• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

DE LITURGIE, DE SCHOOL VAN HET GEBED: DE HEER ZELF LEERT ONS BIDDEN

Dierbare broeders en zusters,

De laatste maanden hebben wij in het licht van Gods woord een weg afgelegd om steeds authentieker te leren bidden door te kijken naar bepaalde grote figuren uit het Oude Testament, naar de Psalmen, de Brieven van de heilige Paulus en de Apocalyps, maar vooral door Jezus’ unieke en fundamentele ervaring onder ogen te nemen van Zijn relatie tot de hemelse Vader. In feite kan de mens zich alleen in Christus met God verenigen en wel met de diepte en innigheid van een zoon met de vader die van hem houdt; alleen in Hem kunnen wij ons in volle waarheid tot God richten en Hem met genegenheid aanroepen als “Abba, Vader!”. Zoals de apostelen hebben ook wij in deze weken en ook vandaag herhaaldelijk tot Jezus gezegd: “Heer, leer ons bidden” (Lc. 11, 1).

Om deze persoonlijke band met God intenser te leren beleven, hebben wij bovendien geleerd de Heilige Geest te aanroepen, de eerste Gave van de Verrezene aan de gelovigen, omdat Hij “onze zwakheid te hulp komt. Want wij weten niet eens, hoe wij behoren te bidden” (Rom 8,26), zegt de heilige Paulus en wij weten hoezeer hij gelijk heeft.

Van daaruit kunnen wij ons na een lange catechesereeks over het gebed in de Schrift, afvragen: hoe kan ik mij door de Heilige Geest laten vormen om in Gods sfeer te treden, met God te bidden? In welke school leert Hij mij bidden, komt Hij mij te hulp wanneer ik de juiste manier niet ken om mij tot God te richten? De eerste gebedsschool – dat zagen wij deze laatste weken – is Gods woord, de Heilige Schrift. De Heilige Schrift is een permanente dialoog tussen God en mens, een progressieve dialoog waarbij God zich meer en meer nabij toont, waarbij wij Zijn gelaat, Zijn stem, wie Hij is, steeds beter kunnen leren kennen; en de mens leert het aanvaarden God te kennen en met God te spreken. In de voorbije weken, hebben wij dus bij het lezen van de Heilige Schrift geprobeerd vanuit de Schrift, vanuit deze permanente dialoog, in contact te treden met God.

Er is een andere waardevolle “ruimte”, een andere waardevolle “bron” om in gebed te groeien, een bron van levend water die in zeer nauw verband staat met de vorige. Ik verwijs hier naar de liturgie, een bevoorrecht midden waar God tot ieder van ons spreekt, hier en nu, en ons antwoord verwacht.

Wat is de liturgie? Wanneer wij de Catechismus-Compendium
Catechismus van de Katholieke Kerk
(15 augustus 1997)
openslaan - die altijd een kostbare hulp is, ik zou zelfs zeggen een onmisbare hulp - kunnen wij lezen dat het woord “liturgie” oorspronkelijk betekent “een dienst uit naam van/ten gunste van het volk” Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 1069. Indien de christelijke theologie deze term aan de Griekse wereld heeft ontleend, heeft zij dat duidelijk gedaan met het nieuwe volk Gods in gedachten, volk dat uit Christus is geboren, die de armen op het kruis heeft uitgestrekt om de mensen te verenigen in de vrede van de ene God. “Dienst ten gunste van het volk”, een volk dat niet op zijn eentje bestaat, maar zich dank zij het Paasmysterie van Jezus Christus heeft gevormd. Het volk van God bestaat namelijk niet door bloedverwantschap, door grondgebied of natie, maar wordt steeds geboren uit het werk van Gods Zoon en de gemeenschap met de Vader die de Zoon voor ons verkrijgt.

De Catechismus wijst er trouwens op dat “in de christelijke traditie (het woord ‘liturgie’) wil aangeven dat het Volk van God deelneemt aan het ‘werk van God’” Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 1069, omdat het volk van God als zodanig, alleen bestaat door Gods handelen.

Zelfs het Tweede Vaticaans Concilie bracht ons dat in herinnering door zijn werkzaamheden, juist vijftig jaar geleden, te beginnen met de bespreking van de regels voor de heilige liturgie, waarvan de 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
. Dat het 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
de eerste vrucht van de concilievergadering was, kan door sommigen als toeval beschouwd worden. Onder de vele projecten leek de tekst over de heilige liturgie de minst controversiële en precies om die reden leek hij ook een soort oefening om de methodologie van de conciliaire werkzaamheden te leren. Doch zonder enige twijfel is, wat op het eerste zicht toeval leek, in de hiërarchie van de belangrijkste thema’s en taken van de Kerk, de beste keuze gebleken. Door namelijk met het thema “liturgie” te beginnen, heeft het concilie het primaat van God, Zijn absolute prioriteit, zeer duidelijk in het licht gesteld. God, voor alles: dat legt de keuze van het concilie ons juist uit wanneer het met de liturgie begonnen is. Waar de blik op God niet bepalend is, verliest al het andere zijn oriëntatie. Het fundamentele criterium voor de liturgie is haar oriëntatie op God, om zo aan Zijn werk te kunnen deelnemen.

Maar wij kunnen ons afvragen: wat is Gods werk, waartoe wij geroepen zijn deel te nemen? Het antwoord dat de 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
ons biedt, lijkt dubbel. In 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
staat namelijk dat Gods werk, Zijn historisch optreden is dat ons het heil brengt en zijn hoogtepunt vond in de dood en verrijzenis van Jezus Christus; maar in 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
noemt de Constitutie de viering van de liturgie het “werk van Christus”. In werkelijkheid zijn deze twee betekenissen onafscheidelijk verbonden. Als wij ons afvragen wie de wereld en de mens redt, is het enige antwoord: Jezus van Nazareth, Heer en Christus, gekruisigd en verrezen. En waar wordt voor ons, voor mij, vandaag, het mysterie van de dood en de verrijzenis van Christus die het heil brengt, actueel? Het antwoord is: in de werkzaamheid van Christus door de Kerk, in de liturgie, in het bijzonder in het sacrament van de Eucharistie, die het offer aanwezig brengt van Gods Zoon, die ons heeft vrijgekocht; in het sacrament van de verzoening waar men overgaat van de dood van de zonde naar het nieuwe leven; en in de andere sacramentele handelingen die ons heiligen Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Decreet, Over het leven en dienst van de priester, Presbyterorum Ordinis (7 dec 1965), 5. Zo is het Paasmysterie van de dood en de verrijzenis van Christus het centrum van de liturgische theologie van het Concilie.
Laat ons verder gaan en ons de vraag stellen: hoe wordt deze actualisatie van Christus’ Paasmysterie mogelijk? 25 Jaar na de Constitutie 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
schreef de zalige Paus Johannes Paulus II : “Om Zijn paasmysterie te actualiseren is Christus altijd daar, aanwezig in Zijn Kerk, vooral in de liturgische handelingen. De liturgie is namelijk de bevoorrechte ontmoetings-“plaats” van de Christenen met God en met Degene die Hij gezonden heeft, Jezus Christus Vgl. Joh. 17, 3 H. Paus Johannes Paulus II, Apostolische Brief, 25e Verjaardag van de promulgatie van het Conciliedocument Sacrosanctum Concilium over de heilige liturgie, Vicesimus Quintus Annus (4 dec 1988), 7. In dezelfde lijn lezen wij in de Catechismus-Compendium
Catechismus van de Katholieke Kerk
(15 augustus 1997)
: “Een sacramentele viering is een ontmoeting van de kinderen van God met hun Vader, in Christus en de heilige Geest. De uitdrukkingsvorm van deze ontmoeting is de dialoog, bestaande uit handelingen en woorden” Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 1153. Bijgevolg is de eerste vereiste voor een goede liturgieviering dat zij gebed zou zijn, gesprek met God, vooral luisteren, en dus antwoord. Wanneer de heilige Benedictus in zijn H. Benedictus van Nursia
Regula monasticorum
Regel voor monniken ()
over het gebed der Psalmen spreekt, zegt hij dit tot de monniken: “mens concordet voci” - “moge de geest in overeenstemming zijn met de stem”. De heilige leert dat in het psalmgebed, de woorden moeten voorafgaan aan onze geest. Gewoonlijk gaat het niet zo, moeten wij eerst nadenken en wordt vervolgens wat wij gedacht hebben in woorden omgezet. Hier, in de liturgie, is het omgekeerd: het woord gaat vooraf. God heeft ons het woord gegeven en de heilige liturgie geeft ons woorden: wij moeten in de woorden intreden, in hun betekenis, ze in ons opnemen, ons op deze woorden afstemmen; zo worden wij kinderen van God, op God gelijkend. Zoals 2e Vaticaans Concilie - Constitutie
Sacrosanctum Concilium
Over de heilige liturgie
(4 december 1963)
zegt, om totale doeltreffendheid van de viering te verzekeren, “is het nodig, dat de gelovigen in de juiste geestesgesteltenis tot de heilige liturgie opgaan, hun gezindheid in overeenstemming brengen met wat zij zeggen en met de genade van boven meewerken, om deze niet tevergeefs te ontvangen” 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de heilige liturgie, Sacrosanctum Concilium (4 dec 1963), 11. Het fundamentele, het eerste element van de dialoog met God in de liturgie, is overeenstemming tussen wat wij zeggen met de mond en wat wij in ons hart dragen. Door in de woorden van de grote geschiedenis van het gebed binnen te treden, worden wij in overeenstemming gebracht met de geest van deze woorden en bekwaam om met God te spreken.
Wat dit betreft, zou ik willen stilstaan bij een moment in de liturgie, dat ons aanspreekt en helpt deze overeenstemming te vinden, dat ons in overeenstemming brengt met wat wij in de liturgieviering horen, zeggen en doen. Ik verwijs naar de uitnodiging van de celebrant voor het Eucharistisch Hooggebed: “Sursum corda”, “verheffen wij ons hart” door de wanorde los te laten van onze bezigheden, verlangens, angsten, verstrooidheden. Ons hart, ons binnenste, moet zich volgzaam openstellen voor Gods woord en het gebed van de Kerk overwegen, om zijn oriëntatie naar God te ontvangen uit de woorden die het beluistert en uitspreekt. De blik van ons hart moet zich naar God richten die in ons midden is: dat is een fundamentele houding.
Wanneer wij de liturgie in deze grondhouding vieren, is ons hart als het ware onttrokken aan de zwaartekracht die het naar beneden trekt en verheft het zich innerlijk naar boven, naar de waarheid, de liefde, naar God. Zoals de Catechismus-Compendium
Catechismus van de Katholieke Kerk
(15 augustus 1997)
zegt: “De zending van Christus en van de heilige Geest, die in de sacramentele liturgie van de kerk het heilsmysterie verkondigt, actueel maakt en het meedeelt, krijgt een vervolg in het hart dat bidt. De vaders van de spiritualiteit vergelijken het hart soms met een altaar” Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 2655: “altare Dei est cor nostrum”.
Dierbare vrienden, wij vieren en beleven de liturgie pas goed indien wij in een gebedshouding blijven, en niet als wij “iets willen doen”, als wij ons laten zien of handelen, maar als wij ons hart naar God richten en in een gebedshouding blijven door ons te verenigen met het mysterie van Christus en met het gesprek van de Zoon met de Vader. God zelf leert ons bidden, zegt de heilige Paulus Vgl. Rom. 8, 26 . Hij heeft ons zelf de gepaste woorden gegeven om ons tot Hem te richten, woorden die wij in het boek der psalmen vinden, in de grote gebeden van de heilige liturgie en de eucharistieviering. Bidden wij de Heer dat Hij ons elke dag bewuster maakt van het feit dat liturgie het handelen is van God en de mens, een gebed dat opwelt uit de Heilige Geest en uit onszelf, helemaal naar de Vader gericht, in eenheid met Gods mens geworden Zoon Vgl. Catechismus-Compendium, Catechismus van de Katholieke Kerk (15 aug 1997), 2564.

Document

Naam: DE LITURGIE, DE SCHOOL VAN HET GEBED: DE HEER ZELF LEERT ONS BIDDEN
Soort: Paus Benedictus XVI - Audiëntie
Auteur: Paus Benedictus XVI
Datum: 26 september 2012
Copyrights: © 2012, Libreria Editrice Vaticana
Vert.: Sorores Christi; alineaverdeling en -nummering: redactie
Bewerkt: 30 augustus 2013

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
 
|
Pagina delen: 
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2019, Stg. InterKerk, Schiedam