• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
Uit de antwoorden komt de gemeenschappelijke overweging naar voren dat op het gebied van wat men als moeilijke huwelijkssituaties kan definiëren, verhalen van groot lijden verborgen zijn, evenals getuigenissen van grote liefde. “De Kerk is geroepen altijd het open huis van de Vader te zijn. (...) het vaderhuis waar plaats is voor ieder met zijn zwaar leven”. Paus Franciscus, Postsynodale Apostolische Exhortatie, Over de verkondiging van het Evangelie in de wereld van vandaag - Naar aanleiding van de Bisschoppensynode 2012 over de nieuwe evangelisatie, Evangelii Gaudium (24 nov 2013), 47 De ware pastorale urgentie is deze mensen het mogelijk te maken hun wonden te verzorgen, te genezen en weer samen met heel de kerkelijke gemeenschap op weg te gaan. De barmhartigheid van God voorziet niet in een tijdelijke bedekken van ons leed, maar stelt wel het leven radicaal open voor verzoening door het nieuw vertrouwen en rust te schenken door middel van een ware vernieuwing. De gezinspastoraal heeft, verre van zich op te sluiten in een legalistische visie, de zending aan de grote roeping tot liefde te herinneren, waartoe de persoon is geroepen, en deze te helpen te leven overeenkomstig zijn waardigheid.

In de uit alle streken binnengekomen antwoorden constateert men een toenemend aantal echtparen die samenleven ad experimentum, zonder een canoniek of burgerlijk huwelijk en zonder enige registratie. Vooral in Europa en Amerika wordt de term als onjuist beschouwd, omdat het vaak niet een “experiment” of een proefperiode betreft, maar een vaste vorm van leven. Vaak komt het huwelijk tot stand na de geboorte van het eerste kind, zodat huwelijk en doopsel tegelijk worden gevierd. De statistieken neigen ertoe een grote invloed van deze realiteit te laten zien: er wordt een zeker verschil onderstreept tussen plattelandsgebieden (minder samenwonenden) en stedelijke gebieden (bijvoorbeeld in Europa, Azië en Latijns-Amerika). Samenleven is meer gebruikelijk in Europa en Noord-Amerika, groeit in Latijns-Amerika, komt bijna niet voor in de Arabische landen en minder in Azië. In enkele streken van Latijns-Amerika is samenleven veeleer een plattelandsgewoonte, geïntegreerd in de inheemse cultuur (servinacuy: proefhuwelijk). In Afrika wordt het huwelijk in fases gesloten in verband met het aantonen van de vruchtbaarheid van de vrouw, dat ook een soort band tussen de beide families in kwestie inhoudt. In de Europese context zijn de situaties van samenleven zeer verschillend; enerzijds ondervindt men de gevolgen van de invloed van de marxistische ideologie; elders neemt het de vorm aan van een gerechtvaardigde morele optie.

Onder de maatschappelijke redenen die leiden tot samenwonen, worden vermeld: een inadequate gezinspolitiek om het gezin te ondersteunen; financiële problemen; jeugdwerkeloosheid; woninggebrek. Uit deze en andere factoren volgt de neiging om het huwelijk uit te stellen. In deze zin speelt ook de angst een rol betreffende de verplichting die de acceptatie van kinderen met zich meebrengt (in het bijzonder in Europa en Latijns-Amerika). Velen denken dat in het samenleven een eventueel slagen van het huwelijk voor het vieren van de bruiloft “getest” kan worden. Anderen wijzen als een motief ten gunste van het samenleven op de geringe vorming aangaande het huwelijk. Voor veel anderen vertegenwoordigt het samenleven weer de mogelijkheid samen te leven zonder enige definitieve of verplichtende beslissing op institutioneel niveau. Onder de voorgestelde lijnen van pastoraal handelen vinden wij de volgende: vanaf de jeugd een traject aanbieden dat de schoonheid van het huwelijk waardeert; pastorale werkers vormen inzake de thema’s huwelijk en gezin. Men signaleert ook het getuigenis van groepen jongeren die zich op het huwelijk voorbereiden met een in kuisheid beleefde verloving.

Het samenleven ad experimentum beantwoordt zeer vaak aan vrije feitelijke verbintenissen, zonder burgerlijke of religieuze erkenning. Men moet er rekening mee houden dat de burgerlijke erkenning van die vormen in enkele landen niet gelijkstaat met het huwelijk, daar er een specifieke wetgeving bestaat voor feitelijke verbintenissen. Desondanks groeit het aantal koppels die om geen enkele vorm van registratie vragen. In de westelijke landen - zo merkt men op - ziet de maatschappij deze situatie intussen niet meer als problematisch. In andere (bijvoorbeeld in de Arabische landen) blijft integendeel een huwelijk zonder burgerlijke en religieuze erkenning zeer zeldzaam. Onder de motieven voor een dergelijke situatie wijst men hoofdzakelijk in de westerse landen op het ontbreken van hulp door de staat, waarvoor het gezin niet meer een bijzondere waarde heeft; de opvatting over liefde als een privéaangelegenheid zonder publieke rol; het ontbreken van gezinspolitiek, waardoor men huwen ziet al een economisch verlies. Een bijzonder probleem vormen de immigranten, vooral wanneer zij illegaal zijn, omdat zij vrezen als zodanig te worden geïdentificeerd op het ogenblik dat zij publieke erkenning van hun huwelijk zouden willen.

In verband met de levenswijze in het Westen, die echter ook verspreid is in andere landen, verschijnt het idee van vrijheid dat de huwelijksband ziet als een verlies van de vrijheid van de persoon; hier is de geringe vorming van de jongeren van invloed die denken dat een liefde voor het hele leven niet mogelijk is; bovendien promoten de media op grote schaal die levensstijl onder de jongeren. Dikwijls zijn samenleven en vrije verbintenissen een symptoom van het feit dat jongeren ernaar streven hun jeugd te verlengen en denken dat het huwelijk te verplichtend is, zij hebben angst voor een avontuur dat te groot voor hen is. Vgl. Paus Franciscus, Toespraak, Ontmoeting met ca. 25.000 verloofden - Sint Pietersplein, Drie vragen over het huwelijk (14 feb 2014)
Bij de mogelijke lijnen van pastoraal handelen in dezen houdt men het voor essentieel de jongeren te helpen om uit een romantische visie op de liefde te komen, die alleen maar wordt opgevat als een intens gevoel voor een ander en niet als een persoonlijk antwoord aan iemand anders, binnen een gemeenschappelijk levensplan, waarin zich een groot mysterie en een grote belofte openbaart. De pastorale trajecten moeten de opvoeding tot affectiviteit op zich nemen, in met een proces dat ver teruggaat en reeds in de jeugd begint, evenals ook de steun aan de jongeren in de fases van de verloving door het gemeenschappelijk en liturgisch belang ervan te tonen. Men moet hun leren zich te openen voor het mysterie van de Schepper, dat zichtbaar wordt in hun liefde, opdat zij de reikwijdte van hun consensus begrijpen; het is noodzakelijk de band tussen gezin en maatschappij te herstellen om uit een geïsoleerde visie op de liefde te komen; ten slotte moet op de jongeren de zekerheid overgedragen worden dat zij niet alleen zijn bij het stichten van een eigen gezin, omdat de Kerk hun terzijde staat als “een gezin van gezinnen”. Wat dit betreft, is de dimensie van de “begeleiding” van beslissende betekenis, waardoor de Kerk zich laat zien als een liefhebbende tegenwoordigheid die in het bijzonder de zorg op zich neemt voor de verloofden door hen te bemoedigen onder elkaar en met anderen tochtgenoten te worden.
Uit de antwoorden blijkt dat de werkelijkheid van hen die uit elkaar gegaan zijn, van hen die gescheiden zijn, en van hen die gescheiden en hertrouwd zijn, in Europa en in heel Amerika relevant is; veel minder in Afrika en Azië. Door het feit dat het verschijnsel van een groei in deze situaties, zijn veel ouders bezorgd om de toekomst van hun kinderen. Bovendien wordt erop gewezen dat het toenemend aantal samenwonenden het probleem van scheidingen minder relevant maakt: de mensen scheiden langzamerhand minder, omdat zij in werkelijkheid steeds minder geneigd zijn te huwen. In bepaalde contexten is de situatie verschillend: er is geen scheiding, omdat er geen burgerlijk huwelijk is (in de Arabische landen en in enkele landen in Azië).
Een andere kwestie die aan de orde wordt gesteld, is die betreffende de kinderen van hen die uit elkaar zijn gegaan en van hen die zijn gescheiden. Men merkt op dat er van de kant van de maatschappij aandacht voor hen ontbreekt. Op hen komt de last neer van huwelijksconflicten waarvoor de Kerk geroepen is zorg te dragen. Ook de ouders van hen die gescheiden zijn, lijden onder de gevolgen van de breuk van het huwelijk en moeten vaak het ongemak van de situatie van deze kinderen en moeten door de Kerk worden ondersteund. Omtrent hen die gescheiden zijn, en hen die uit elkaar gegaan zijn en de huwelijksband trouw blijven, vraagt men ook nog aandacht voor hun situatie die vaak wordt beleefd in eenzaamheid en armoede. Het blijkt dat deze eveneens “onze nieuwe armen” zijn.
In het bijzonder dient er aandacht te worden geschonken aan de moeders die geen echtgenoot hebben en die alleen voor de kinderen zorgen. Hun toestand is vaak het gevolg van zeer zware lijdensweg, niet zelden een van in de steek gelaten worden. Men dient vóór alles de liefde en de moed te bewonderen waarmee zij het in hun schoot ontvangen leven hebben opgenomen en waarmee zij voorzien in de groei en de opvoeding van hun kinderen. Zij verdienen van de kant van de burgermaatschappij een bijzondere ondersteuning, die rekening houdt met de zoveel offers die zij onder ogen zien. Door de christelijke gemeenschap dient vervolgens een zorg geleverd te worden die hun een idee van de Kerk geeft als van een waar gezin van de kinderen van God.
Over het algemeen concentreren in verschillende streken de antwoorden zich vooral op mensen die gescheiden en hertrouwd zijn, of in elke geval een nieuwe verbintenis hebben. Onder hen die in een canoniek ongeordende situatie leven, ontmoet men verschillende houdingen, die gaan van een gebrek aan bewustzijn van de eigen situatie tot onverschilligheid, ofwel een bewust lijden. De houding van hen die gescheiden zijn en een nieuwe verbintenis hebben, zijn min of meer gelijk in de verschillende regionale contexten, dit geldt in het bijzonder in Europa en Amerika, en minder in Azië. Wat dit betreft, schrijven enkele antwoorden deze situatie toe aan een gebrekkige vorming of een geringe religieuze praktijk. In Noord-Amerika denken de mensen vaak dat de Kerk geen betrouwbare morele gids is, vooral voor kwesties betreffende het gezin, dat wordt beschouwd als een privéaangelegenheid, waarover men autonoom kan beslissen.

Document

Naam: INSTRUMENTUM LABORIS T.B.V. DE 3E BIJZONDERE BISSCHOPPENSYNODE
De pastorale uitdagingen betreffende het gezin in het kader van de evangelisatie
Soort: Bisschoppensynodes
Datum: 24 juni 2014
Copyrights: © 2014, Libreria Editrice Vaticana
Werkvertaling (vanuit het Italiaans): drs. H.M.G. Kretzers
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam