• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

“ADAM, WAAR BEN JE?” - “WAAR IS HET BLOED VAN JE BROER?”
Campo sportivo "Arena" in Località Salina - Lampedusa

Vluchtelingen omgekomen op zee. Boten die in plaats van een weg naar de hoop, een weg naar de dood zijn geweest. Sinds ik enkele weken geleden dit bericht vernam, over wat zich spijtig genoeg herhaaldelijk heeft voorgedaan, zijn mijn gedachten voortdurend naar het gebeuren teruggekeerd. Als een doorn in het hart die onophoudelijk pijn veroorzaakt. Toen heb ik gevoeld dat ik vandaag hier moest komen bidden en een gebaar van nabijheid stellen. En tegelijk onze gewetens wakker schudden opdat niet meer zou gebeuren wat gebeurd is. Laat het zich alsjeblieft niet herhalen. Eerst wil ik een woord van oprechte dankbaarheid en van aanmoediging richten tot jullie, inwoners van Lampedusa en Linosa, tot de verenigingen, de vrijwilligers en tot de veiligheidsinstanties. Jullie hebben aandacht getoond voor personen tijdens hun zoektocht naar iets beters. En jullie doen dat nog altijd. Jullie zijn bescheiden maar een voorbeeld van solidariteit. Dank. Ik denk ook aan de islamitische Vluchtelingen die vanavond de Ramadam-vastentijd beginnen. Ik wens hen veel geestelijke vruchten toe. De kerk is jullie nabij in de zoektocht naar een waardiger leven voor jezelf en je familie.

Vandaag in het licht van Gods woord dat we vanmorgen hoorden, wil ik enkele woorden spreken vooral met het doel het geweten van allen te raken en tot nadenken aanzetten om sommige gedragingen te veranderen.
“Adam, waar ben je?” Na de zonde is dat de eerste vraag die God aan de mens stelt; “waar ben je Adam?” En Adam is een verwarde mens, hij heeft zijn plaats in de schepping verloren. Hij denkt dat hij machtig kan worden, alles kan beheersen, God zijn. Het evenwicht is zoek. De mens vergist zich, ook in zin verhouding tot de medemens. Die is niet langer een broer om lief te hebben, maar eenvoudig weg de ander die mijn leven, mijn welvaart verstoort. En God stelt een tweede vraag : “Kaïn, waar is je broer?” De droom machtig te zijn, groot als God, ja God zelf te zijn, die droom is het begin van een keten van vergissingen, een keten van de dood die leidt tot het vergieten van broederbloed.
Deze twee vragen van God klinken ook vandaag. Met al hun kracht. Velen van ons, mezelf inbegrepen, zijn verward. We hebben geen oog meer voor de wereld waarin we leven, we zorgen niet meer, we behoeden niet langer wat God voor allen geschapen heeft. We zijn niet langer in staat elkaar te behoeden. Wanneer deze verwarring wereldwijd wordt, gebeuren er tragedies zoals die waarvan we getuigen waren.
“Waar is je broer?” God zegt : het bloed van je broer klinkt tot bij mij. Dit is geen vraag aan anderen gericht. Het is een vraag aan mij, aan jou, aan ieder van ons. De broers en zussen waarover het gaat zochten een uitweg voor moeilijke situaties. Hun doel: wat rust en vrede vinden. Ze zochten een betere plek voor zichzelf en hun families. Ze vonden echter de dood. Hoe dikwijls gebeurt het niet dat deze zoekers geen begrip, geen onthaal vinden en geen solidariteit! Hun stemmen klinken tot bij God! Nogmaals bedank ik jullie, bewoners van Lampedusa, voor jullie solidariteit. Recent heb ik een van die broers ontmoet. Om hier te kunnen komen zijn ze in handen gevallen van mensenhandelaars. Mensen die de armoede van mensen uitbuiten. Mensen voor wie de armoede van anderen een bron van gewin is. Wat hebben die broers geleden. Hoevelen zijn niet hier geraakt.

“Waar is je broer?” Wie is verantwoordelijk voor dit bloedvergieten? In de Spaanse letterkunde is er een toneelstuk van Lope de Vega. Het is het verhaal over de inwoners van Fuente Ovejuna die de gouverneur doden omdat het een tiran is. Ze doden op zo’n wijze dat niemand weet wie van hen de dader is. Wanneer de Koninklijke rechter vraagt : “Wie heeft de gouverneur gedood?” – antwoorden allen “Fuente Ovejuna, meneer”. Iedereen en niemand. Ook vandaag wordt diezelfde vraag met scherpte gesteld : wie is verantwoordelijk voor het bloed van deze broers en zussen? Niemand! Allemaal reageren we met : Ik ben het niet, ik heb er niets mee te maken, ’t zullen de anderen zijn, maar ik zeker niet. God echter vraagt aan elk van ons, “Waar is het bloed van je broer dat tot Mij roept?” Op onze dagen voelt niemand zich verantwoordelijk voor wat hier gebeurt. We hebben de zin van de broederlijke verantwoordelijkheid verloren. We hebben de schijnheilige houding aangenomen van de priester en de leviet waarover Jezus spreekt in de parabel van de Barmhartige Samaritaan. We “kijken” allen maar naar de stervende broer aan de rand van de weg. Misschien denken we : sukkel en vervolgen onze weg. Het is niet onze zaak en dat geeft ons rust, we voelen ons goed. De cultuur van de welvaart doet ons nog alleen aan onszelf denken. We worden ongevoelig voor de kreten van de anderen. We worden ongevoelig voor de kreten van de anderen. Die cultuur doet ons leven in zeepbellen – mooi maar betekenisloos. Illusies van het vergankelijke en van het voorlopige, die tot onverschilligheid tegenover de andere leiden, meer nog het zijn illusies die tot een globalisering van de onverschilligheid voeren. In deze wereld vol globalisering zijn we vervallen tot de globalisering van de onverschilligheid. Gewenning aan het lijden van de ander is ons deel geworden. Het raakt ons niet meer. Het raakt ons niet meer!

{...}
“Adam, waar ben je?” “Waar is je broer?” Dat zijn de twee vragen die God, bij het begin van de mensengeschiedenis stelt en ook aan de mensen vandaag, ook aan ons opnieuw stelt. Graag zou ik wensen dat we ons nog een derde vraag stellen: “Wie van ons heeft geweend bij deze gebeurtenissen of bij gelijkaardige gebeurtenissen als deze?” Wie heeft geweend om de dood van deze broers en zussen? Wie heeft geweend om de inzittenden van deze boten? Om de jonge moeders die hun kindjes droegen? Om deze mannen die op zoek waren naar een inkomen voor hun familie? We zijn een samenleving geworden die niet meer kan wenen. Niet meer kan lijden met. De globalisering van de onverschilligheid heeft ons beroofd van het vermogen te wenen! In het Evangelie hebben we de kreet gehoord, de klacht en de treurnis: “Rachel, ween om je kinderen…want ze zijn niet meer.” Herodes heeft dood gezaaid om zijn eigen welvaart te vrijwaren, zijn eigen zeepbel. En dit blijft zich herhalen.... Vragen we de Heer dat Hij uit ons hart verwijdert wat van Herodes in ons is nagebleven.; vragen we de Heer de genade te wenen over onze onverschilligheid; te wenen om de wreedheid in onze wereld, in onszelf, in hen die anoniem socio-economische beslissingen nemen die leiden tot drama’s zoals dit. “Wie heeft geweend? Wie heeft vandaag in onze wereld geweend?”
Heer, in deze liturgische viering, die een liturgie van boete is, vragen we om vergeving voor de onverschilligheid tegenover zovele broers en zussen. We vragen U, Vader, vergiffenis voor hen die zich hebben aangepast en zich in de eigen welvaart hebben opgesloten – de weg naar de gevoelloosheid van het hart. We vragen U vergiffenis voor hen die door hun beslissingen op wereldschaal de omstandigheden geschapen hebben die tot dit soort drama’s leiden. Vergiffenis, Heer!
Laat ons, Heer, ook vandaag Uw vragen horen: “Adam, waar ben je?” “Waar is het bloed van je broer?”

Document

Naam: “ADAM, WAAR BEN JE?” - “WAAR IS HET BLOED VAN JE BROER?”
Campo sportivo "Arena" in Località Salina - Lampedusa
Soort: Paus Franciscus - Homilie
Auteur: Paus Franciscus
Datum: 8 juli 2013
Copyrights: © 2013, Libreria Editrice Vaticana / kerknet.be
Vert.: Marcel De Pauw MSC; alineaverdeling en -nummering: redactie
Bewerkt: 8 september 2013

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2018, Stg. InterKerk, Schiedam