• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

KERSTBOODSCHAP 2000 VOORAFGAAND AAN DE ZEGEN "URBI ET ORBI"

"De eerste mens, Adam,
werd een levend wezen.
De laatste Adam
werd een levendmakende Geest."
(1Kor. 15,45)

Dit zijn de woorden van de apostel Paulus,
die het mysterie van de mensheid, verlost door Christus, samenvatten.
Een mysterie verborgen in Gods eeuwige plan;
een mysterie die, op zekere wijze, geschiedenis werd
met de menswording van het Eeuwige Woord van de Vader;
een mysterie dat de Kerk met diepe gevoelens herleeft
met Kerstmis in het jaar 2000,
het grote Jubeljaar.
Adam, de "eerste mens",
Christus, een "levendmakende Geest":
de woorden van de apostel helpen ons verder te kijken,
in het Kind, geboren in Betlehem, het eens geslachte Lam
te herkennen die de geschiedenis onthult zie Openbaring 5, 7-9.
Door zijn geboorte werden tijd en eeuwigheid één:
God in de mens en de mens in God.

"De eerste mens, Adam,
werd een levend wezen."

De onsterfelijke geest van Michelangelo
portretteerde op het plafond van de Sixtijnse kapel
het moment waarop de Vader
de gave van het leven aan de eerste mens deelde
en hem tot "een levend wezen" maakte.
Tussen Gods vinger en de vinger van de mens,
naar elkaar toe reikend en elkaar bijna rakend,
lijkt een onzichtbare vonk over te slaan:
God geeft aan de mens de adem van zijn eigen leven,
hem scheppend naar Zijn beeld en gelijkenis.
Die goddelijke ademtocht is het origineel
van de unieke waardigheid van elk menselijk wezen,
van het grenzeloze verlangen van de mens naar het oneindige.
Naar dat ogenblik van ondoordringbare mysterie,
het begin van het menselijke leven op aarde,
keren onze gedachten zich vandaag
als we de Zoon van God beschouwen
die de Zoon werd van de mensen,
het eeuwige gezicht van God,
weerspiegeld in het gezicht van een Kind.

"De eerste mens, Adam,
werd een levend wezen."

Door de goddelijke vonk in de mens,
is hij begiftigd met intelligentie en vrijheid
en derhalve in staat verantwoord te beslissen
over zichzelf en zijn bestemming.
Het grote fresco in de Sixtijnse kapel vervolgt
met de scène van de eerste zonde:
de slang, gewikkeld om de boom,
verleidt onze eerste ouders om van het verboden fruit te eten.
De geesteskunst en de intensiteit van de bijbelse symbolen
zijn perfect verenigd om zo dat tragische moment
uit te lokken, het begin van de mensheid
van een geschiedenis vol rebellie, zonde en verdriet.
Maar zou God het werk van zijn handen kunnen vergeten?
het meesterwerk van de schepping?
We kennen het gelovige antwoord:
"Maar toen de volheid van de tijd gekomen was,
heeft God zijn Zoon gezonden, geboren uit een vrouw,
geboren onder de wet,
opdat Hij hen die onder de wet stonden zou bevrijden,
opdat wij de rang van zonen zouden verkrijgen
." (Gal. 4, 4-5).
Deze woorden van de apostel Paulus
weerklinken met bijzondere welsprekendheid
wanneer we de wonderlijke gebeurtenis van Kerstmis beschouwen,
in het Grote Jubeljaar.
In het Nieuwgeboren Kind, liggende in een kribbe,
begroeten wij de "nieuwe Adam"
die voor ons een "levendmakende geest" werd.
De gehele geschiedenis van de wereld richt zich op Hem,
geboren in Betlehem, om de hoop terug te geven
aan elke man en vrouw op aarde.

Van de kribbe omvat onze blik de gehele mensheid,
opgeroepen om de genade van de "tweede Adam" te ontvangen,
maar die nog steeds erfgenaam is van de zonde van de "eerste Adam".
Is het niet deze eerste "neen'" aan God,
herhaald in elke zonde van de mens,
die voortgaat het menselijke gezicht te ontsieren?
Kinderen onderworpen aan geweld, vernederd en verlaten,
vrouwen verkracht en geëxploiteerd,
jongeren, volwassenen en ouderen aan de rand van de samenleving,
eindeloze stromen van verbanningen en vluchtelingen,
geweld en conflicten op zoveel plekken in de wereld.
Ik denk met grote bezorgdheid aan het Heilig Land
waar geweld bezoedeld met bloed voortgaat
op het moeilijke pad naar vrede.
En wat kunnen we zeggen over landen
-ik denk in het bijzonder aan Indonesië-
waar onze broeders en zusters in het geloof, zelfs op Kerstavond,
een tragische periode van beproeving en lijden ondergaan.
We kunnen vandaag alleen maar opnieuw zeggen
dat schaduwen van de dood het leven van de mens
bedreigt in elke periode van zijn leven,
en in het bijzonder bedreigend zijn
aan zijn allereerste begin en zijn natuurlijke einde.
De verleiding wordt zelfs steeds sterker
om bezit te nemen van de dood door zijn komst vóór te zijn,
alsof wij meesters zijn van ons eigen leven of die van anderen.
We worden geconfronteerd met de alarmerende tekenen
van de "cultuur van de dood",
die een serieuze bedreiging vormt voor de toekomst.
Toch, hoe onbevattelijk de duisternis ook mag lijken,
onze hoop voor de triomf van het Licht die
in deze Heilige Nacht in Betlehem verscheen, is toch sterker.
In de stilte wordt zoveel goed gedaan,
door mannen en vrouwen die dagelijks vanuit hun geloof leven,
hun werk, hun toewijding
aan hun gezin en het welzijn van de maatschappij.
Bemoedigend ook zijn alle pogingen van hen die,
inclusief de mensen in overheidsdienst, streven om
respect te verkrijgen voor de rechten van elke mens,
en de groei van solidariteit tussen mensen van verschillende culturen,
zodat de schuld van de armste landen zal worden goed gemaakt
en rechtschapen vredesovereenkomsten worden bereikt
tussen landen verwikkeld in tragische conflicten.
Aan de mensen in alle delen van de wereld
die zich moedig toeleggen op de waarden van democratie,
vrijheid, respect en wederzijdse acceptatie,
en aan alle personen van goede wil, ongeacht hun cultuur,
is vandaag de vreugdevolle boodschap van Kerstmis gericht:
"Vrede op aarde onder de mensen in wie Hij welbehagen heeft" (Lc. 2,14).
Aan de mensheid die het nieuwe millennium nadert,
vraagt U, Heer Jezus, voor ons geboren in Betlehem,
respect voor elke persoon,
in het bijzonder voor de kleine en zwakke;
U vraagt om een einde aan alle vormen van geweld!
Aan oorlogen, verdrukking, en alle aanvallen op het leven!
O Christus, naar wie we vandaag kijken
in de armen van Maria,
U bent de reden van onze hoop!
Sint Paulus vertelt ons:
"het oude is voorbij,
het nieuwe is al gekomen"
(2 Kor. 5,17).
Door U, alleen door U, wordt de mensheid
de kans geboden "een nieuw schepsel" te worden.
Dank u, Kind Jezus, voor Uw gave!

Na de mededeling van de kardinaal-diaken over de te ontvangen aflaat volgt de zegen Urbi et Orbi door de Paus.

Document

Naam: KERSTBOODSCHAP 2000 VOORAFGAAND AAN DE ZEGEN "URBI ET ORBI"
Soort: H. Paus Johannes Paulus II - Urbi et Orbi
Auteur: H. Paus Johannes Paulus II
Datum: 25 december 2000
Copyrights: © 2000, Stg. InterKerk, Poeldijk
Bewerkt: 29 augustus 2016

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2018, Stg. InterKerk, Schiedam