• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x

Hier nu, eerbiedwaardige Broeders, wordt ons de toegang vrijgemaakt om de modernisten in het theologisch strijdperk gade te slaan. Het is een kwalijke zaak. Wij zullen het echter kort maken. De bedoeling is derhalve om geloof en wetenschap met elkaar in overeenstemming te brengen. Maar dat moet zo zijn dat het geloof ondergeschikt blijft aan de wetenschap. Doch over het algemeen maakt de modernistische theoloog gebruik van dezelfde beginselen, die zoals wij zagen, ook gehanteerd worden door de wijsgeer. De theoloog maakt ze pasklaar voor de gelovige. Het gaat, zeiden Wij, over de beginselen van "immanentie" en "symbolisme". Deze zaak wordt heel eenvoudig verklaard. Door de filosoof wordt geleerd dat het geloofsbeginsel immanent of innerlijk is. De gelovige voegt daaraan toe dat God zelf dit beginsel is. Dit houdt in dat God innerlijk is voor de mens. Dat is de theologische immanentie. En verder; voor de wijsgeer staat het vast dat de voorstellingen van het geloofsvoorwerp enkel en alleen symbolen zijn. Voor de gelovige staat het eveneens vast dat God door zichzelf het voorwerp is van het geloof. De theoloog vat het aldus samen: De voorstellingen van de Goddelijke realiteit zijn symbolen. Vandaar de naam "theologisch symbolisme".

Dit zijn zeker heel grote dwalingen. Hoe uiterst verderfelijk deze dwalingen zijn zal duidelijk worden als men de gevolgen daarvan gaat inzien.

Beginnen we met het "symbolisme": Met betrekking tot het geloofsvoorwerp zijn het voorstellingen van goddelijke symbolen, doch ten opzichte van de gelovigen zijn het instrumenten. De gelovige moet dus allereerst, zeggen zij, er goed voor zorgen, dat hij zich niet al te zeer vastklampt aan de formulering (dogma) als zodanig. Deze dient alleen om te komen tot het aanvaarden van de absolute waarheid, welke door de formulering ontsluierd maar tevens bedekt wordt. De formulering tracht de absolute waarheid te ontsluieren, maar zal daar nooit in slagen. De modernisten voegen daar bovendien aan toe dat de gelovige gebruik moet maken van de formuleringen naar gelang het van pas komt. Zij zijn immers gegeven als een hulpmiddel en niet als een hinderpaal. Doch de eerbied welke aan de formuleringen gegeven wordt mag niet wegvallen vanwege hun sociaal karakter, aangezien het openbaar leergezag ze geschikt bevonden heeft om het gemeenschappelijk bewustzijn te verwoorden, tenminste zolang dit leergezag er niet anders over gaat denken.

Het is moeilijk te beoordelen wat de modernisten nu feitelijk bedoelen met "immanentie". De meningen hierover lopen nogal uiteen. Sommigen zien daarin dat de handelende God inniger tegenwoordig is dan de mens in zich zelf. Wel verstaan is dit onberispelijk. Anderen zeggen dat Gods activiteit als eerste oorzaak samenvalt met die van de natuur als tweede oorzaak. Deze opvatting sluit een bovennatuurlijke orde uit. Anderen weer geven een verklaring die een pantheïstische uitleg doet vermoeden. Dit strookt ook beter met hun andere leerstellingen.

Document

Naam: PASCENDI DOMINICI GREGIS
Over de leerstellingen van het modernisme
Soort: H. Paus Pius X - Encycliek
Auteur: H. Paus Pius X
Datum: 8 september 1907
Copyrights: © 1975, Stichting tot Behoud van het R.K. Leven, Tilburg
Bewerkt: 10 september 2020

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2020, Stg. InterKerk, Schiedam