• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
'Rechtvaardig zijt Gij, Heer, en al uw werken en heel uw beleid getuigen van uw barmhartigheid en trouw en als Gij oordeelt zijt Gij trouw en rechtvaardig tot in eeuwigheid.
Bekijk vers 2 in zijn context
(Oude Testament » Tobit » Hoofdstuk 3)
 
Wees mij indachtig en zie op mij neer. Straf mij niet om wat ikzelf en mijn voorvaderen bewust of onbewust tegen U misdaan hebben.
Bekijk vers 3 in zijn context
(Oude Testament » Tobit » Hoofdstuk 3)
 
Zij hebben zich aan uw geboden niet gestoord. Daarom hebt Gij ons prijsgegeven aan plundering, gevangenschap en dood, en aan de spot en hoon van alle volken waaronder wij verstrooid zijn.
Bekijk vers 4 in zijn context
(Oude Testament » Tobit » Hoofdstuk 3)
 
Ook nu zijn al uw beschikkingen billijk, omdat Gij mij behandelt naar mijn eigen zonden en die van mijn voor vaderen. Wij hebben uw geboden immers niet onderhouden en hebben ons niet trouw betoond jegens U.
Bekijk vers 5 in zijn context
(Oude Testament » Tobit » Hoofdstuk 3)
 
Doe daarom met mij wat U goeddunkt. Neem mijn levensadem terug, zodat ik ontbonden word en tot aarde verga. Want de dood is me liever dan het leven, nu ik onverdiend gehoond word en in grote droefheid verkeer. Laat me eindelijk, uit deze benauwenis bevrijd, gaan naar de eeuwige woonplaats. Wend uw aangezicht niet van me af.'
Bekijk vers 6 in zijn context
(Oude Testament » Tobit » Hoofdstuk 3)
 
Diezelfde dag gebeurde het dat Sara, de dochter van Raguël, die in Ekbatana in Medië woonde, beledigd werd door de dienstmeisjes van haar vader.
Bekijk vers 7 in zijn context
(Oude Testament » Tobit » Hoofdstuk 3)
 
Zij was namelijk al aan zeven mannen ten huwelijk gegeven, maar de boze demon Asmodaus had hen gedood nog voor ze gemeenschap met haar hadden gehad. En nu zeiden de dienstmeisjes haar: 'Bent u soms niet goed wijs, dat u die mannen van u wurgt? Zeven hebt u er al gehad, maar met geen een uw voordeel gedaan.
Bekijk vers 8 in zijn context
(Oude Testament » Tobit » Hoofdstuk 3)
 
Daarom hoeft u ons toch niet te slaan? Zijn zij gestorven, gaat u ze dan maar achterna. Dat we nooit in der eeuwigheid een zoon of dochter van u te zien krijgen.'
Bekijk vers 9 in zijn context
(Oude Testament » Tobit » Hoofdstuk 3)
 
Door die woorden werd Sara zo geschokt dat ze zich wilde verhangen. Maar toen dacht ze: 'Ik ben mijn vaders enige kind. Als ik dat doe krijgt hij de schande te dragen en breng ik hem op zijn oude dag van verdriet in het dodenrijk.'
Bekijk vers 10 in zijn context
(Oude Testament » Tobit » Hoofdstuk 3)
 
En ze bad bij het venster: 'Gezegend zijt Gij, Heer mijn God, en gezegend is uw heilige en heerlijke naam de eeuwen door. Dat al uw werken U in eeuwigheid prijzen.
Bekijk vers 11 in zijn context
(Oude Testament » Tobit » Hoofdstuk 3)
 

Document

Naam: HEILIGE SCHRIFT
Willibrordvertaling 1975
Soort: Heilige Schrift
Datum:
Copyrights: © 1975, KBS Boxtel / Uitg Emmaus Brugge
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam