van seksueel misbruik aanwezig waren
Soort: Paus Franciscus - Homilie
Auteur: Paus Franciscus
Datum: 7 juli 2014
Copyrights: © 2014, Libreria Editrice Vaticana / Stg. InterKerk
Vert.: Maranatha-gemeenschap (oorspronkelijk in het Spaans gehouden)
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam