• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

ALLERHEILIGEN EN ALLERZIELEN: DAGEN VAN HOOP

In dit uur, voor zonsondergang, op het kerkhof, zijn wij samen in gebed en denken wij aan onze toekomst, wij denken aan allen die van ons zijn heen gegaan, die ons in het leven zijn voorgegaan en in de Heer zijn.

Deze kijk op de Hemel, die wij in de eerste lezing hoorden, is zo mooi: God de Heer, de schoonheid, goedheid, waarheid, tederheid, volle liefde. Dat alles wacht ons. Zij die ons zijn voorgegaan en in de Heer gestorven zijn, zijn daar. Zij verkondigen dat zij gered zijn, niet door hun werken – zij hebben wel goede werken gedaan – maar zijn door de Heer gered: “aan onze God die op de troon is gezeten en aan het Lam behoort de overwinning” (Openb. 7, 10). Hij is het die ons redt, Hij is Degene die ons aan het einde van ons leven bij de hand neemt, zoals een papa, juist in die Hemel waar onze voorouders zijn. Eén van de oudsten stelt een vraag: “Wie zijn dat in die witte gewaden en waar komen zij vandaan?” (OPenb. 7, 13). Wie zijn die rechtvaardigen, die heiligen in de Hemel? Antwoord: “Dat zijn degenen die komen uit de grote verdrukking, die hun gewaden hebben wit gewassen in het bloed van het Lam” (Openb. 7, 14).

Wij kunnen slechts in de Hemel komen door het Bloed van het Lam, dank zij het Bloed van Christus. Juist het Bloed van Christus rechtvaardigt ons, opent voor ons de deur van de Hemel. En als wij vandaag aan die broeders en zusters terugdenken die ons in het leven zijn voorgegaan en die in de Hemel zijn, is het omdat zij gewassen zijn in het Bloed van het Lam. Ziedaar onze hoop: hoop op het Bloed van Christus! Hoop die niet teleurstelt. Als wij in het leven op weg gaan met de Heer, ontgoochelt Hij nooit!
Wij hebben in de tweede lezing gehoord wat de apostel Johannes tot zijn leerlingen zegt: “hoe groot is de liefde die de Vader ons betoond heeft! Wij worden kinderen van God genoemd en we zijn het ook. De wereld begrijpt ons niet en ze kent ons niet … nu reeds zijn wij kinderen van God en wat wij zullen zijn is nog niet geopenbaard; maar wij weten dat wanneer het geopenbaard wordt wij aan Hem gelijk zullen zijn omdat wij Hem zullen zien zoals Hij is” (1 Joh. 3, 1-2). God zien, op God gelijken: dat is onze hoop. En vandaag, juist op deze dag van Allerheiligen en voor de dag van de overledenen, is het nodig een beetje aan de hoop te denken: deze hoop die ons in het leven vergezelt. De eerste christenen beeldden de hoop af als een anker, alsof het leven het anker is dat op de oever van de Hemel uitgeworpen wordt, en wij allemaal op weg zijn naar die oever, ons vastklampend aan de koord van het anker. Het is een mooi beeld van de hoop: een hart hebben dat verankerd is daar waar onze voorouders zijn, waar de heiligen zijn, waar Jezus is, waar God is. Ziedaar de hoop die niet ontgoochelt; vandaag en morgen zijn dagen van hoop.
Hoop is een beetje zoals gist, het verwijdt de ziel; er zijn moeilijke momenten in het leven, doch hoopvol, de ziel gaat verder en kijkt naar wat ons te wachten staat. Die dag is een dag van hoop. Onze broeders en zusters zijn bij God en ook wij zullen daar zijn, louter door Gods genade, indien wij de weg van Jezus gaan. De apostel Johannes besluit: “Wie zulk een heil van God verwacht, maakt zich rein zoals Christus rein is” (1 Joh. 3, 3). Ook de hoop reinigt ons, verblijdt ons; deze zuivering in de hoop op Jezus Christus doet ons met spoed verder gaan, onmiddellijk. Nu, voor deze zonsondergang, kan ieder van ons denken aan de vooravond van zijn leven: “hoe zal mijn vooravond zijn?” Wij zullen allemaal een vooravond hebben, iedereen! Kijk ik er hoopvol naar uit? Kijk ik ernaar met de vreugde door de Heer verwelkomd te worden? Zie, dit is een christelijke gedachte die ons vrede geeft. Die dag is een dag van vreugde, van serene vreugde, de vreugde van de vrede. Denken wij aan de vooravond van zo vele broeders en zusters die ons zijn voorgegaan, denken wij aan onze vooravond wanneer die gaat komen. En denken wij aan ons hart en stellen wij ons de vraag: “waar is mijn hart verankerd?” Als het niet goed verankerd is, laten wij het dan op die oever uitwerpen, in het besef dat de hoop niet ontgoochelt, omdat de Heer Jezus niet ontgoochelt.
Na de H. Mis en na de zegening van de graven

Ik zou ook bijzonder willen bidden voor die broeders en zusters die deze dagen overleden zijn toen zij op zoek waren naar vrijheid, naar een waardiger leven. Wij hebben de beelden gezien, de wreedheid van de woestijn, wij hebben de zee gezien waar zo velen verdronken zijn. Laat ons voor hen bidden. En bidden wij ook voor hen die gered werden, en die momenteel in zo vele opvangcentra verzameld zijn, in de hoop dat de wettelijke onderhandelingen vlug verlopen zodat zij elders heen kunnen, naar andere opvangcentra die comfortabeler zijn.

Document

Naam: ALLERHEILIGEN EN ALLERZIELEN: DAGEN VAN HOOP
Soort: Paus Franciscus - Homilie
Auteur: Paus Franciscus
Datum: 1 november 2013
Copyrights: © 2013, Libreria Editrice Vaticana / Stg. InterKerk
Vert. vanuit Franse versie (Zenit.org): Maranatha-Gemeenschap;
alineaverdeling en -nummering: redactie
Bewerkt: 7 november 2019

Referenties naar dit document

 
Geen documenten gevonden!
 
Geen berichten gevonden!

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam